Act of Settlement (1701)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De originele Act of Settlement

De Act of Settlement was een oorspronkelijk Engelse wet die regelde dat de protestantse nakomelingen van keurvorstin Sophia van Hannover de Engelse troon zouden erven. De wet werd overgenomen door het parlement van Groot-Brittannië en later door dat van het Verenigd Koninkrijk en is thans nog steeds van kracht.

Achtergrond[bewerken]

De wet werd in 1701 aangenomen door het Engelse parlement, tijdens de regering van koning Willem III. Omdat hij geen kinderen had en zijn vrouw Maria in 1694 was overleden, zou de troon na zijn dood aan Maria’s zuster Anna toekomen. Haar enige overlevende kind, Willem, overleed echter in 1700 op 11-jarige leeftijd aan de pokken en het was erg onwaarschijnlijk dat zij nog een kind zou krijgen.

Een eerdere wet die de troonopvolging regelde, de Bill of Rights uit 1689, schreef voor dat alleen de nakomelingen van Maria en Anna de troon konden bestijgen. Er was dus behoefte aan een nieuwe wet die een protestants monarch zou garanderen en de afgezette rooms-katholieke koning Jacobus II en zijn nakomelingen zou uitsluiten van opvolging.

Uitwerking van de wet[bewerken]

De Act of Settlement bepaalde dat na Anna’s dood de troon zou toekomen aan Sophia van Hannover, kleindochter van Jacobus I van Engeland, en haar nakomelingen. Alleen nakomelingen die anglicaans of protestants zijn kunnen opvolgen. Rooms-katholieken en personen die in de lijn van opvolging zijn opgenomen en met een katholiek trouwen, zijn voor het leven uitgesloten van opvolging evenals hun nakomelingen.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]