Laurent-Désiré Kabila

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Laurent-Désiré Kabila
Laurent-Désiré Kabila cropped.jpg
Ambtstermijn 17 mei 1997 - 16 januari 2001
Voorganger Mobutu Sese Seko
Opvolger Joseph Kabila
Geboren Ankoro, 1938
Overleden Kinshasa, 18 januari 2001
Politieke partij ADFL
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Laurent-Désiré Kabila (Ankoro, 27 november 1938 - Kinshasa, 16 januari 2001) was van 1997 tot zijn gewelddadige dood in 2001 president van de Democratische Republiek Congo.

Hij behoorde tot de Luba-bevolkingsgroep uit Katanga. In de jaren zestig studeerde Kabila in Frankrijk en werd een overtuigd marxist en een aanhanger van Patrice Lumumba en Pierre Mulele. Begin 1964 startte Mulele met zijn Nationale Bevrijdingsraad (NLC) een gewapende strijd in Kwilu. Kabila volgde drie maanden later en begon met zijn vriend Gaston Soumialot de Simba-opstand in het gebied rond Uvira in Oost-Zaïre. In 1965 vocht Che Guevara aan de zijde van Laurent Kabila. Bovendien was hij van alle Congolese maquisards die Che Guevara in Congo assisteerde onmiskenbaar degene die bij El Che het hoogst in aanzien stond, al was Che niet erg te spreken over hun kwaliteiten. Eind 1965 strandde de Simba-opstand en werd het verdeelde NLC verslagen. Twee jaar later richtte Kabila de Revolutionaire Volkspartij (PRP) op en vanuit haar basis in de bergen rond Fizi en Baraka voerde de militaire vleugel onder leiding van Kabila achttien jaar strijd tegen het bewind van Joseph-Désiré Mobutu. Na een offensief van het Zaïrese leger eind 1984 werd de PRP verdreven en Kabila verdween.

In oktober 1996 vielen Rwandese en Oegandese milities het toenmalige Zaïre binnen en begon de Congolese Burgeroorlog. Het volk steunde de opstand omdat het Mobuturegime zo gehaat werd. Kabila's RVP fuseerde met drie of vier andere grote verzetsbewegingen tot de ADFL, waardoor de inval een binnenlands karakter kreeg. Kabila, aanvankelijk een woordvoerder van de ADFL, slaagde erin de controle te verwerven over de beweging. De oorspronkelijke aanval tegen de Interahamwe die de controle hadden over de vluchtelingenkampen in de Kivu groeide uit tot opstand tegen Mobutu vanuit Congolees perspectief en een genocide tegen vluchtende Hutu-milities vanuit Rwanda. In mei 1997 vluchtte Mobutu weg uit Zaïre en op 17 mei riep Kabila zich uit tot president van de Democratische Republiek Congo.

Kabila's presidentschap bracht geen democratie en voorspoed in Congo. Mensenrechtenorganisaties berichtten over voortgaande wreedheden tegen Hutu's en andere schendingen van de mensenrechten, waaronder de vervolging van politieke opposanten. In 1998 verbraken Oeganda en Rwanda hun contacten met Congo en trokken hun militaire steun in. De ontevredenheid over Kabila's regime nam toe en er ontstond een burgeroorlog. Hierbij vielen Rwandese en Oegandese milities opnieuw Congo binnen, maar nu tegen Kabila. Ook nu werd de buitenlandse inval snel opgesmukt met een inderhaast opgericht Congolees leger, het Rassemblement congolais pour la démocratie. Maar in tegenstelling tot de gebeurtenissen van 1996-1997 kon niemand de overhand halen en eindigde de oorlog in een patstelling.

Op 16 januari 2001 kwam Kabila tijdens een mislukte staatsgreep om het leven. Een van zijn lievelingskindsoldaten, Kasereka Rachidi, schoot hem neer in zijn bureau in het 'Palais de Marbre', het marmeren paleis[1] gebouwd door Mobutu. De dader werd door een paleiswacht gedood. Vier andere medeplichtigen werden aangehouden.

Zijn zoon, Joseph Kabila, volgde hem op.

Bronnen, noten en/of referenties
Voorganger:
Mobutu Sese Seko
President van de Democratische Republiek Congo
1997-2001
Opvolger:
Joseph Kabila