Slag bij Issos (333 v.Chr.)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slag bij Issos
Onderdeel van Oorlogen van Alexander de Grote
Verreweg de bekendste visuele bron van Slag bij Issos: de 'Alexandermozaïek' (Villa van de Faun, Pompeï 1e eeuw v.Chr. in het Museo Archeologico Nazionale di Napoli)
Verreweg de bekendste visuele bron van Slag bij Issos: de 'Alexandermozaïek' (Villa van de Faun, Pompeï 1e eeuw v.Chr. in het Museo Archeologico Nazionale di Napoli)
Datum 5 november 333 v.Chr.
Locatie Issos in huidig Turkije
Resultaat Macedonische overwinning
Territoriale
veranderingen
Alexander verovert zuidelijk Asia Minor.
Strijdende partijen
Macedoniërs Achaemenidische Rijk
Griekse huurlingen
Commandanten en leiders
Alexander de Grote Darius III
Arsames †
Reomithres
Atizyes
Bubaces
Sabaces
Troepensterkte
40.850 in totaal:
13,000 peltasts,[1]
22,000 zware infanterie,[2]
5.850 cavalerie[2]
85.000-100.000 (primaire bronnen)
25.000 in totaal (Delbrück)[3]
108.000 in totaal (Warry)[3]
Verliezen
7.000[4] ca. 20.000

De Slag bij Issos was een veldslag tussen enerzijds de Perzen onder aanvoering van koning Darius III en anderzijds de Macedoniërs en Grieken onder leiding van Alexander de Grote, in 333 v.Chr., welke laatsten de zege behaalden. Issos was een kleine plaats gelegen ten noorden van het huidige İskenderun (vroeger Alexandrette) in de provincie Hatay, aan de kust in de uiterste zuidpunt van Turkije.

De Slag van Issos van Jan Brueghel de Oude, in het Louvre

Verloop van de slag[bewerken]

Darius wilde Alexander verslaan in een massale veldslag, met inzet van zijn grote overmacht, maar Alexander won de slag door zijn strategisch vernuft. Hoewel Darius vlak voor de slag op een voor hem veel gunstiger positie stond, een open vlakte in het Assyrische gebied, waar hij met zijn massale leger en ruiterij goed zou kunnen manoeuvreren, ging hij door verkeerd advies en vleierij achter Alexander aan. Hij trok over het gebergte, door de Amanische Poort, op naar Issos waar hij alle achtergebleven Macedoniërs liet verminken en vermoorden. De volgende dag trok hij verder naar de rivier Pinaros.

Toen Alexander hoorde dat Darius (met zijn leger van 600.000 man in de schatting van Arrianus) zich achter hem bevond, sprak hij zijn commandanten toe en wees hen erop dat zij in alle opzichten al de overwinnaars waren. Ze bevonden zich inmiddels op een smal ingesloten terrein, waar Darius zijn leger niet kon ontplooien. Zij hadden tot nu toe alle slagen gewonnen en waren hierdoor ook in moreel opzicht de betere, en daar waar Grieken tegen Grieken zouden vechten betrof het hier sterk gemotiveerde Macedoniërs en hun gelijkwaardige bondgenoten tegen Griekse onderbetaalde huurlingen en Perzische slaven.
Na opstelling van beide legers begon de veldslag door het oversteken van de rivier. De linkervleugel van de Perzen sloeg al vrij snel in een man tegen man gevecht op de vlucht. De Griekse huurlingen vochten nog wel op de rechterflank verbeten met de Macedonische falanx, die de snelheid van het leger niet kon bijhouden en daardoor een gat in hun linies had, maar na de vlucht van de Perzen was er ruimte om de falanx te ontzetten. De Macedoniërs vielen de Griekse huurlingen in de flank aan en hakten ze in de pan. Ook was er hier sprake van onderlinge nationale rivaliteit tussen de Grieken en de Macedoniërs. Darius sloeg in paniek op de vlucht, zijn strijdwagen, boog, schild en koningsmantel achterlatend om zijn vlucht te versnellen. Onder de Perzen sneuvelden zo'n 100.000 man waaronder 10.000 ruiters. Het kampement van Darius viel zonder slag of stoot in de handen van Alexander, waarbij ook Darius' moeder Sisygambis, vrouw Stateira I, twee dochters Stateira II en Drypetis en zijn zoon gevangen werden genomen.

Bronnen[bewerken]

Oudheid[bewerken]

Modern[bewerken]

Referenties[bewerken]

  1. Warry (1998) schat de omvang van Alexanders leger op 31.000 in totaal.
  2. a b Moerbeek (1997)
  3. a b Slag bij Issos (Pothos.org)
  4. Welman schat dat meer dan 16% van het Macedonische leger gedood werd

Externe links[bewerken]