Toegankelijkheid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De toegankelijkheid van een locatie of evenement heeft betrekking op het er mogen en kunnen zijn. Voor het publiek toegankelijk wordt ook genoemd openbaar of openbaar toegankelijk: iedereen mag er zijn, al of niet tegen betaling (bijvoorbeeld gratis in de openbare ruimte, tegen betaling in het openbaar vervoer), i.t.t. de privé-sfeer en veel kantoren enz.

In het bijzonder betekent toegankelijkheid dat een product of dienst bruikbaar is voor iedereen, inclusief personen met een functiebeperking. "Product" heeft hier een brede betekenis en omvat gebouwen, transportvoorzieningen, geldautomaten, gebruiksvoorwerpen zoals telefoons, computerprogramma's en websites. Het doel is ervoor te zorgen dat iedereen dezelfde voorzieningen op gelijkwaardige wijze kan gebruiken, zodat zo weinig mogelijk aparte oplossingen bedacht moeten worden voor personen met een functiebeperking. Toegankelijkheid is niet enkel gericht op het "drempelvrij" maken voor bijzondere doelgroepen maar komt iedereen ten goede. De term mag niet verward worden met gebruiksvriendelijkheid.

De term "toegankelijkheid" wordt op steeds meer plaatsen vervangen door de koepelterm "inclusie". Een inclusieve samenleving biedt zo veel mogelijk mensen de kans te participeren in zo veel mogelijk levensdomeinen en aan de democratische besluitvorming.

Aspecten van toegankelijkheid[bewerken]

Fysieke toegankelijkheid[bewerken]

Symbool dat iets ook voor rolstoelen toegankelijk is.
Cover van het Handboek voor Toegankelijkheid

Fysieke toegankelijkheid is gedefinieerd in het Handboek voor Toegankelijkheid (BIMmedia, 7e druk, 2012) dat in Nederland als standaardreferentie voor fysieke toegankelijkheid geldt. De definitie luidt aldus:

fysieke toegankelijkheid is de eigenschap van buitenruimten, gebouwen en woningen die maakt dat mensen - divers als ze zijn - er kunnen doen wat ze er volgens de bestemming moeten kunnen doen.

Volgens deze definitie is toegankelijkheid dus overal in de gebouwde omgeving aan de orde waar wij - mensen - iets te doen hebben. In de openbare buitenruimte, waar we onderweg zijn, op de bus wachten, op de fiets stappen, de auto parkeren, een brief posten, de hond uitlaten, lekker in de zon zitten of gewoon wat rondhangen. In gebouwen, waar we werken of bezoeker zijn. Thuis, in onze woning, waar we ontspannen, eten, koken, slapen, vrienden ontvangen, ons verzorgen, de was doen, onze spullen opbergen, waar we opgroeien en ouder worden.

Om feitelijk te kunnen doen wat we ergens moeten kunnen doen, hebben we bijvoorbeeld bewegingsruimte nodig voor onze handelingen, we moeten de weg kunnen vinden, het gebruik van voorzieningen begrijpen, we moeten ergens in en uit kunnen, ergens bij kunnen, enzovoorts.

We willen bij onze handelingen niet onnodig aan risico´s worden blootgesteld, bijvoorbeeld buiten in het verkeer en binnen als er brand uitbreekt. Ook risico’s van vallen, botsen, struikelen, uitglijden, schaven, snijden en beknelling zouden zo goed mogelijk moeten worden uitgesloten.

De omgeving waar we verblijven mag geen schadelijke invloed hebben op ons gestel en onze geest. Onze gezondheid wordt mede bepaald door het klimaat (temperatuur, vocht en tocht), de luchtkwaliteit (stof, rook, kooldioxide). Bepaald materiaalgebruik kan allergische reacties oproepen. Gezondheid vraagt ook om aandacht voor hygiëne en de mogelijkheid om de omgeving schoon te houden. Ons mentale welzijn is gebaat bij de aanwezigheid van daglicht en uitzicht en maatregelen ter beperking van geluidsoverlast.

