Tom Naastepad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Tom Naastepad (Den Haag 1921- Rotterdam 26 maart 1996) was een Nederlands theoloog, RK priester, Bijbeldeskundige van het Bisdom Haarlem, later het Bisdom Rotterdam en dichter van kerkliederen.

Levensloop[bewerken]

Na zijn seminarie-opleiding in Heemstede en Warmond en eerste priesterjaren is hij vooral bekend geworden door zijn dertig jaar dienst in de 'Arauna'-gemeente in Rotterdam. Arauna: genoemd naar de man van wie koning David een 'dorsvloer' kocht om er een altaar te bouwen en offers te brengen (II Samuel 24). Maar al in zijn Amsterdamse jaren 50 was hij sterk oecumenisch geïnteresseerd. Tot zijn vriendenkring behoorden o.a. de predikanten ds. Willem Barnard en ds. W.G. Overbosch; hij leefde van harte mee met hun liturgisch experimenteren vanwege de Van der Leeuwstichting in de wekelijkse Nocturnen, die werden gevierd in de Maranathakerk te Amsterdam en waar ook liederen van hem werden gezongen.

Naastepad bleef gedurende vijftig jaar zijn eigen traditie trouw, maar in zijn gemeente was er nauwelijks sprake van 'ritueel', alleen aandacht voor het Woord en de exegese. Naastepad hoort net als protestantse theologen als Bert ter Schegget, Rochus Zuurmond, Karel Deurloo en Kornelis Heiko Miskotte onder degenen die sterk zijn gevormd door de Zwitserse godgeleerde Karl Barth. Naastepad was eigenlijk te 'protestants' voor zijn 'prelaten-kerk' met pausen en bisschoppen; zijn ambtsvisie leek eerder 'protestants' dan katholiek. Over het Pausbezoek aan Nederland in 1985 schreef hij gegeneerd: Ik denk met een gevoel van leegte en verbijstering aan die dagen. Welk een vreemd mengsel van arrogantie en popperigheid, van machtswaan en middelmaat. Kerk, waar is uw kuisheid?

Priestertekort begon in de jaren zestig steeds nijpender te worden in het bisdom Rotterdam. Toch liet men van hogerhand die priester in zijn Arauna-gemeente met zijn betrekkelijk handjevol gelovigen (protestant en katholiek) zijn gang gaan. In 1992 dwong vooral zijn gezondheid met het werk te stoppen; de gemeente werd ontbonden. Zij was strak aan de persoon van Naastepad en diens Bijbeluitleg verbonden.

In het Liedboek voor de kerken van 1973 schreef Naastepad een tiental bijdragen, waarvan het bekendste gezang is nummer 300, Eens als de bazuinen klinken - door Naastepad overigens met zelfspot ook wel gepersifleerd als: Eens als de ajuinen stinken... Vele jaren en 130 liederen later, na zijn dood, werden de laatste gebundeld.[1][2]

Naastepad stierf zoals hij die laatste paar jaar geleefd had: teruggetrokken. Hij wilde geen uitvaart, geen begrafenis, geen grafsteen. Anoniem, in solidariteit met 12000 Rotterdamse joden noodgedwongen in de oorlog, koos hij voor een stille crematie. Toen hij zijn gemeente al vaarwel had gezegd wijdde het Maandblad voor Leerhuis en Liturgie[3] een feestnummer aan hem, met enige van zijn, hem typerende, zinsneden:

  • Weer over het Pausbezoek: "O Here God, waar zijt Gij?, zo kon men vragen in die dagen. Ik verdacht Hem ervan dat Hij, bij zoveel plaatsbekleding op alle podia, op de opperste zolder van de zevende hemel het hele Wohltemperiertes Klavier zat door te nemen onder het strenge toezicht van J.S. Bach".
  • Over zijn financiële verantwoording: "De inkomsten werden het afgelopen seizoen verkregen door uw giften. Ik houd daarvan geen boek, door het evangelie beleerd dat de onbekommerdheid van de leliën des velds de beste boekhouding is."
  • Na de eerste dienst eind 1961: "Niemand zal beweren dat het zingen tijdens de eerste dienst een onverdeeld succes is geweest. De kerk is nogal groot (hetgeen Schriftuurlijk is) en ons kuddeke is nogal klein (hetgeen eveneens Schriftuurlijk mag heten). Maar wij moeten de juiste verhouding van orgel en gemeente nog aftasten. Anders komen de heerlijkste psalmen als lood in onze schoenen te staan en het moet juist omgekeerd: de zwaarste klaagzang moet ons hoog en licht op de tong wegen."

