Grigori Raspoetin

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Grigori Raspoetin

Grigori Jefimovitsj Raspoetin (Russisch: Григорий Ефимович Распутин), eigenlijke naam Grigori Jefimovitsj Novitsj (Russisch: Григорий Ефимович Нович) (Pokrovskoje, 10 januari [O.S. 10 januari] 1869 - Petrograd, 30 december [O.S. 17 december] 1916) was een Russische starets, soms ook wel strannik (pelgrim) genoemd. Hij kwam aan het hof van de tsaar Nicolaas II van Rusland als gebedsgenezer voor zijn zoon, de tsarevitsj Aleksej Nikolajevitsj van Rusland, die aan hemofilie leed en hij boekte daarmee opvallend succes. Hij verwierf zo invloed bij de tsarina Alexandra Fjodornova en de tsaar en begon zich zo in staatsaangelegenheden te mengen zoals de Eerste Wereldoorlog tegen Duitsland en de benoeming en het ontslag van ministers. Hij overleefde een eerste moordaanslag van een vrouw met een dolk, maar werd in 1916 vermoord met pistoolschoten.

Leven[bewerken]

Raspoetin met zijn kinderen

Raspoetin kwam oorspronkelijk uit een boerenfamilie uit het district Tjoemen in Siberië. Hij wordt op 10 januari 1869[1] gedoopt in Pokrovskoye als Grigori Jefimovitsj Novitsj. 10 januari is de dag van de heilige Sint Gregorius, waarnaar hij werd vernoemd. Hij is het vijfde kind in een gezin met negen kinderen. Zijn vader is Efim Yakovlevich Rasputin en zijn moeder is Anna Vasilievna. De achternaam Raspoetin is afgeleid van het Russisch woord rasputa, in de betekenis van 'losbandige'. Andere bronnen beweren dat de naam afgeleid is van rasputitsa, verwijzend naar de jaargetijden waarin de Russische wegen onbegaanbaar zijn, of het woord rasputia, wat staat voor 'een plek waar twee wegen elkaar ontmoeten'. Deze laatste afleidingen zouden echter onjuist zijn en een poging van bewonderaars de naam van Grigory te zuiveren.[1][2].

Zijn broer broer Dimitrij en een zuster Maria verdronken beiden in een rivier. Bij het redden van zijn broer uit de rivier de Tura liepen Dimitrij en Grigori een pneumonie op. Dimitrij overleed hieraan. Grigori wist te overleven. Tijdens zijn ziekbed zou hij in een droom Maria hebben gezien. Toen er in het dorp een paardendief actief was, voorspelde hij de dader. Hij kreeg hierdoor in de omgeving de reputatie over speciale gaven te beschikken.[3] Desondanks zou Grigori losbandig hebben geleefd in het dorp. Zo was hij regelmatig dronken en noemden dorpsgenoten hem Grisjka de dwaas.[4] Hij was gewelddadig, vocht vaak[1] en zou zich veelvuldig hebben beziggehouden met het versieren van jonge meisjes en hierbij een onverzadigbaar libido hebben gehad.[5] Grigori was ongeschoold en praktisch analfabeet. Toen hij in zijn jeugd tweemaal beschuldigd werd van diefstal en hierbij hardhandig werd aangepakt, merkten dorpsbewoners op dat Grigori vreemd reageerde. In plaats van terug te vechten onderging hij zijn straf gelaten. Anderen zagen hierin het bewijs van een persoonlijkheidsverandering, waarin lijden voor hem een speciale betekenis kreeg.[2]

Hij trouwde op 2 februari 1887[5] op negentienjarige leeftijd met Parskjeva Fjodorovna Dubrovnina. Bronnen zijn niet eenduidig over het aantal kinderen dat het echtpaar kreeg. Het aantal varieert van drie (één zoon en twee dochters) tot vijf kinderen (drie zonen en twee dochters). Twee van hen zijn al op jonge leeftijd overleden, de anderen noemde hij naar zijn overleden broer en zus: in 1895 hun zoon Dimitrij, in 1897 dochter Matrjona (Maria) en in 1900 dochter Varvara. Grigory werkte als boer en voerman. Volgens de volkstelling woonde het echtpaar in 1897 nog bij de ouders van Grigory.[4].

