Sebastian Kurz

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Sebastian Kurz
Kurz in 2018
Geboren 27 augustus 1986
Wenen
Politieke partij Oostenrijkse Volkspartij
Bondskanselier van Oostenrijk
Aangetreden 7 januari 2020
Einde termijn 11 oktober 2021
President Alexander Van der Bellen
Voorganger Brigitte Bierlein
Opvolger Alexander Schallenberg
Aangetreden 18 december 2017
Einde termijn 28 mei 2019
President Alexander Van der Bellen
Voorganger Christian Kern
Opvolger Hartwig Löger
Minister van Buitenlandse Zaken
Aangetreden 16 december 2013
Einde termijn 18 december 2017
President Heinz Fischer
Alexander Van der Bellen
Premier Werner Faymann
Christian Kern
Voorganger Michael Spindelegger
Opvolger Karin Kneissl
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Sebastian Kurz (Wenen, 27 augustus 1986) is een Oostenrijkse christendemocratische politicus en leider van de Oostenrijkse Volkspartij (ÖVP). Van 7 januari 2020 tot 11 oktober 2021 was hij de bondskanselier van Oostenrijk, nadat hij dit tussen 2017 en 2019 ook al was.

Eerder was Kurz minister van Buitenlandse Zaken en Integratie in de centrumlinkse regeringen van bondskanseliers Werner Faymann (2013-2016) en Christian Kern (2016-2017). Op 14 mei 2017 werd Kurz door de ÖVP gekozen als partijleider.

Biografie[bewerken | brontekst bewerken]

Jeugd en studie[bewerken | brontekst bewerken]

Kurz werd geboren in Wenen en groeide op in de wijk Meidling, waar hij nog steeds woont. Van 1992 tot 1996 volgde hij basisonderwijs aan de volksschool in de Weense wijk Liesing, waarna hij toetrad tot het Bundesgymnasium en Realgynasium in Wenen. Hij slaagde in 2004 voor zijn toelatingsexamen voor de universiteit. Na de middelbare school vervulde Kurz zijn militaire dienstplicht. Vanaf 2005 studeerde hij rechten aan de Universiteit van Wenen, maar hij maakte deze studie niet af vanwege zijn politieke ambities.

Minister en partijleider[bewerken | brontekst bewerken]

In 2009 werd Kurz gekozen als voorzitter van de JVP, de jongerenafdeling van de Oostenrijkse Volkspartij. Voor deze partij zat hij tussen 2010 en 2011 in de gemeenteraad van Wenen. In 2011 betrad Kurz de landelijke politiek. Hij was tussen april 2011 en december 2013 staatssecretaris voor Integratie en aansluitend, tot december 2017, minister van Buitenlandse Zaken. In deze functie vertegenwoordigde Kurz tevens de portefeuille Integratie. Bij zijn aanstelling was Kurz de jongste minister sinds de oprichting van de Republiek Oostenrijk en de jongste minister van Buitenlandse Zaken in de Europese Unie.

Nadat Reinhold Mitterlehner op 10 mei 2017 zijn aftreden bekendgemaakt had, werd Kurz op 14 mei 2017 door de ÖVP gekozen als nieuwe partijleider. Hij stelde wel zeven voorwaarden voor het aanvaarden van deze functie en deze voorwaarden werden allemaal ingewilligd. Hij kreeg bijvoorbeeld meer invloed op de samenstelling van de kieslijsten op nationaal en landelijk (d.w.z. van de verschillende bondslanden) niveau, en er moesten om en om afwisselend mannen en vrouwen op de lijst komen.

Kurz wilde Reinhold Mitterlehner niet opvolgen als vicekanselier en zei een voorkeur voor Wolfgang Brandstetter, de minister van Justitie, als vicekanselier te hebben. Kurz wou niet de zoveelste doorstart van de kabinetten-Faymann, maar vond het tijd voor vervroegde verkiezingen. De SPÖ ging hiermee akkoord en de verkiezingen vonden op 15 oktober 2017 plaats. De ÖVP werd de winnaar met 31,5 procent van de stemmen, een winst van bijna 8 procentpunten ten opzichte van de vorige verkiezingen in 2013.

Bondskanselier[bewerken | brontekst bewerken]

Op 20 oktober werd Kurz formeel door president Alexander Van der Bellen gevraagd om een nieuwe regering te vormen. Vanwege de 'nieuwe politieke stijl' die Kurz tijdens de verkiezing beloofd had (als kritiek op de moeizame coalities van SPÖ en ÖVP), startte Kurz de coalitiebesprekingen met de rechts-populistische FPÖ. Op 18 december werd het eerste kabinet-Kurz formeel beëdigd en werd Kurz bondskanselier. Met zijn leeftijd van 31 jaar werd hij daarmee de jongste regeringsleider die Europa ooit gekend heeft.

In reactie op de Ibiza-affaire en het terugtreden van vicekanselier Heinz-Christian Strache (FPÖ), beëindigde Kurz op 18 mei 2019 de samenwerking met de FPÖ. Op 21 mei droeg hij minister van Binnenlandse Zaken Herbert Kickl (FPÖ) bij de bondspresident voor ontslag voor. In reactie daarop dienden de overige FPÖ-ministers eveneens hun ontslag in.[1] Op 22 mei werd een aantal partijloze deskundigen in de ontstane vacatures benoemd.[2] Op 27 mei 2019 zegde de Nationale Raad het vertrouwen in de regering op.[3] De volgende dag werd de ministers ontslag verleend en een overgangsregering benoemd onder leiding van vicekanselier Hartwig Löger. Kurz keerde daarin niet terug.[4] Vanaf 3 juni 2019 werd de macht overgenomen door de partijloze Brigitte Bierlein.

Bij de parlementsverkiezingen in september 2019 wist de ÖVP onder leiding van Kurz wederom een grote zege te boeken; de partij ging van 62 naar 71 zetels. Kurz kreeg van president Van der Bellen opnieuw de opdracht een coalitie te vormen en deed dit met de centrumlinkse partij Die Grünen, eveneens een grote winnaar. Het kabinet-Kurz II, en daarmee zijn tweede periode als bondskanselier, ging van start op 7 januari 2020.

Op 9 oktober 2021 trad hij af als kanselier vanwege het onderzoek van Justitie naar corruptie (zie hieronder). Hij werd opgevolgd door minister van Buitenlandse Zaken Alexander Schallenberg.

Justitieel onderzoek[bewerken | brontekst bewerken]

In mei 2021 maakte Kurz bekend dat hij en zijn stafchef worden onderzocht door het Oostenrijkse openbaar ministerie. Er wordt onderzocht of Kurz heeft gelogen tegen een parlementaire commissie naar aanleiding van de Ibiza-affaire en eventuele andere gevallen van corruptie. Kurz heeft zelf aangegeven de waarheid tegen de commissie te hebben gesproken.[5]

In oktober 2021 werd het kantoor van Kurz doorzocht vanwege een verdenking van corruptie.[6]

Voorganger:
Christian Kern
Bondskanselier van Oostenrijk
Kabinet-Kurz I
2017–2019
Opvolger:
Hartwig Löger (a.i.)
Voorganger:
Brigitte Bierlein
Kabinet-Kurz II
2020–2021
Opvolger:
Alexander Schallenberg