Huishouden

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een huishouding, geschilderd door Jan Steen.

Onder een huishouden wordt verstaan (het reilen en zeilen van) een woongemeenschap of huisgezin.

Met het huishouden doen, worden de activiteiten bedoeld die worden ondernomen om de leefsituatie van één of meer personen in stand te houden. De leefsituatie zelf wordt dan ook vaak aangeduid als een huishouding.

Het ritme van het huishouden wordt gedicteerd door de dagelijkse beslommeringen, de al dan niet gezamenlijk genuttigde maaltijden der gezinsgenoten, de jaarlijks terugkerende feesten en feestjes, schoonmaakwerkzaamheden enzovoort. In de huishoudens worden kinderen geboren, worden deelnemers ziek en weer beter en sterven ze. Een huishouden fungeert dan achtereenvolgens als geboortehuis, ziekenhuis en sterfhuis. Deze gebeurtenissen kunnen ook plaatsvinden in een ziekenhuis of hospitaal. Jongvolwassenen verlaten het huis om elders een huishouden te stichten of worden deelgenoot van een ander huishouden.

Huishouden kan zowel betaald als onbetaald worden uitgevoerd. De huishoudster voert de huishouding in opdracht van haar werkgever en wordt hiervoor betaald. Zij heeft eventueel de beschikking over een huishoudelijke hulp, een tuinman en een klusjesman. Het huishouden is een dagelijkse bezigheid. De huishoudster kan gezien worden als de (betaalde) vervangster van de huisvrouw.

Bij diverse onderdelen van de sociale zekerheid in Nederland kan een gezamenlijke huishouding de uitkering verlagen of verhogen.

Geschiedenis[bewerken]

Een oikos, meervoud oikoi (Oudgrieks: οἶκος, meervoud: οἶκοι) is het equivalent van onder meer huis, familie, gezin, huishouden. De oikos was de hoeksteen van de samenleving tijdens de Klassieke periode. Deze kleinste eenheid binnen de Griekse gemeenschap van vrije burgers werd gevormd door de wettige verwanten van een man, die bij hem in huis woonden, zijn slaven en zijn concubines. De basis daarvan werd indertijd gevormd door de kleros, een stuk land waarvan de man zowel juridisch als economisch eigenaar was.

Huishoudelijke taken[bewerken]

Kind dat afwast.

Enkele activiteiten binnen het huishouden zijn:

  • wassen van kleding
  • strijken van kleding
  • afstoffen van meubels
  • dweilen van vloeren
  • stofzuigen
  • de boodschappen doen
  • eten koken
  • afwassen van de vaat
  • ramen lappen

Deze taken werden traditioneel meestal door vrouwen gedaan. Huishoudelijke taken die traditioneel door mannen werden gedaan zijn:

  • planken ophangen
  • meubilair repareren
  • tuin verzorgen
  • onderhoud apparatuur
  • vloeren leggen
  • lampen ophangen

De huishoudelijke taken zijn dus vaak op een bepaalde manier verdeeld tussen vrouwen en mannen. Vooral na de industriële revolutie werden de taken van de man voor een deel naar buiten het huis verplaatst. Na (vooral) de tweede feministische golf is die verdeling van de hoeveelheid en de aard van de huishoudelijke taken minder vanzelfsprekend geworden.

Overige betekenissen van het begrip[bewerken]

Het woord huishouden komt ook in samenstellingen voor: staatshuishouden, wereldhuishouden en waterhuishouden. Huishouding is in deze samenstellingen synoniem aan beheer of bestuur.

Verder wordt het aantal 'huishoudens' in de statistiek (van bijvoorbeeld de CBS) ook bepaald door het aantal 'huisadressen' te tellen. In 2011 woonden er gemiddeld 2,20 personen per huishouden.[1]

'Huishouden' is een werkwoord dat 'teisteren' betekent. Men zegt bijvoorbeeld dat een orkaan, een vloedgolf, een leger heeft 'huisgehouden'.

De toegepaste wetenschap van het huishouden wordt huishoudkunde genoemd.

Naar aanleiding van veel schilderijen van Jan Steen wordt een rommelig huis(houden) wel een huishouden van Jan Steen genoemd.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties