Rwanda

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Republika y'u Rwanda
République Rwandaise
Republic of Rwanda
Vlag van Rwanda
(Details)
Wapen van Rwanda
(Details)
Rwanda
Basisgegevens
Officiële landstaal Kinyarwanda, Frans, Engels
Hoofdstad Kigali
Regeringsvorm Presidentiële republiek
Religie rooms-katholiek 57%, Protestant 37%, Islam 5%
Oppervlakte 26.340 km² [1] (5,3% water)
Inwoners 10.537.222 (2012)[2]
12.012.589 (2013)[3] (456,1/km² (2013))
Overige
Volkslied Rwanda nziza
Munteenheid Rwandese frank (RWF)
UTC +2
Nationale feestdag 1 juli
Web | Code | Tel. .rw | RWA | 250
Topografie
Rwanda
Portaal  Portaalicoon   Landen & Volken

Rwanda, officieel de Republiek Rwanda, is een land in Centraal-Afrika en grenst aan Congo-Kinshasa, Oeganda, Tanzania en Burundi.

Geschiedenis[bewerken]

Protohistorie[bewerken]

De Urewe-cultuur is een fase van de Vroege IJzertijd in het gebied rond het Victoriameer, namelijk de Kivu-streek in Congo-Kinshasa, Rwanda, Burundi, Oeganda, noordwest Tanzania en zuidwest Kenia.

Koloniale tijd[bewerken]

Belgische kolonel Molitor bij de verovering van Kigali in 1916

Rwanda maakte in de laatste decennia van de negentiende eeuw als "Ruanda" onderdeel uit van de Duitse kolonie Duits-Oost-Afrika. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd Ruanda/Rwanda in 1916 veroverd door Belgische troepen uit Belgisch-Congo. In 1919 werd het, samen met het toenmalige Urundi een mandaatgebied van de Volkenbond, bestuurd door België. In 1947 werd het een trustgebied van de Verenigde Naties, eveneens onder Belgisch bestuur.

In 1931, twee jaar voordat de Joden in Duitsland werden gedwongen zich als zodanig kenbaar te maken, stelde men al het vermelden van de volksgroep (Tutsi of Hutu) op de identiteitskaart in Rwanda verplicht.

In 1959 overleed Mwami (koning) Mutara III van Rwanda. Hij werd opgevolgd door Kigeri V. In datzelfde jaar kwamen de Hutu's in opstand tegen de Tutsi's. De opstand liep uit op een bloedbad.

In 1960 won de MDR-Parmehutu, de nationalistische Hutu-partij de door de Belgen gecontroleerde verkiezingen. In januari brak de zgn. 'Hutu-revolutie' uit en werd koning Kigeri V verdreven. Parmehutu-voorzitter Grégoire Kayibanda werd minister-president van het inmiddels autonome Rwanda. Dominique Mbonyumutwa werd aangesteld als voorlopig president.

Onafhankelijkheid[bewerken]

Rwanda werd in 1962, als toenmalig onderdeel van Ruanda-Urundi, onafhankelijk van België. Kayibanda werd tot eerste president verkozen. In de regering van Kayibanda werden geen Tutsi's opgenomen. In 1963 vonden er opnieuw slachtingen plaats tussen de Hutu's en Tutsi's.

In 1965 werd president Kayibanda herkozen. In oktober 1965 werd de positie van Kayibanda versterkt toen zijn Parmehutu-partij bij de verkiezingen alle zetels in het parlement veroverde. In 1969 werd Kayibanda opnieuw herkozen.

De weinig stabiele economische situatie en de aanhoudende etnische conflicten bereikten in 1972 en 1973 een hoogtepunt. Minister van Defensie, generaal-majoor Juvénal Habyarimana, pleegde op 5 juli 1973 een staatsgreep en bracht de regering-Kayibanda ten val. De Parmehutu werd ontbonden en Habyarimana werd president van het Comité voor Vrede en Nationale Eenheid. In augustus 1973 werd Habyarimana tot president van Rwanda gekozen en stelde hij een regering samen waarin ook een Tutsi was opgenomen.

In 1975 werd de eenheidspartij MRND (Mouvement Démocratique Révolutionnaire National pour le Developpement) opgericht. Hoewel deze stelde de hele bevolking te vertegenwoordigen was het in werkelijkheid een Hutu-partij.

In 1978 werd Habyarimana door het volk gekozen tot president (hij was de enige presidentskandidaat). Onder Habyarimana was er sprake van een betrekkelijke rust tussen de etnische groepen (Hutu, Tutsi en Twa). Habyarimana weigerde echter om de Tutsi vluchtelingen, die begin jaren zestig naar Oeganda en Burundi waren gevlucht, toestemming te geven naar Rwanda terug te laten keren. In 1988 spraken de Westerse landen zich negatief uit over het etnisch beleid van president Habyarimana, omdat hij de Tutsi vluchtelingen weigerde te laten terugkeren. In hetzelfde jaar waren er botsingen tussen de Hutu's en Tutsi's en kwamen er veel mensen om het leven.