Werken[bewerken]

Vroege preek- en prozabijdragen:

  • Op water en brood, Avondoefeningen voor de vastentijd, Hilversum / Antwerpen, 1959.
  • Het scharlaken snoer, Getijdendiensten in de landstaal, Hilversum, 1961.
  • Op de dorsvloer, Toespraken en nieuwe liederen uit het leerhuis, Hilversum, 1964.
  • Het geheim van Rachel, Preken en nieuwe liederen over het boek Samuel, Antwerpen / Haarlem, 1965.

Verdere vroege werken:

  • Het zevende jaar, Gedichten (in de Windroos-reeks), 1965.
  • Tafelgebeden, Antwerpen, 1968.

Van de uitgaven in het kader van de Prof. Dr. G. van der Leeuwstichting heeft hij een aantal Mededelingen van de stichting geredigeerd:

  • Onder het gericht, Weergave van één jaar arbeid in de Araunagemeente. Aflevering 37, 1968.
  • Schouwspelers van God, Een apostolisch leerdicht: Paulus' brief aan de Ephesiërs, vertaling en uitleg. Aflevering 44, 1972.
  • Tema con Variationi, Vier korte Apostelbrieven (Philemon, 2 Johannes, 3 Johannes, Judas); Koning Josia (2 Kronieken 34-35); Het Thema (Jesaja 40); De verschijning (Jesaja 42). Aflevering 49, 1976.
  • Uw redelijke eredienst, De haphtaroth bij Leviticus. Aflevering 54, 1980.

In de serie Verklaring van een Bijbelgedeelte uitgegeven door Kok Kampen, zijn de volgende exegesen uitgekomen:

  • Jona, 1975.
  • Salomo, 1975.
  • Amos, 1976.
  • Simson, 1977.
  • Acht gelijkenissen, Uit Mattheüs en Lukas, 1978.
  • Het gouden kalf, Exodus 32-34, 1978.
  • Elia, 1982.
  • Jakobus, 1985.
  • Pasen en Passie bij Johannes, in twee delen: hoofdstuk 12-17 en hoofdstuk 18-21, 1986.
  • Daniël, 1988.
  • Tempel en Schepping, De profeet Haggaï en Psalm 104, 1989.
  • De twee Petrusbrieven, 1991.

Uit deze periode stamt ook een gebedenboek:

  • Tegen des levens loop - Gebeden in twaalf regels, Kok Kampen / Patmos Antwerpen, 1984.

Na zijn dood zijn er een aantal werken van hem uitgegeven, die grotendeels nog niet waren gepubliceerd:

  • Geen vrede met het bestaande, Uitleg van het boek Openbaring, 1999.
  • Menswording, Uitleg van het Evangelie naar Markus, 2000.
  • Het zevende jaar, Gedichten (heruitgave), 2000.
  • Van horen zeggen, Uitleg van het boek Deuteronomium, 2001.
  • Schouwspelers van God, Uitleg van Paulus' Brief aan de Efeziërs (gewijzigde heruitgave), 2001.
  • Jozef, Uitleg van Genesis 37-50, 2002.
  • Gewaagde woorden, Uitleg van Mattheüs 5-9, 2002.
  • Het lied op onze lippen, Liedbundel, 2003.
  • Hoog spel, Uitleg van de boeken Ruth en Esther, 2003.
  • Om de langste adem, Uitleg van zeven apostelbrieven, 2003.
  • Naar Mokum, Uitleg van het boek Exodus, 2004.
  • Verborgen midden, Uitleg van de boeken 1 en 2 Samuel, in twee delen, 2004.
  • Voor de Idylle Geschapen, Uitleg van Schriftgedeelten, 2006.
  • Uitkomst in de Benauwdheid, Gebeden, 2006.
  • En het Land was in Rust......, Uitleg van het Bijbelboek Richteren, 2007.

Verder zijn er van Naastepad nog enkele artikelen in het tijdschrift In de Waagschaal o.m. over de Psalmen 9 en 10.

Ineke van der Vlis heeft vrijwel alle Maandbrieven, die Naastepad schreef naar de leden en de belangstellenden van de Araunagemeente (1961-1992), op de website gezet van het Rotterdams Leerhuis http://rotterdamsleerhuis.nl.

Zie ook:

  • Vlegels op de dorsvloer. Feestbundel voor Thomas Naastepad, red. Co Elshout e.a.(1981)
  • Laat ons de Woorden wagen van 't woord dat is geschied, Ineke van der Vlis (2011)