Granaat (munitie)
Tot in de 19e eeuw waren granaten bolvormige projectielen van ijzer of staal, gevuld met springstof of andere strijdmiddelen en ontstoken door middel van een buis. Ze werden met de hand weggeslingerd of uit een vuurmond geschoten.
Een moderne granaat (in Frankrijk en vaak in België obus genoemd) is een type projectiel dat in verschillende vormen bestaat. Het kenmerk van een brisantgranaat is dat deze een stevige metalen wand en een hoog-explosieve lading heeft, die door een buis (ontsteker) tot detonatie wordt gebracht op het moment dat deze de meeste schade aan het doel zal toebrengen. Pantsergranaten echter hebben geen explosieve lading doch een zeer harde spits; ook zijn er dunwandige granaten (zie: Bijzondere ladingen).
[bewerken] Wapens
Wapens waarmee granaten worden afgevuurd:
- houwitsers;
- kanonnen;
- mortieren;
- aangepaste geweren;
- granaatwerpers.
Daarnaast bestaat ook een type dat met de hand wordt geworpen: de handgranaat. Deze heeft tegenwoordig de eivorm of is een cilindrische bus.
[bewerken] Buizen (ontstekers)
De buis (ontsteker) zorgt voor het detoneren van de hoofdlading of het vrijmaken van de inhoud van de granaat. De meeste buizen zijn uiterst complex van opbouw. De reden hiervoor is dat de buis met de granaat veilig getransporteerd moet kunnen worden en pas na het afvuren (en het krijgen van een rotatiesnelheid in een getrokken loop / schietbuis) plus een veilige vluchttijd geactiveerd mag worden.
De schokbuis is het meest gangbare type van ontstekingsmechanisme. Deze wordt geactiveerd op het moment van inslag. Er zijn twee types van schokbuizen. De eerste reageert onmiddellijk, de tweede reageert pas na een korte tijd. Hierdoor dringt de granaat in de grond / het gebouw voordat de explosie plaatsvindt. Reden hiervoor is dat een explosie in een ruimte een veel groter effect heeft dan een explosie tegen de wand ervan.
De tijdbuis wordt ingezet om een groot oppervlak te treffen. Voorbeelden hiervan zijn:
- Explosieve granaten tegen personen. De splinters verspreiden zich over een groot oppervlak voor de inslag.
- Gevechtsveldverlichting. De granaat maakt op een ingesteld ogenblik een fosforfakkel aan een parachute vrii.
- Rookgranaat om het zicht te beperken.
- Verspreiden van pamfletten.
De radarsensor die de afstand tot het doel meet. Deze buis is duurder maar vereist geen verdere instellingen dan de afstand tot het object. Het alternatief, de tijdbuis, moet ingesteld worden op de vluchttijd minus de gewenste afstand gedeeld door de eindsnelheid van de granaat.
[bewerken] Bijzondere ladingen
Granaten kunnen naast een explosieve lading ook andere middelen bevatten:
- Biologische stoffen gericht tegen mensen, dieren of planten (schimmels / virussen / bacteriën / toxinen).
- Brandmiddelen om schade aan huizen of personen aan te richten (fosfor / napalm).
- Chemicaliën om mensen / dieren / planten te doden of gevechtsonklaar te maken (gifgas).
- Deelladingen. De granaat (clusterbom) splitst zich op in vele kleine explosieven of andere wapens. Een voorbeeld hiervan is: kleine pantserdoorborende holladingen aan parachutes tegen voertuigen en tanks.
- Pamfletten met propaganda om de vijand te demoraliseren, of de bevolking in bezet gebied te informeren.
- Rookmiddelen om een aanval/terugtocht te maskeren.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog zijn op het slagveld op grote schaal granaten gevuld met giftige gassen afgevuurd. In 1997 is er een wereldwijd verbod op het gebruik van dergelijke wapens ingesteld.
Het OPCW instituut van de Verenigde Naties, gevestigd in Den Haag, controleert op de wereldwijde naleving van contracten over chemische wapens.