In oktober 1990 vielen Tutsi-milities onder de naam Front Patriotique Rwandais (FPR) Rwanda binnen. Zij waren veelal kinderen van de Tutsi's die in de jaren zestig Rwanda waren ontvlucht. De FPR werd gesteund door Oeganda. Met behulp van Zaïrese, Belgische en Franse troepen bleef de regering-Habyarimana in het zadel en konden de FPR-milities worden verdreven. President Habyarimana besloot gesprekken te gaan voeren met de FPR ten einde tot een vredesregeling te komen (1991). President Habyarimana voerde in 1991 tevens een meer democratische grondwet in en nam meer Tutsi's op in de regering. In 1992 werd het meerpartijenstelsel ingevoerd.

Genocide[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Rwandese genocide voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In 1993 waren de FPR en de Rwandese regering nog steeds in gesprek. In september 1993 werd mevr. Agathe Uwilingiyimana van de MDR (Mouvement Démocratique Républicain) tot premier benoemd. Op 6 april 1994 werd het vliegtuig van de Rwandese president Habyarimana neergeschoten en kwam de in januari 1994 herkozen president om het leven. Binnen 24 uur begonnen de moordpartijen van Hutu’s op Tutsi’s en gematigde Hutu’s. Théodore Sindikubwabo (MRND) nam de taken van de president waar.

Er was geen sprake meer van enige stabiliteit. Het Hutu-radiostation Radio et Television Libre de Mille Collines (RTLM ); de zogenaamde Hutu power radio, riep de Hutu's op tot haat tegen de Tutsi's en de gematigde Hutu's. Vanaf woensdag 6 april 1994, rond negen uur 's avonds, begonnen er vreselijke slachtpartijen. Hutu's vermoordden gematigde Hutu's en vooral Tutsi's. De Twa, het pygmeeënvolk (de oorspronkelijke bewoners van Rwanda), werd ook het slachtoffer van de moordpartijen. De slecht uitgeruste VN-macht UNAMIR kon weinig meer doen dan humanitaire hulp verlenen.

Op 7 april 1994 stond een sectie Belgische paracommando's van het peloton mortieren onder leiding van Lt. Lotin in voor de beveiliging van eerste minister Agathe Uwilingiyimana. Die dag werd de residentie van Uwilingiyimana omsingeld door Rwandese militairen. De Belgische paracommando's verzekerden de ontsnapping van Uwilingiyimana maar werden bij deze actie zelf omsingeld. Op bevel van hogerhand moesten ze hun wapens afgeven om zo over hun vrijlating te kunnen onderhandelen. Na hun aankomst in het militaire kamp in Kigali werden ze doodgeslagen met de kolf van een geweer. De Bengaalse QRF sloot zich op in haar kwartieren. Op 8 april kregen alle eenheden te horen dat 10 Belgen waren gesneuveld. Tussen 9 en 19 april werden alle aanwezige Belgen geëvacueerd (operatie Silver Back) gevolgd door de volledige terugtrekking van alle nog aanwezige paracommando's (operatie Blue Safari).

Het aantal slachtoffers tijdens de genocide wordt geschat op 500.000 tot 1 miljoen doden[4] (voornamelijk Tutsi's en gematigde Hutu's). Veel Hutu's en Tutsi's sloegen op de vlucht en kwamen in overvolle vluchtelingenkampen in het toenmalige Zaïre (nu Democratische Republiek Congo) en andere Afrikaanse landen. Velen kwamen in die kampen om ten gevolge van uitputting, watergebrek, cholera en andere ziektes.

De FPR begon met een tegenoffensief en nam veel provincies in en veroverde in juli 1994 de hoofdstad Kigali. President Sindikubwabo werd afgezet en vervangen door de Hutu Pasteur Bizimungu. Generaal Paul Kagame (FPR), een Tutsi, werd minister-president.

1rightarrow blue.svg Zie ook het artikel over het Rwanda-tribunaal

Na de genocide[bewerken]

President Paul Kagame in 2007

In augustus 1996 ontstond er ook een conflict binnen de politieke kringen. Oud-premier Faustin Twagiramungu (Hutu) beschuldigde het Rwandese leger van genocide op 600.000 Tutsi's.

Eind 1996 leek de situatie weer 'onder controle'. President Bizimungu en het parlement keurden een wet goed waarin werd voorzien in de berechting van 80.000 misdadigers.

Hoewel de situatie enigszins stabiel is, is men constant op de hoede voor het opnieuw oplaaien van het etnisch geweld.

In 2000 werd generaal Paul Kagame (Tutsi), de werkelijke machthebber en minister, tot president gekozen.

Geografie[bewerken]

De Nyabarongo rivier; één van de meest verafgelegen rivieren in het stroomgebied van de Nijl
De berggorilla is momenteel Rwanda's toeristentrekker

Rwanda is een klein land in Centraal-Afrika met een oppervlakte van 26.338 km². Het ligt een paar graden ten zuiden van de evenaar. Het heuvelachtige landschap van Rwanda is bedekt met grasland en kleine boerderijen. In het noordwesten bevindt zich een vulkanisch gebied, vanwaar zich een bergrug in zuidoostelijke richting uitstrekt. Hier bevindt zich ook Mount Karisimbi, die met zijn 4507m de hoogste berg van het land is. De waterscheiding van het stroomgebied van de Nijl en de Kongo loopt in het westen, op een hoogte van ca. 2743 meter.

