Ereteken voor Verdienste

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ereteken in zilver en batons

Het Ereteken voor Verdienste werd op 16 april 1987 door Minister van Defensie Wim van Eekelen ingesteld. Hij deed dat in een "ministeriële regeling" Het is dus een ministeriële en geen koninklijke onderscheiding. Het Ereteken knoopt aan bij de praktijk in Duitsland en bijvoorbeeld Tsjechië waar dergelijke kruisen door de Ministeries van Defensie kunnen worden verleend. Zo kunnen de ridderorden hun exclusiviteit bewaren.

Het ministerieel besluit noemt vier verleningscriteria, het zijn

  • uitzonderlijke verdiensten jegens de krijgsmacht die incidenteel van aard zijn,
  • individuele moed in levensbedreigende situaties,
  • moedig optreden in conflictsituaties in vredestijd,

en

  • bijzondere verdiensten van Nederlandse en buitenlandse civiele en militaire autoriteiten.

In 2002 noemde Minister Benk Korthals op advies van de Commissie "toekomst decoraties van de Minister van defensie" ook "exceptionele activiteiten voor de Nederlandse krijgsmacht" als grond voor het verlenen van het ereteken.

Het ereteken wordt in zilver of goud toegekend.

Het ereteken heeft de vorm van een oude vesting. Men heeft voor een oud-Nederlands stelsel, zoals dat er tot de beroemde Nederlandse vestingbouwer Menno van Coehoorn er in de late 17e eeuw wijzigingen in aanbracht, gekozen.
De slotgracht van de zeshoekige vesting is in blauwe emaille weergegeven. In het midden van de vesting zijn de symbolen van drie van de vier krijgsmachtonderdelen afgebeeld. Het zijn de klimmende leeuw met zwaard en pijlenbundel van de Koninklijke Landmacht, een onklaar anker van de Koninklijke Marine en vliegende adelaar van de Koninklijke Luchtmacht. De granaat van de Koninklijke Marechaussee ontbreekt.
Aan de keerzijde staat in reliëf de woorden "KONINKRIJK DER NEDERLANDEN" en "MINISTER VAN DEFENSIE" in een uitgespaarde cirkel.

Het lint waaraan de onderscheiding op de linkerborst gedragen wordt is Nassaus blauw met aan de zomen smalle strepen rood en wit waarbij de rode streep aan de buitenzijde is geplaatst. Wanneer op een uniform een baton gedragen wordt dan wordt het bezit van een Gouden Ereteken voor Verdienste door een gouden palmtak aangeduid. Men kan het ereteken ook als miniatuur op een rokkostuum dragen maar er is geen Knoopsgatversiering vastgesteld.

Een postuum erekruis[bewerken]

Op 12 september 2007 kreeg de Amerikaanse sergeant Alexander van Aalten, hij stamde van Nederlandse voorouders, postuum het Ereteken voor Verdienste in Goud. Sergeant van Aalten heeft in april 2007 ten zuiden van Sangin in de provincie Helmand in Afghanistan op eigen initiatief geholpen bij het bergen van het lichaam van de door een bermbom gedode Nederlandse korporaal Cor Strik. De 21-jarige Alexander van Aalten stapte toen zelf op een landmijn. Het gouden erekruis werd door Minister van Defensie Eimert van Middelkoop op Arlington aan de weduwe Shana van Aalten overhandigd. Alexander van Aalten was verbonden aan de beroemde 82nd Airborne 1-508 PIR, een zogenaamd Parachute Infantry Regiment. Het 82e Airborne heeft in de Tweede Wereldoorlog een grote rol gespeeld bij de bevrijding van Nederland. In de slag bij Arnhem heeft de divisie destijds zware verliezen geleden. Koningin Wilhelmina liet het kruis van de Militaire Willems-Orde aan het vaandel van het regiment vastmaken.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • C.H. Evers, "Onderscheidingen", 2001
  • Het "Instellingsbesluit Ereteken voor Verdienste", Staatscourant 2002, nummer 205, pagina 9

Externe link[bewerken]

  • Afbeelding op deze site
  • Het instellingsbesluit staat ook op [1]