Op achtentwintig jarige leeftijd ontmoette hij tijdens een reis Melety Zborovsky, een student aan het Seminarie. Deze spoorde hem aan zich tot het geloof te wenden. Omdat hij dit niet vond bij de plaatselijke geestelijken, bezocht hij regelmatig nabijgelegen kloosters in Tyumen en Tobolsk. Hij zou vanaf die tijd regelmatig terugkerende visioenen krijgen. Omdat hij met zijn nieuwe persoonlijkheid steeds minder aansluiting vond bij de gemeenschap van Pokrovskoye, besloot hij om regelmatig op pelgrimstocht te gaan.

Uiteindelijk brachten zijn rondzwervingen hem bij het Sint Nicolaas klooster van Verkhoturye[3], waar de relieken werden bewaard van de heilige Simeon van Verkhoturye. Deze plaats werd beschouwd als bedevaartsplaats waar zieken genezing konden vinden[2]. In de buurt van het klooster ontmoette hij Makary, een kluizenaar die zijn geestelijk vader en voorbeeld zou worden.[1] Grigori werd echter geen monnik en verliet vroegtijdig het klooster.

Rond 1900 verlaat hij zijn gezin om, door Makary beinvloed, als strannik (pelgrim) te gaan reizen. Hij stopt met het drinken van alcohol, rookt niet meer en eet geen vlees en zoetigheden meer. In deze periode maakt hij kennis met de Chlysten, een geheime Russische sekte. Het gedachtegoed beïnvloed hem bij het ontwikkelen van zijn persoonlijke visie dat alleen een zondig mens vergeven kan worden van zonden. Door zichzelf te geselen met een seksueel losbandig leven zou hij zichzelf als gelovige op de proef kunnen stellen om zo dichter tot God te kunnen komen.[6] Het afgelegen en geïsoleerde karakter van de regio beperkte de invloed van de officiële Russisch Orthodoxe Kerk. Hierdoor nam bijgeloof, dwalende heilige pelgrims, zelfkastijding en het contact met de ongerepte natuur een belangrijke plaats in binnen de plaatselijke cultuur. Dit was mogelijk van invloed op de ontwikkeling van de spiritualiteit bij Grigori.[7] Behalve zijn pelgrimage in Rusland reist Grigory naar de berg Athos in Griekenland en het heilige land. Hij reisden maanden als religieuze pelgrim en gebedsgenezer zonder zich te wassen of zich te verkleden en hield zich in leven door giften van door hem genezen mensen. Ook voorspelde hij de toekomst[6], werkt hij met hypnose en las hij de tarot[8].

In 1902 vestigt hij zich in de stad Kazan bij de rivier de Wolga. Daar sticht hij met een aantal volgelingen een commune. Ondanks zijn onhygiënische toestand (hij zou stinken als een geit) maakt hij met zijn charisma, diepliggende ogen en zware stem een grote indruk op zijn omgeving waar hij steeds meer wordt beschouwd als een 'heilige man'. Het verhaal gaat dat Raspoetin in een visioen door de Moeder Gods was aangeraakt en gevraagd was om naast het bed te verschijnen van de jonge tsarevitsj Aleksej, die leed aan hemofilie.

Raspoetin met bisschop Hermogen

Onder invloed van bewegingen als de Theosophical Society en het Golden Dawn genootschap was er begin twintigste eeuw in West-Europa een grote belangstelling voor occultisme en astrologie[9]. Deze belangstelling werd overgenomen door de Russische aristocratie. Dit leidde er in 1903 toe dat Grigori door Theofan en de bisschop van Saratov Hermogen werd uitgenodigd naar Sint-Petersburg te komen.

Toen Raspoetin daar aankwam, kwam hij niet direct bij de tsarenfamilie terecht. Zijn aanhang onder de aristocratie, en dan met name het vrouwelijke deel, groeide echter snel. Raspoetin had dan ook een grote schare bewonderaars. Verschillende vrouwen onderhielden hem zodat hij in welstand kon leven. Een van deze dames was Olga Lokhtina, een aristocrate die haar gezin verliet om Raspoetin te kunnen dienen. Zij nodigde hem uit bij haar te wonen gedurende zijn verblijf in Sint-Petersburg. Hij behield echter het charisma van de rondzwervende monnik.