En dan is het prettig als we onze persoonlijke omgeving, bijvoorbeeld de woning en werkplek, zo goed mogelijk op onze eigen specifieke fysieke mogelijkheden en beperkingen kunnen afstemmen. We veranderen door de jaren heen - we worden ouder - en daarmee verandert vaak ook wat praktisch voor ons is. Onze omgeving zou flexibel moeten zijn, dat wil zeggen dat veranderingen technisch en ruimtelijk eenvoudig zijn te realiseren.

Een goed toegankelijk gebouw heeft bijvoorbeeld een gelijkvloerse ingang zonder niveauverschil of met een hellend vlak. Een gebouw dat aan de zij – of achterkant een aangepaste ingang heeft, kan niet toegankelijk genoemd worden. Buiten zijn er parkeerplaatsen dicht bij de ingang voorbehouden voor rolstoelgebruikers. Binnenin is een lift voorzien of zo veel mogelijk overbrugbare niveauverschillen. Voor de breedte van doorgangen en toiletten bestaan er bouwkundige normen die in het Handboek voor Toegankelijkheid zijn opgenomen en toegelicht.

In sommige gemeenten bestaan er toegankelijkheidsgidsen, waarin staat opgesomd welke gebouwen toegankelijk zijn.

Toegankelijkheid van informatie[bewerken]

Informatie heeft een inhoudelijk en vormelijk aspect.

Inhoudelijk toegankelijke informatie wordt op een overzichtelijke, eenvoudige en begrijpelijke manier aangeboden (bv. door het vermijden van jargon, onduidelijk en vaag taalgebruik, ingewikkelde grammatica ...).

Het vormelijk aspect gaat zowel over de typografie en opmaak van tekst (lettertype, kleur, tabellen of grafieken, agressieve opmaak of eerder rustig) als de verbale presentatie en communicatie (bijvoorbeeld in het communicatiebeleid van een overheid of bedrijf). Zijn de aanduidingen in een supermarkt bijvoorbeeld voor iedereen begrijpbaar?

Allerlei hulpmiddelen (scanners, loupes, spraak, ondertiteling en/of gebarentaal op televisie, …) verbeteren de toegankelijkheid van de media. Een beperkt aantal programma's op televisie (voornamelijk nieuwsberichten) zijn echter aangepast.

Toegankelijkheid van dienstverlening[bewerken]

Toegankelijkheid van dienstverlening gaat over de vraag in hoeverre iedereen van een dienstverlening gebruik kan maken. Bv. over de wijze waarop klanten worden ontvangen door baliepersoneel, of ze worden bijgestaan bij het invullen van formulieren aan de hand van een duidelijke handleiding, enzovoort. In dit verband spreekt men ook wel over "bureaucratische competentie" waarmee bedoeld wordt de mate waarin burgers vaardig zijn in het omgaan met de bureaucratische overheid.

Concrete toepassingen van toegankelijkheid[bewerken]

Openbaar vervoer[bewerken]

Vervoersmaatschappijen met een inclusief beleid houden er rekening mee dat iedereen (inclusief mensen met een functiebeperking) hun diensten kan benutten. Onder impuls van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (voorheen Vlaams Fonds) is het toegankelijkheidsbeleid in België de laatste jaren sterk geëvolueerd. In Nederland is wettelijk geregeld dat het openbaar vervoer op termijn volledig toegankelijk moet zijn. Voor bussen is dat in 2010 en voor treinen in 2030.

Trein[bewerken]

De N.M.B.S. (Nationale Maatschappij van de Belgische Spoorwegen)[1] en de N.S (Nederlandse Spoorwegen)[2] voorzien een dienstverlening voor reizigers met een speciale mobiliteit.

In de trein is er speciale ruimte voor de rolstoel, en zijn er platformen en rijtuigcompartimenten die toegankelijk zijn voor rolstoelen en speciale zitplaatsen (onder meer voor reizigers met een beademingstoestel en zuurstofreserve).

