Schaakbordpatroon

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Voor de andere betekenis van schaakbordpatroon, zie Schaakbord.

Veel steden hebben een rechthoekig schaakbordpatroon of dambordpatroon, dat wil zeggen, dat de straten loodrecht op elkaar zijn aangelegd.

Men spreekt ook wel van het Hippodamische systeem, naar de Griekse architect en stedenbouwkundige Hippodamus van Milete uit de 5e eeuw v.Chr., die dit systeem voor het eerst op grote schaal heeft toegepast. Tegenwoordig wordt het ook vaak gridstructuur of kortweg grid genoemd. Vóór Milete werd deze structuur al toegepast in Klein-Azië, Mesopotamië en ook tijdens de Chinese oudheid in China.[1]

Een bekend voorbeeld is de stad New York. Toen Manhattan in het begin van de negentiende eeuw werd gebouwd, kreeg het een nieuw stadsplan, waarbij de avenues van noord naar zuid liepen en de streets van oost naar west.

Hippodamische systeem[bewerken]

Hippodamus van Milete leefde in de vijfde eeuw v.Chr. Waarschijnlijk leerde hij de planmatige stadsaanleg kennen toen zijn geboortestad Milete na de verwoesting door de Perzen in 494 v.Chr. opnieuw werd opgebouwd vanaf 479 v.Chr. Vervolgens was Hippodamus zelf actief bij de stadsaanleg van Piraeus (ca. 450 v.Chr.) en Thurii (444/443 v.Chr.).

In het systeem dat zijn naam staat groeit een stad niet geleidelijk zonder plan (zoals oude Griekse steden vaak rondom een akropolis ontstonden), maar wordt hij planmatig aangelegd met elkaar recht kruisende straten die de stad in huizenblokken van gelijke grootte verdelen. Op centrale plaatsen wordt een aantal huizenblokken uitgespaard voor de markt (Grieks: agora) en openbare gebouwen. Het Hippodamische systeem is onder meer ook toegepast in Magnesia, Priëne, Knidos, Olynthos, Megalopolis en Selinus. In de hellenistische tijd komt er meer verschil tussen brede hoofdstraten en smallere secundaire straten.

Het castra-model[bewerken]

De Romeinen gebruikten bij de aanleg van nieuwe steden een vergelijkbaar systeem dat gebaseerd was op de manier waarop ze hun legerkampen (castra) aanlegden en daarom het castra-model wordt genoemd. De Romeinen pasten dit systeem toe bij de coloniae die zij vanaf de derde eeuw v.Chr. nieuw aanlegden. Uitgangspunt vormt een assenstelsel van een noord-zuidstraat, de cardo (Latijn voor ‘as’), en een langere oost-weststraat, de decumanus. Bij het kruispunt van deze straten lagen de markt (Latijn: forum) en andere centrale voorzieningen. Parallel aan de cardo en de decumanus werden andere straten aangelegd waardoor de stad volgens het schaakbordpatroon in gelijke huizenblokken werd verdeeld. De parallelstraten heetten eveneens cardo (meervoud: cardines) en decumanus (meervoud: decumani); ter onderscheid noemde men de hoofdstraten daarom wel cardo maximus en decumanus maximus.

Een van de best bewaarde voorbeelden van een Romeinse stad die volgens het castramodel is aangelegd is Timgad (Romeins: Colonia Marciana Traiana Thamugadi) in Algerije. Vaak is ook in moderne plaatsen met een Romeinse oorsprong het schaakbordpatroon nog terug te vinden, zoals in de Italiaanse plaatsen Aosta (Rom.: Augusta Praetoria) en Lucca (Rom.: Luca). Ook in het Duitse Xanten waar de Romeinse plaats Colonia Ulpia Traiana gedeeltelijk is opgegraven en herbouwd, is het schaakbordpatroon te zien. Het Romeinse Pompeï heeft een stadsuitbreiding gekregen in de vorm van een schaakbordpatroon, en Herculaneum is volgens een schaakbordpatroon aangelegd, maar in het geval van deze twee plaatsen is niet uit te maken of het invloed was van het Hippodamische systeem vanuit Griekse steden in Zuid-Italië of dat het vroege voorbeelden van het castra-model zijn.

Polders[bewerken]

Kaart van de Beemster uit 1869

Het van de Romeinen overgenomen castra-model werd in Nederland ook toegepast in drooggemalen polders voor de planning van wegen en de indeling in percelen. Het eerst werd dit gedaan in de Beemster, die in 1612 werd drooggemalen. De polder heeft een schaakbordpatroon van wegen, met twee hoofdwegen (zoals bij de Romeinen de cardo en de decumanus) en op de kruising daarvan de hoofdplaats Middenbeemster (zoals bij de Romeinen het forum). Een ander voorbeeld is de Haarlemmermeer (1852), met Hoofddorp als centrale plaats.

Moderne steden[bewerken]

Ook in de aanleg van moderne steden is het schaakbordpatroon vaak te vinden. De oude binnenstad van het Duitse Mannheim is ingedeeld in regelmatige ‘Quadrate’, die genummerd werden met letters en cijfers. In de stad New York kreeg Manhattan in het begin van de negentiende eeuw een nieuw stadsplan waarbij de avenues van noord naar zuid liepen en de streets van oost naar west. Ze kregen allemaal een nummer. Ook de het Spaanse Barcelona is aan het eind van de negentiende eeuw gebouwd met huizenblokken van gelijke grootte en elkaar loodrecht kruisende straten.

Schaakbordpatroon vs. slakstructuur[bewerken]

In Zuid-Frankrijk werd in Valbonne door monniken het schaakbordpatroon geïntroduceerd in plaats van de slakstructuur. Dat was aan het begin van de 16e eeuw. Tijdens de middeleeuwen was in Mougins nog de slakstructuur gebruikt. Met het schaakbordpatroon werd voorkomen dat er bij wind 'trek' ontstond, waardoor de kans dat er in de stad brand uitbrak sterk werd verminderd. Met de mistral in de hete zomer werd de kans op een ramp veel kleiner dan in plaatsen gebouwd met een slakstructuur.