Hij maakte pas in 1905[3] contact met de tsaar. In 1907 wordt Raspoetin opgeroepen omdat tsarevitsj Alexei Nikolaevich, de zoon van de tsaar, ten gevolge van hemofilie een nieuwe bloeduitstoring had. Dat de jongen aan hemofilie leed was staatsgeheim[bron?]. Raspoetin "geneest" de jongen met zijn helende krachten of door het verbieden van een aantal moderne medicijnen, waaronder Asperine, desastreus voor een hemofilie-patient, en weet zo het vertrouwen te winnen van Aleksandra Fjodorovna, de tsaarin. Over de redenen achter de effectiviteit van de 'behandelingen' wordt nog steeds druk gespeculeerd. Volgens zijn tegenstanders maakte Raspoetin gebruik van hypnose[6][7]. Hoe het ook zij, iedere keer wanneer Raspoetin bij de tsarevitsj werd geroepen, voelde de jongen zich vrij snel daarna een stuk beter. Met het vertrouwen nam ook de invloed aan het hof sterk toe. Hij speelde daarmee een belangrijke rol aan het hof van de laatste Russische tsaar Nicolaas II en had daardoor direct of indirect mede invloed op de val van het tsarisme en de opkomst van het bolsjewisme.

Met zijn opkomende populariteit nemen ook zijn (later legendarisch geworden) seksuele uitspattingen toe. Naar zijn aanhang verkondigt hij dat seks met zijn persoon een helende en zalvende werking zou hebben. Hij weet hierdoor talloze vrouwen te verleiden. Hij bezoekt hierbij publieke badhuizen en prostituees. Ook zou er regelmatig sprake zijn van riten met seks. Er zijn ook auteurs die menen dat Raspoetin biseksueel was [10]. Tijdens een van de riten zou Olga Lokhtina door Raspoetin zijn geslagen om, terwijl zij de penis van Raspoetin vasthield, uit te roepen dat zij zijn lam was en hij haar Christus. Hij werd regelmatig beschuldigd van verkrachting (oa. van een non). Van elke maagd zou hij een haarlok in de tuin hebben begraven. Toen in 1977 de Russische authoriteiten het huis van Raspoetin sloopten vonden zij in de tuin kistjes met haar[11].

Door zijn grote macht aan het hof en op de Russische politiek en vooral door het feit dat veel mensen hem tijdens de Eerste Wereldoorlog als Duits spion zagen, werd hij vooral door de Russische adel steeds meer gewantrouwd. Volgens sommige bijgelovige Russen zou hij zelfs over een duivelse macht beschikken. Verder stond het ter discussie of Raspoetin überhaupt wel een starets was.

Eerste moordpoging[bewerken]

In de lente van 1914 reisde Raspoetin met zijn vader, die hem was komen bezoeken terug van Sint-Petersburg naar Pokrovskoje. Na het diner op zondagnamiddag 12 juli 1914 verliet Raspoetin het huis en een vrouw Chionia Goeseva stak een dolk in zijn maag zodat zijn ingewanden uit de wond puilden. Raspoetin viel neer in een plas bloed en werd in het huis binnengedragen. Na tien uur kwam uit de dichtstbijzijnde stad Tjoemen een dokter, Aleksandr Vladimirov, die hem samen met de meegekomen hulparts Praskovja Koeznetsova in het holst van de nacht opereerde. Enkele dagen later werd Raspoetin per boot naar het ziekenhuis in Tjoemen vervoerd voor behandeling. De tsaar stuurde zijn eigen lijfarts. Raspoetin werd na zeven weken uit het hospitaal ontslagen.

Chionia Goeseva was een fanatiek religieuze vrouw, die een aanhangster geweest was van de priester-monnik Iliodor, die net als zij uit Tsaritsyn (Wolgograd) kwam. Zij verklaarde, dat zij de moordaanslag had beraamd, omdat Raspoetin onschuldige meisjes verleidde. Goeseva werd opgesloten in een gekkenhuis te Tomsk. Iliodor vluchtte met hulp van Maxim Gorki via de Botnische Golf naar Oslo. Goeseva handelde echter niet uit eigen beweging. Hoewel zij dit ontkende stond achter haar de priester-monnik Iliodor, een vroegere vriend van Raspoetin, die later tot zijn aartsvijand is geworden. Mogelijkerwijs waren ook nog anderen bij de aanslag betrokken, zoals het hoofd van politie Vladimir Dzjoenkovski, alsmede grootvorst Nikolaj Nikolajevitsj, een achteroom van de tsaar, die in augustus 1914 opperbevelhebber van het Russische leger werd. Deze mensen hadden alle reden om ervoor te zorgen dat Raspoetin in juli 1914 niet in de buurt van de tsaar in Sint Petersburg was, zodat hij Nikolaas II niet van deelname aan de oorlog af zou houden. Dat Raspoetin faliekant tegen de oorlog was, was immers een publiek geheim.[12]

