Jacobus I van Engeland
| Jacobus VI/I | ||
| 1566-1625 | ||
![]() |
||
| Koning van Schotland | ||
| Periode | 1567-1625 | |
| Voorganger | Maria I | |
| Opvolger | Karel I | |
| 1e opvolger voor de Engelse troon | ||
| Periode | 1587-1603 | |
| Voorganger | Maria I van Schotland | |
| Opvolger | Hendrik Frederik | |
| Koning van Engeland | ||
| Periode | 1603-1625 | |
| Voorganger | Elizabeth I | |
| Opvolger | Karel I | |
| Vader | Henry Stuart Darnley | |
| Moeder | Maria Stuart | |
| Dynastie | huis Stuart | |
Jacobus Karel (Engels: James Charles) (Edinburgh Castle, 19 juni 1566 – Theobalds Park (Hertfordshire), 5 maart 1625) was van 1567 tot 1625 als Jacobus VI koning van Schotland en van 1603 tot 1625 als Jacobus I koning van Engeland. Hij was in deze laatste hoedanigheid de eerste koning uit het Huis Stuart en de opvolger van Elizabeth I, de laatste vorst uit het Huis Tudor. Onder Jacobus werd het Elizabethaanse tijdperk dat onder zijn voorgangster koningin Elizabeth is ontstaan doorgezet met schrijvers zoals William Shakespeare, John Donne, Ben Jonson en Sir Francis Bacon.
Inhoud |
[bewerken] Koning van Schotland
Jacobus werd geboren op 19 juni 1566 in Edinburgh Castle en was de zoon van de Schotse koningin Maria I Stuart en haar man Lord Henry Stuart Darnley; beiden waren achterkleinkinderen van de Engelse koning Hendrik VII. Hij werd rooms-katholiek gedoopt in de Chapel Royal in Stirling Castle.
Zijn moeder werd op 24 juni 1567 tijdens haar gevangenschap in Lochleven Castle tot aftreden gedwongen. Op 29 juli 1567 werd hij tijdens een protestantse dienst geleid door John Knox in de Church of the Holy Rude tot koning van Schotland gekroond als Jacobus VI. Zijn moeder wist te ontsnappen en vluchtte naar Engeland, waar zij 19 jaar in gevangenschap doorbracht. Zijn vader, Lord Darnley, werd kort na zijn geboorte onder mysterieuze omstandigheden gedood.
Jacobus kreeg een streng protestantse opvoeding en een gedegen theologische en klassieke scholing. In 1583 onttrok hij zich aan de invloed van de protestantse partij in Schotland en vergrootte zijn koninklijke macht. Op de terechtstelling van zijn moeder in 1587 reageerde hij in het geheel niet, vermoedelijk omdat hij daardoor als afstammeling van Hendrik VII het recht op opvolging van de Engelse koningin Elizabeth kon behouden.
Er werd gezocht naar een geschikte bruid voor Jacobus. Die vond men in de 14 jaar oude Deense prinses Anna van Denemarken, een dochter van de Deense koning Frederik II van Denemarken en diens vrouw, koningin Sophia van Mecklenburg-Güstrow. Op 23 november 1589 traden de twee in het huwelijk in Oslo te Noorwegen. Zij kregen zeven kinderen, waarvan er drie volwassen werden:
- Hendrik Frederik (19 februari 1594 - 6 november 1612), van 1603 tot 1612 de Prins van Wales.
- Elizabeth (19 augustus 1596 - 13 februari 1662), in 1613 gehuwd met Frederik V van de Palts, zij werd grootmoeder van de latere Britse koning George I.
- Margaretha (24 december 1598 - maart 1600).
- Karel I van Engeland (19 november 1600 - 30 januari 1649), trouwde met Henriëtta Maria van Frankrijk, dochter van de Franse koning Hendrik IV, werd in 1649 geëxecuteerd.
- Robert (18 januari 1602 - 27 mei 1602).
- Maria (8 april 1605 - 16 december 1607).
- Sophia (juni 1606).
[bewerken] Koning van Engeland
Jacobus streefde in Engeland van meet af aan naar vestiging van het absolutisme en versteviging van de positie van de staatskerk. Hij was zelf overtuigd protestant, maar op het gebied van de buitenlandse politiek voelde hij het meest voor aansluiting bij de machtige katholieke vorsten. Zie ook: Buskruitverraad.