In het station zijn er (op bepaalde plaatsen) rolstoelen aanwezig, mobiele laadbruggen, verhoogde perrons, aangepaste toiletten, parkeerplaatsen voor wie een speciale parkeerkaart heeft en (in vernieuwde gebouwen) aangepaste telefoontoestellen. In bepaalde stations is er ook personeel aanwezig voor assistentie (op bepaalde uren).

Tram & Bus[bewerken]

Minibussen voor mensen met een functiebeperking, het systeem van de belbus, een gratis begeleider en gratis busvervoer behoren tot de mogelijkheden (afhankelijk per reisnet, vervoermaatschappijen in Nederland, De Lijn in Vlaanderen of de Brusselse Vervoersmaatschappij MIVB)

Mindermobielencentrales[bewerken]

Een Mindermobielencentrale geeft mensen met verplaatsingsproblemen, die het openbaar vervoer dus niet kunnen gebruiken, de mogelijkheid tot in de winkelstraat, bij het lokaal dienstencentrum, het dagcentrum, de vrije beroepen of de vereniging te komen.

Reizen/Toerisme[bewerken]

Het Infopunt Toegankelijk Reizen in Vlaanderen verzamelt informatie over zowel de toegankelijk van het vakantieaanbod in binnen- en buitenland, als over de specifieke hulpverlening en begeleiding die kan ingeroepen worden onderweg of ter plekke.

Op Europees vlak wordt er in het kader van COST 349 aan de toegankelijkheid van langeafstandsbussen in de toeristische sector gewerkt. Bepaalde vervoersmaatschappijen hebben liftbussen ter beschikking.

Daarnaast zijn er tal van verenigingen voor vrijetijdsbesteding zonder drempel die jaarlijks reizen organiseren voor mensen met een functiebeperking. Lidmaatschap van deze verenigingen is in bepaalde gevallen een voorwaarde om deel te nemen.

Gebouwen/woningen[bewerken]

Er bestaan richtlijnen voor cultuurcentra, bankgebouwen, groengebieden, hotels, restaurants en cafés, scholen, signalisatie, sociale diensten, sporthallen en zwembaden opdat ze bruikbaar zouden zijn voor ouderen en mensen met een functiebeperking.

Het Vlaams Expertisecentrum voor Toegankelijkheid, afgekort als VECT maar ook gekend als ENTER voorziet informatie in Vlaanderen voor de provinciale adviesbureaus.[3]

De provinciale adviesbureaus zijn het Toegankelijkheidsbureau voor Limburg en Vlaams-Brabant [4], ATO voor Oost-Vlaanderen [5], Westkans voor West-Vlaanderen [6] en Centrum Toegankelijkheid Provincie Antwerpen (CTPA) voor Antwerpen [7]. Deze adviesbureaus voorzien informatie, technisch advies, onderzoek & ontwikkeling en vorming rond deze vorm van toegankelijkheid. Veelal adviseren deze diensten eveneens bureaus voor toerisme en zijn ze via netwerkvorming ook betrokken bij scholen - en vormingsprojecten.

Uitgankelijkheid[bewerken]

De uitgankelijkheid (Engels: egress) van een gebouw geeft aan in hoeverre mensen dit gebouw snel, onbelemmerd en zelfstandig kunnen verlaten bij een calamiteit [8] [9] [10].