Een aantal vijanden van Raspoetin was nu weg: Iliodor was gevlucht, Stolypin was dood, graaf Kokovtsov was uit de gratie, Theofan was geëmigreerd en Hermogen was verbannen. Maar daarvoor kwamen nieuwe vijanden in de plaats, zoals grootvorst Nikolaj Nikolajevitsj; het ultra-rechtse doemalid Vladimir Poerisjkevitsj; grootvorstin Elisabeth Fjodorovna, de zus van de tsarina; Elisabeths vriendin Zinaïda Joesoepova, de moeder van Felix Joesoepov; en nog vele anderen. Ook ging Iliodor vanuit Noorwegen door Raspoetin te bestrijden, onder andere doordat hij een uiterst infaam boek over hem schreef. Al deze mensen waren bang door Raspoetin in hun eigen belang te worden geschaad.

De moord[bewerken]

Raspoetin werd in de nacht van 29 op 30 december 1916 door prins Felix Joesoepov, het ultra-rechtse doemalid Vladimir Poerisjkevitsj en grootvorst Dimitri Pavlovitsj van Rusland (Romanov), een volle neef van de tsaar, in het paleis van de familie Joesoepov aan de rivier de Mojka te Petrograd vermoord.

Raspoetin en zijn bewonderaars en met zijn vader, foto Karl Boella, 1914

Deze moord is onderwerp van speculatie. Het meest gangbare verhaal is dat Raspoetin door Joesoepov bij hem thuis werd uitgenodigd voor een feest. Felix Joesoepov had de achterdochtige Raspoetin weten over te halen door hem een ontmoeting met zijn vrouw, Irina Joesoepova, te beloven. Ten tijde van de moord waren ook grootvorst Dimitri Romanov en de politicus Vladimir Poerisjkevitsj in het paleis aanwezig. De voorbereidingen waren uitvoerig geweest: Raspoetin werd in een keldervertrek ontvangen en hoewel de vrouw van Felix Joesoepov, Irina, de stad had verlaten, werd de indruk van een feest gewekt door muziek te spelen op een grammofoon en druk gepraat door de door de andere aanwezigen. De bevriende arts Lazavert had een overdosis kaliumcyanide (KCN), genoeg om een stier te doden, in het voor Raspoetin bestemde gebak gedaan. Ook een aantal wijnglazen waren met wat gif voorzien. Raspoetin is niet aan het gif overleden, maar voelde zich wel slaperig. Felix Joesoepov was verbaasd dat het gif zijn werk niet deed en liep naar boven om de anderen op de hoogte te stellen en kwam terug met een pistool. Joesoepov schoot tweemaal, in zijn maag en in zijn lever. Vervolgens zou het tot een handgemeen tussen Felix Joesoepov en Raspoetin zijn gekomen. Raspoetin wist naar buiten te ontsnappen via een trap aan de zijkant van het appartement. Toen vuurde Dmitri een aantal kogels op hem af. Raspoetin viel neer in de sneeuw buiten de deur. Een van de medesamenzweerders beschoot hem vervolgens opnieuw, dit keer in het voorhoofd. Door het lawaai van de schoten was een dienstdoende agent gealarmeerd en deze ging onderzoek doen aan het paleis. Nadien kwam een tweede agent kijken en hoewel hij aangemaand werd tot geheimhouding ter wille van de tsaar, meldde die de moord aan zijn superieuren. Het lichaam van Raspoetin werd vervolgens in de auto van grootvorst Dmitri gelegd en naar het riviertje de kleine Neva gereden en daar in het water gegooid. Na drie dagen werd het lichaam gevonden, honderd meter van de brug, vastgevroren onder het ijs. Uit autopsie bleek dat Raspoetin al dood was voordat het lichaam in het water werd gegooid.