Op de westelijke flanken van deze bergkam daalt het land ineens richting het Kivumeer en de vallei van de Ruzizi-rivier. Dit gebied maakt deel uit van de Afrikaanse Grote Slenk. De oostelijke hellingen zijn gelijkmatiger met een vriendelijk uitgestrekt heuvellandschap dat gelijkmatig daalt richting de vlakten, moerassen en meren in de oostelijke grensstreek. Dit landschap heeft Rwanda de bijnaam “Land van Duizend Heuvels” bezorgd. De meest afgelegen waterloop van de Nijl – en hiermee dus feitelijk de oorsprong van de Nijl – ontstaat in Nyungwe Forest. Het water stroomt via de rivieren Mwogo, Nyabarongo en Kagera voordat het in Tanzania in het Victoriameer stroomt.

Bestuurlijke indeling[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Provincies van Rwanda voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Rwanda is onderverdeeld in vijf provincies (intara) die op hun beurt weer uit 31 districten (akarere) bestaan.

De provincies zijn:

Bevolking[bewerken]

Etnische groepen[bewerken]

De etnische bevolking bestaat voor 90% uit Hutu's (Bantoes), 9% Tutsi's (Hamieten) en 1% Twa (pygmeeën, de oudste bewoners).[5]

Religie[bewerken]

In de negentiende en twintigste eeuw hebben missionarissen van de Witte Paters een groot deel van de bevolking gekerstend. In 1943 bekeerde koning (mwami) Mutara III van Rwanda zich tot het katholicisme. Aanvankelijk steunde de Kerk het idee dat de Tutsi's superieur waren ten opzichte van de Hutu's en de Twa's, maar vanaf het begin van de jaren vijftig kwam men hier radicaal op terug en speelde de Kerk een belangrijke rol bij de emancipatie van de Hutu's.[bron?]

In de jaren vijftig stond Rwanda als het meest christelijke land van Afrika bekend.

In 2001 was 56,5% van de bevolking katholiek (aartsbisdom Kigali en 8 bisdommen), 26% protestants, 11,1% adventist en 4,6% moslim (2001).[5]

Armoede[bewerken]

Volgens het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties leeft in Rwanda 60,3% van de bevolking onder de armoedegrens.[6]

Staatsinrichting[bewerken]

De grondwet van 2003 verving die van 1991. De grondwet voorziet in een meerpartijenstelsel en democratische verkiezingen. De grondwet beperkt de uitvoerende macht van de president door het ambt van premier in te stellen. Rwanda kent een eenkamerparlement.

1rightarrow blue.svg Zie ook de lijst van staatshoofden van Rwanda en lijst van ministers-presidenten van Rwanda

Partijen[bewerken]

De belangrijkste partij is het Rwandees Patriottisch Front (FPR). Het FPR was vroeger een guerrillabeweging van Tutsivluchtelingen maar werd in 1994 omgevormd tot een politieke partij van gematigde Hutu's en Tutsi's.

Tot juni 1991 was de Mouvement Révolutionnaire National pour le Développement de enige toegestane partij. De MRND claimde geen partij te zijn en de hele bevolking te representeren maar was in wezen een Hutu-partij. In 1991 werd een meerpartijenstelsel ingevoerd en de naam van de MRND gewijzigd in Mouvement Républicain National pour la Démocratie et le Développement (MRNDD).

Naast de MRND en de FPR zijn er nog meer partijen: de MDR (Mouvement Démocratique Républicain), inmiddels verboden, de Parti Social-Démocrate (PSD), de Parti Libéral (PL), de Parti Socialiste Rwandais (PSR) en de Parti Démocratique Chrétien (PDC). De laatste wordt tegenwoordig Parti Démocrate Centriste genoemd, omdat een partij geen religieuze ideologie mag hebben.

Vakbond[bewerken]

De eenheidsvakbond tussen 1974 en 1984 was de Centrale d'Éducation et de Coopération des Travailleurs pour le Développement (CECOTRAD). Met steun van de Internationale Organisatie van de Arbeid en van de Rwandese regering bleef de vakbond toch zwak met een beperkte aantal leden.

Vanaf 1984 de enige partij MRND steunde een enige vakbond Centrale Syndicale des Travailleurs du Rwanda (CESTRAR). Met de herdemocratisering van het land begin 1991 beslot CESTRAR onafhankelijk te worden en met het congres van augustus 1991 werd de vakbond Centrale des Syndicats des Travailleurs du Rwanda (altijd nog CESTRAR) genoemd.

Literatuur[bewerken]

  • Bernard Lugan, Histoire du Rwanda : de la préhistoire à nos jours, Bartillat, Parijs, 1997, 606 blz. ISBN 2-84100-108-3 (Franstalig overzichtswerk over de geschiedenis van Rwanda van de prehistorie tot aan onze tijd)

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties