Blauwtong

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Het blauwtongvirus

Blauwtong is een virusziekte die voornamelijk voorkomt bij schapen. De ziekte is vernoemd naar een van de symptomen die als gevolg van deze ziekte kan optreden, namelijk de blauwe tong die dieren kunnen krijgen, wat veroorzaakt wordt door cyanose. Naast schapen kunnen ook rundvee, geiten, dromedarissen, buffels en wilde herkauwers besmet worden met het blauwtongvirus. Blauwtong is niet overdraagbaar op mensen en vormt dus geen bedreiging voor de mens. De verspreiding van blauwtong vindt plaats via een vector; blauwtong is dus een zogenaamde vectorziekte. Vanwege de economische schade die de ziekte kan veroorzaken staat blauwtong op de lijst van meldingsplichtige ziekten van de OIE (wereldorganisatie voor diergezondheid).

Besmetting[bewerken]

Blauwtong is een vectorziekte. Als biologische vectoren voor de verspreiding van blauwtong kunnen vijf verschillende muggensoorten van het geslacht Culicoides dienen waaronder in Europa de C. imicola, in Amerika de C. variipennis en in Australië de C. brevitarsis.[1] Wanneer dieren besmet zijn met blauwtong en een mug van het geslacht Culicoides steekt het dier, dan wordt de mug drager van het blauwtongvirus. Als deze mug vervolgens een vatbaar dier steekt kan dit dier besmet worden met blauwtong, mits de mug een voldoende hoge dosis virus bij zich draagt. Een met virus besmette mug, bevat namelijk in eerste instantie te weinig virus om een dier te kunnen infecteren. Het virus heeft ongeveer twee weken de tijd nodig om zich te repliceren/vermenigvuldigen in de mug zelf, totdat de mug een voldoende hoge dosis virus bevat. Het virus in een mug repliceert zich alleen bij een omgevingstemperatuur hoger dan 15-20 graden Celsius. Als de besmette muggen eieren leggen kunnen deze eieren besmet zijn met het blauwtongvirus. Het overdragen van het virus door een besmette mug op de volgende generatie muggen maakt het uitroeien van de ziekte zeer moeilijk. Omdat het blauwtongvirus afhankelijk is van vectoren van de verspreiding zijn de uitbraken sterk seizoensgebonden. De meeste uitbraken vinden plaats tijdens warm weer en na regen omdat de muggen dan het actiefst zijn.

1rightarrow blue.svg Zie ook het artikel over knutten

Ziekteverschijnselen[bewerken]

De incubatietijd van blauwtong varieert van 5 tot 20 dagen. Er zijn twee soorten van blauwtong: de acute vorm en de subklinische vorm. Als dieren met de subklinische vorm besmet zijn vertonen ze geen ziekteverschijnselen. De typische blauwe tong, waaraan de ziekte haar naam dankt, komt overigens maar zelden voor[2].

De mortaliteit van dieren besmet met de acute variant kan bij schapen die gevoelig zijn voor de ziekte oplopen tot 10%.

Symptomen:

  • verhoogde temperatuur gedurende 6 tot 8 dagen (variatie van 2 tot 11 dagen);
  • door temperatuurstijging gaan dieren sneller ademen
  • ontstoken en verzweerde slijmvlies in de bek;
  • afbraak van het slijmvlies in de bek;
  • opgezwollen en blauwgekleurde tong;
  • kreupelheid;
  • drachtige dieren kunnen aborteren;
  • bij schapen kan breuk van de wolvezels optreden waardoor kaalheid kan ontstaan
  • problemen met de luchtwegen;
  • vermagerde dieren;
  • binnen 8 tot 10 dagen overlijden de dieren of herstellen ze volledig - sterfte kan echter ook optreden bij dieren die weinig symptomen hebben vertoond;
  • bij herstel hebben dieren een duidelijke groei-achterstand en het komt geregeld voor dat ze daarna niet meer vruchtbaar zijn.

Het virus kan lang overleven in de rode bloedcellen van besmette dieren. Daarbij is de overlevingstijd van het virus bij runderen langer dan bij schapen. Door het Office International des Epizooties wordt ervan uitgegaan dat deze overlevingstijd tot wel 60 dagen na besmetting kan zijn.

Verspreiding[bewerken]

De verspreiding van blauwtong is afhankelijk van het verspreidingsgebied van de knut, de vector van het virus. De knut komt voornamelijk voor rond de evenaar tussen 40°N en 35°Z. De ziekte is waargenomen in Australië, Afrika, Azië, Amerika en Europa. Met het opwarmen van de aarde neemt het verspreidingsgebeid van de vector toe en daarmee ook het verspreidingsgebied van de ziekte. Binnen Europa komt de ziekte voor in Spanje, Griekenland en Italië. In augustus 2006 is er ook een uitbraak in Nederland, België en Duitsland. De uitbraak van blauwtong in noordwest Europa is veroorzaakt door het zogenaamde type 8 blauwtongvirus. Dit type kwam tot nu toe niet voor in Europa, maar beperkte zich tot het gebied in Afrika onder de Sahara. In 2006 is dit virus ook in Bulgarije opgedoken. Men is er nog niet helemaal zeker van dat dit hetzelfde virus is, maar zeer waarschijnlijk wel.

Blauwtong in Noordwest-Europa[bewerken]

Op 17 augustus 2006 heeft het Nederlandse ministerie van LNV bekendgemaakt dat er definitief is vastgesteld dat een bedrijf met schapen in het Limburgse Kerkrade is besmet. Op 19 augustus heeft het Belgische Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen een persbericht uitgeven. In de provincie Luik en in de Voerstreek is bij schapen en runderen blauwtong vastgesteld. Op 21 augustus heeft een Duits onderzoeksinstituut vastgesteld dat op drie boerderijen in de buurt van Aken schapen en runderen besmet zijn met blauwtong. Deze bedrijven liggen dicht bij de Nederlands-Limburgse grens. Op donderdag 31 augustus heeft een woordvoerder van de Europese Unie bekendgemaakt dat er ook in Frankrijk blauwtong is uitgebroken. Het gaat de Ardennenregio, vlak bij de grens met België. Volgens een bericht van het Nederlandse ministerie van LNV op 8 september 2006, zijn er ook in de omgeving van Leeuwarden bij twee runderen blauwtong vastgesteld. De runderen waren afkomstig uit Noord-Brabant. In laatstgenoemde provincie is op 12 september een besmetting van rundvee in de gemeente Best waargenomen.

Het blauwtongvirus dat deze uitbraak heeft veroorzaakt, is een zogenaamd serotype 8. Deze variant van het blauwtongvirus komt voornamelijk voor in het gebied ten zuiden van de Sahara en in het Caribisch gebied en is tot op heden niet eerder aangetroffen in Europa. In Zuid-Europa komt wel blauwtong voor maar het gaat dan veelal om de serotype 1, 2, 4, 9 en 16. Het blauwtongvirus serotype 8 is een zogenaamde mild pathogene variant, wat inhoud dat er relatief weinig dieren doodgaan als gevolg van een besmetting met deze variant van het blauwtongvirus. Het vermoeden bestaat dat het virus is meegekomen met de import van dieren of via de vliegvelden van Beek of Aken.

In Noordwest-Europa is de Culicoides dewulfi een van de soorten knutten die verantwoordelijk is voor verspreiding van het virus.[3]

In Europa waren in 2006 in totaal 2295 besmettingen, waarvan 456 in Nederland[4]. Tot en met op 28 oktober 2006 waren er in België reeds 476 besmettingen geconstateerd. Ook in Duitsland zijn enkele honderden besmettingen geconstateerd. In Frankrijk is melding gemaakt van enkele besmettingshaarden. Nieuw zijn uitbraken in Bulgarije, meldt de Europese Commissie.

In 2007 werden alleen in Nederland al meer dan 1.000 uitbraken van het blauwtongvirus geregistreerd. Om de economische schade te beperking lieten veel veehouders hun dieren daarop voor het jaar 2008 vrijwillig inenten. Ook gaf de minister van Landbouw Gerda Verburg te kennen in Europees verband te willen laten uitzoeken of Blauwtong in Europa uitgeroeid kon worden[5]

Eind oktober 2008 werd in oost Nederland een besmetting van blauwtong serotype 6 aangetroffen, een type blauwtongvirus dat vooral voorkomt in midden-Amerika en Afrika. Tot dat moment waren nog geen besmettingen van dit type blauwtongvirus in Nederland geregistreerd. De eerdere vaccinatieprogramma's zijn niet effectief tegen dit type blauwtongvirus[6].

Bestrijding[bewerken]

In landen waar blauwtong voor komt worden de dieren tegen de ziekte gevaccineerd. Het voorkomen van verdere verspreiding van de vector is de meest efficiënte manier om het verder verspreiden van deze ziekte tegen te gaan, maar met het aantal reisbewegingen van de hedendaagse maatschappij is dat een vrijwel onmogelijke taak.

Bestrijding van de uitbraak in Noordwest-Europa[bewerken]

Het blijkt dat de vector C. Imicola kan overwinteren in Nederland België en Duitsland hierdoor bestaat het vermoeden dat blauwtong een inheemse ziekte wordt, maar men probeert wel mogelijke uitbraak binnen de perken te houden. Daarom kunnen dan de volgende maatregelen genomen:

  • vaccinatie van de dieren met een dood vaccin voor type 8 en later ook mogelijk type 1.
  • Advies om herkauwers, varkens en paarden op te stallen, en insecticiden te gebruiken.

Schade Blauwtong[bewerken]

Volgens LTO Nederland bedraagt de totale schade die blauwtong in 2007 aan Nederlandse veehouderij heeft veroorzaakt ongeveer 81 miljoen euro[7].

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties

Noten


Icoontje WikiWoordenboek Zoek blauwtong op in het WikiWoordenboek.