Woestijnklimaat

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Schematische kaart van gebieden met een woestijnklimaat (BW)

Het woestijnklimaat komt vooral voor in de Sahara (Noord-Afrika), Arabië , Australië, en op hoog gelegen droge vlaktes in bergen. Volgens de klimaatclassificatie van Köppen is het woestijnklimaat een BW-klimaat en is daarom een droog klimaat (B-klimaat). Het verschil tussen een woestijnklimaat en een steppeklimaat wordt door Köppen bepaald aan de hand van de droogte-index.

Kenmerken[bewerken]

Het woestijnklimaat beslaat 12% van het aardoppervlak. Er is weinig begroeiing, voornamelijk sterke planten die lang zonder water kunnen, zoals cactussen en andere succulenten. In de buurt van een oase groeien soms palmen.

Er valt bijna geen neerslag (minder dan 200 mm per jaar), maar als het regent (één keer in de paar jaar) komt het met grote hoeveelheden tegelijkertijd uit de hemel.

De grond in dit klimaat is droog, onvruchtbaar en bestaat meestal uit zand en rotsen. In gebieden met dit klimaat wonen daarom ook heel weinig mensen.

Het woestijnklimaat kent een groot temperatuurverschil tussen dag en nacht. Overdag is het tussen de 25 ºC en 45 ºC en 's nachts kunnen de temperaturen in enkele gebieden onder het vriespunt dalen.

Verdere onderverdeling volgens Köppen[bewerken]

  • BWh: warm woestijnklimaat; de gemiddelde jaartemperatuur is hoger dan 18°C
  • BWk: koud woestijnklimaat; de gemiddelde jaartemperatuur is lager dan 18°C