Naar inhoud springen

Sprint (baanwielrennen)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Sprint
Victoria Pendleton (l) en Guo Shuang (r) aan het sprinten op de WK van 2010
Victoria Pendleton (l) en Guo Shuang (r) aan het sprinten op de WK van 2010
Algemene gegevens
Organisatie Vlag van België België: KBWB
Vlag van Nederland Nederland: KNWU
Vlag van Suriname Suriname: SWU
Mondiaal: UCI
Categorie Baanwielrennen
Locatie Wielerpiste
Olympisch 1896
Competities / Kampioenschappen
Kampioen­schappen BK / NK / EK / WK / OS
Kampioenen
Wereld­kampioen Vlag van Nederland Harrie Lavreysen (m)
Vlag van Nederland Hetty van de Wouw (v)
Olympisch kampioen Vlag van Nederland Harrie Lavreysen (m)
Vlag van Nieuw-Zeeland Ellesse Andrews (v)
Verwante sporten
Disciplines Tijdrijden
Achtervolging
Stayeren
Keirin
Omnium
Puntenkoers
Koppelkoers
Scratch
Zesdaagse
Werelduurrecord
Verwante sporten Veldrijden
Wegwielrennen
Portaal  Portaalicoon   Sport
Wielrennen

De sprint is een onderdeel van baanwielrennen waarbij twee tegenstanders het tegen elkaar opnemen in een race over een parcours van 1000 meter. De race vindt plaats over vier ronden op een 250 meter lange wielerbaan, of drie ronden op een baan van 333,33 meter.

Voor de start wordt er geloot welke renner er voorop start, deze moet de eerste halve ronde blijven rijden zonder stil te staan. Pas daarna kan hij proberen de kop op te dringen aan de andere renner. In tegenstelling tot bijvoorbeeld bij de atletieksprint beginnen de deelnemers niet direct met sprinten vanaf de startstreep. Het eerste stuk van de race is vaak een tactisch spel waarbij de tegenstanders elkaar observeren en wachten tot de ander de sprint inzet. Het doel hiervan is vaak proberen de andere deelnemer voorop te laten raken. De reden hiervoor heeft te maken met aerodynamica. Bij de hoge snelheden van de sprint kan de deelnemer die net achter zijn tegenstander blijft profiteren van een verlaagde luchtweerstand. Net voor de finish probeert de achterliggende deelnemer vervolgens zijn tegenstander in te halen. Om dit tegen te gaan kan de deelnemer die voorop rijdt plotseling versnellen als de finish in zicht komt.

Vroeger maakten sommige renners er een specialiteit van om door te surplacen (stilstaan op de fiets) de leiding op te dringen aan hun tegenstander; zo een surplace kon soms meer dan een halfuur duren. Door een wijziging in het reglement komt dit nu niet meer voor: als de renners langer dan een bepaalde tijd stilstaan wordt de wedstrijd geannuleerd en moeten ze opnieuw beginnen.

In de sprint wordt alleen over de laatste 200 meter de tijd opgenomen van beide deelnemers. Gedurende die laatste 200 meter dienen de deelnemers op hun lijn te blijven.

Algemeen wordt aangenomen dat de renner die op kop moet rijden benadeeld is; daarom worden er steeds twee ritten verreden, een sprintmatch. Wie de eerste rit aan de leiding is vertrokken mag de tweede rit als tweede starten. Als elke renner een rit wint, moeten ze een derde en beslissende rit rijden.

  • De keirin, waarbij meer dan twee deelnemers betrokken zijn, meestal zijn dit er zes.
  • De teampsrint, waarbij drie renners van eenzelfde ploeg rondjes rijden. Na drie rondes te hebben verreden wordt de tijd gemeten van de renner die als eerste finisht.
Zie de categorie Sprint (track cycling) van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.