In 1604 sloot hij vrede met Spanje, waarna hij ook naar dynastieke verbinding met katholieke machten ging streven. Het kwam tot een breuk met en ontbinding van het parlement in 1622, toen hij voorstelde om zijn tweede zoon Charles, de latere koning Karel I, te laten trouwen met prinses Maria Anna van Spanje. (Karel huwde ten slotte Henriëtta Maria van Frankrijk.)
[bewerken] Politiek
Hoewel Jacobus als koning vrij populair was (al werd hij niet zo sterk geacht als zijn voorganger Elizabeth I), viel zijn politiek niet steeds in goede aarde bij het parlement en het volk, maar daar wilde Jacobus geen rekening mee houden. Het parlement wenste zich niet neer te leggen bij Jacobus' pogingen om zelf allerlei politieke beslissingen te nemen en bepaalde belastinggelden in eigen zak te steken. Ook wilde hij complete controle op de uitvoerende en de rechterlijke macht. Hij raakte daardoor in conflict met het parlement. Driemaal regeerde hij zelfs zonder parlement (1611 - 1614, 1614 - 1621 en 1622 - 1624), maar als hij in geldnood raakte moest hij steeds weer tot een compromis komen. De Nederlandse ambassadeur Noël de Caron hielp hem diverse malen aan geld.
[bewerken] Intellectuele belangstelling
De koning wordt gezien als een van de meest intellectuele en geleerde vorsten die ooit op de Engelse troon heeft gezeten. Jacobus was een getalenteerd schrijver en publiceerde verscheidene boeken in het Latijn. Ook vertaalde hij werken, o.a. uit het Frans. Op zijn gezag ontstond ook de beroemde Engelse bijbelvertaling van 1611, 'the Authorized (of: King James) version'. Jacobus was overtuigd dat overal heksen en demonen werkten. Hij publiceerde in 1597 een boek over demonologie, de "Daemonologie" met een theorie over het Bloedrecht, een godsbewijs uit het middeleeuwse recht. Veel onschuldige Schotse en Engelse mannen en vrouwen werden het slachtoffer van Jacobus' heksenwaan.
[bewerken] Homoseksualiteit
Er zijn altijd speculaties geweest over de vermeende homoseksualiteit van de koning en sommige moderne historici gaan hier ook vanuit. Hij gaf hier zelf ook aanleiding toe, gezien zijn keuze van mannelijke metgezellen. Zijn relatie als jongeman met zijn leeftijdgenoot Esmée Stuart, Seigneur d'Aubigny, graaf van Lennox, werd door de Schotse kerkelijke leiders bekritiseerd en Lennox werd gedwongen Schotland te verlaten. In de jaren '80 kuste Jacobus in het openbaar Francis Stewart Hepburn, graaf van Bothwell. Toen Jacobus de Engelse troon besteeg, deed dan ook de volgende grap de ronde: Rex fuit Elizabeth: nunc est regina Jacobus (Elizabeth was koning: nu is Jacobus koningin). Hij was kennelijk niet altijd verstandig in zijn keuze van mannelijke partners en wist zijn favorieten behoorlijk te begunstigen, zoals Robert Carr, die het van page tot graaf van Somerset wist te brengen. Zo verging het ook de latere graaf van Buckingham: Jacobus noemde George Villiers zijn 'vrouw' en zichzelf Villiers' 'man'. Vooral Villiers kreeg veel invloed bij de koning.
[bewerken] Overlijden
Jacobus stierf in 1625 aan ouderdomsziekten en is begraven in Westminster Abbey. Nadat George Villiers op 23 augustus 1628 was vermoord, werd hij aan Jacobus' rechterhand begraven. Een andere van zijn favorieten werd aan de andere zijde begraven. Zijn zoon Karel I volgde hem op.
|
|
|
| Huis Hannover: | George I · George II · George III · George III |
|
|
|
| Huis Hannover: | George IV · Willem IV · Victoria |
| Huis Saksen‑Coburg en Gotha: | Eduard VII · George V |
| Huis Windsor: | George V · Eduard VIII · George VI · Elizabeth II |
| Meer mediabestanden die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina James I of England op Wikimedia Commons. |