De moord kritisch bekeken[bewerken]

Het lijk van Raspoetin

Het gebak bevatte kaliumcyanide, maar door het bakproces verandert dit in blauwzuurgas. Dit is ook uiterst giftig, maar doordat het een gas is zal het zich vermengen met de lucht en in de uiteindelijke cake niet of nauwelijks meer voorkomen. Het was dus nog waarschijnlijker geweest dat juist de bakker van de cake zou zijn overleden, eerder nog dan Raspoetin zelf. De autopsie van 1916 door professor Dmitry Kossorotov en studies door dr. Vladimir Zjarov in 1993 en professor Derrick Pounder in 2004/05 vonden geen actief vergif in de maag van Raspoetin. Pounder kwam tot de conclusie dat het derde dodelijke schot van een Webley .455 pistool met loden kogeltop afkomstig zou kunnen zijn, mogelijk van luitenant Oswald Rayner, in dienst van de Britse Secret Intelligence Service (SIS). De Britse ambassadeur, Sir George Buchanan, zou vooraf van de moordaanslag geweten hebben. Na het eten van het gebak zou Raspoetin het paleis hebben kunnen ontvluchten omdat Joesoepov geen geweldig schutter was. Uiteindelijk, na in een gordijn te zijn gerold, hebben de samenzweerders hem in een auto naar het Krestovsky eiland gereden en daar in een gat in het ijs van de rivier gegooid. Drie dagen na de moord werd zijn lichaam gevonden, vastgevroren in het ijs. Felix Joesoepov en grootvorst Dimitri Romanov, die samen de moord hadden gepleegd kregen huisarrest, nadat was gebleken dat het bloed niet afkomstig was van een hond, maar van menselijke oorsprong. Felix Joesoepov is later met zijn vrouw naar Frankrijk gevlucht, evenals Dmitri die met Coco Chanel een winstgevende samenwerking begon.

Trivia[bewerken]

  • Ondanks zijn bijnamen als "De bezeten monnik" en "De gekke monnik" is Raspoetin officieel nooit verbonden geweest met de Russisch Orthodoxe Kerk.
  • In het Erotica Museum van Sint-Petersburg staat een ca. 30 cm lange penis op sterk water, waarvan beweerd wordt dat die van Raspoetin is.[13]. Overigens is de herkomst onzeker. Als zijn vriend Filippov samen met Raspoetin een badhuis bezoekt observeert hij zijn lichaam. Later verklaart hij dat hij geen bijzonderheden kon opmerken die de seksuele aantrekkingskracht van Raspoetin bij vrouwen kon verklaren.[2]

Literatuur[bewerken]

  • Edvard Radzinski: Raspoetin; de bezeten monnik (Uitgeverij Balans, 2001)
  • Ton Jansen: 'De Balkan is geen oorlog waard!' Raspoetin, Rusland en de Eerste Wereldoorlog. De moordaanslag van 12 juli 1914 (Uitgeverij Palladion, 2014)
Noten
  1. a b c d Radzinsky, Edvard, The Rasputin File, Random House LLC. Geraadpleegd op 10-06-2014.
  2. a b c d Radzinsky, Edvard, Rasputin, The last word, Phoenix ISBN 0753810808.
  3. a b c (en) Daniel Irimia. New Apocalypse deadline? Grigori Rasputin predicted the end of the world to come on August 23, 2013 (01-01-2013) Geraadpleegd op 09-06-2014
  4. a b Grigori Raspoetin, Lichtzinnige monnik, Liesbeth Sparks, Quest Historie, Nr 3 2013
  5. a b (en) Fuhrmann, Joseph T., Rasputin: The Untold Story, Wiley Geraadpleegd op 15-06-2014.
  6. a b c (en) Grigory Yefimovich Rasputin. Encyclopædia Britannica (08-04-2013) Geraadpleegd op 09-06-2014
  7. a b (nl) Hubert Smeets. Raspoetin: via de zonde naar de hemel. NRC (29-08-1997) Geraadpleegd op 09-06-2014
  8. (en) Matt. Rasputin - The 'Mad Monk'. BBC (29-06-2004) Geraadpleegd op 11-06-2014
  9. (nl) Coppard, Kit, Wonderlijke krachten van de menselijke geest, Aldus Books, Londen, 1975
  10. (en) Brown, Archie, The Rise and Fall of Communism, Random House URL bezocht op 17-06-2014.
  11. (en) Ola Cichowlas. Russia’s Greatest Love Machine. Eastbook (13-12-2012) Geraadpleegd op 17-06-2014
  12. Zie Ton Jansen, 'De Balkan is geen oorlog waard!' Raspoetin, Rusland en de Eerste Wereldoorlog. De moordaanslag van 12 juli 1914, ISBN 978 90 76921 29 7
  13. Museum of Hoaxes artikel: "Rasputin's Penis: Hoax or not?"