Websites[bewerken]

Toegankelijkheidsprojecten als AnySurfer (voorheen BlindSurfer) in Vlaanderen en Stichting Accessibility en Waarmerk drempelvrij.nl (voorheen DrempelsWeg) in Nederland informeren over het ontwerpen van sites die bruikbaar en begrijpbaar zijn voor mensen met een visuele of andere functiebeperking, maar geven vaak ook een overzicht van de toegankelijke websites. Het logo dat ze toekennen moet de toegankelijkheid van een website naar buiten toe kenbaar maken. Dit logo is niet gratis. Er zijn in Nederland drie instellingen die deze logo's uit mogen reiken, namelijk Stichting Accessibility, Centric en Flincl.[11]

De toegankelijkheidsrichtlijnen en audits van de Stichting Waarmerk drempelvrij.nl zijn gebaseerd op de Web Content Accessibility Guidelines 1.0 van het World Wide Web Consortium (W3C).[12] Deze richtlijnen werden algemeen als een de facto-standaard beschouwd, maar waren heel sterk op HTML en CSS gericht en minder op andere veelvoorkomende documenttypes op het web, zoals PDF (Portable Document Format) en Flash. De toegankelijkheidsrichtlijnen en audits van AnySurfer zijn gebaseerd op de Web Content Accessibility Guidelines 2.0.[13] WCAG 2.0 is onafhankelijk van specifieke technologieën geformuleerd en beschrijft ook toegankelijkheidstechnieken voor PDF [14], Silverlight [15] en Flash [16].

Evalueren in welke mate een document toegankelijk is, is slechts in beperkte mate automatiseerbaar. Voor de evaluatie van HTML bestaan heel wat mogelijkheden, zowel gratis als commercieel (zie bijvoorbeeld de databank van het Web Accessibility Initiative[17]). Voor andere documenttypes, bijvoorbeeld PDF, bestaan er meestal enkel commerciële oplossingen.

Kantoordocumenten[bewerken]

Sommige programma's voor het aanmaken en bewerken van kantoordocumenten, zoals tekstverwerkers, spreadsheets en presentatiesoftware beschikken over functies om deze types documenten toegankelijker te maken. Het Accessible Digital Office Document (ADOD)-project formuleerde richtlijnen voor het aanmaken van toegankelijke documenten met Microsoft Word, Google Docs, OpenOffice Writer, LibreOffice Writer, iWork Pages en voor meerdere rekenblad- en presentatieprogramma's[18].

Microsoft Office beschikt sinds versie 2010 over een functie om de toegankelijkheid van teksten, rekenbladen en presentaties te controleren[19][20] [21]. LibreOffice en Apache OpenOffice hebben een dergelijke functie niet, maar dit kan toegevoegd worden door middel van de extensie AccessODF[22]. Voor de OpenDocument-indeling bestaan ook richtlijnen van het OASIS-comité dat de ODF-standaard opstelde[23].

Voor toegankelijke PDF-documenten bestaat er een ISO-standaard die de subset van PDF beschrijft die voor toegankelijkheid van belang is, namelijk ISO 14289-1:2012 (PDF/UA)[24]. Het World Wide Web Consortium (W3C) publiceerde WCAG-technieken voor toegankelijke PDF-documenten[25]. Er bestaan twee tools om de toegankelijkheid van PDF-documenten te controleren:

  • de checker die in Adobe Acrobat Professional ingebouwd is[26][27],
  • de gratis PDF Accessibility Checker (PAC) van de Zwitserse organisatie Zugang für Alle[28].

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

  • AllesToegankelijk - Nederlands informatiepunt over de toegankelijkheid van gebouwen, vervoer, communicatie, openbare ruimte, producten en diensten; resultaat van samenwerking tussen ondernemers, mensen met beperkingen, en kennisorganisaties en overheden.
  • Toegankelijkheidsbureau vzw - Vlaamse v.z.w. met als doel de bereikbaarheid, toegankelijkheid en bruikbaarheid van wonen, verkeer, (openbaar) vervoer, straatinrichting, publieke gebouwen, toerisme en vrije tijd, tewerkstelling en dienstverlening te vergroten.
  • Praktische informatie, richtlijnen, voorbeelden, filmmateriaal en informatie over producten. Tot stand gekomen op verzoek van de Provincie Utrecht en de lokale gehandicapten platforms in de Provincie Utrecht. Het bureau werkt samen met de CG-Raad, VIZIRIS het CROW en vele andere organisaties.