Necrofilie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Necrofilie, Grieks: νεκρος lijk of dode, is een seksuele voorkeur voor het bedrijven van seks met een lijk. De term zou afkomstig zijn uit het werk van Krafft-Ebing genoemd Psychopathia Sexualis[1]. Necrofilie is in de meeste landen strafbaar en wordt als afwijking beschouwd. In Nederland is het echter niet in het wetboek van strafrecht opgenomen [2].

Onderzoek naar necrofilie[bewerken]

Er is nauwelijks onderzoek gedaan naar de mate waarin necrofilie voorkomt onder mensen. Klaf en Brown[3] (1958) merken op dat, hoewel zelden beschreven, necrofiele fantasieën meer voorkomen dan normaal gesproken aangenomen wordt. Een mogelijke oorzaak hiervoor kan gevonden worden in het taboe dat op necrofilie rust.

Rosman and Resnick[4] (1989) speculeerden dat elk van de volgende situaties indicatoren voor necrofiel gedrag in de toekomst kan zijn (pp. 161):

  1. De necrofiel ontwikkelt een laag zelfvertrouwen, mogelijk deels als gevolg van een belangrijk emotioneel verlies;
    (a) Hij (doorgaans betreft het mannen) is uitermate angstig voor afwijzingen door vrouwen en hij verlangt naar een seksueel object dat niet in staat is hem af te wijzen; en/of
    (b) Hij is in eerste instantie bang voor overledenen, en transformeert deze angst voor overledenen juist in een verlangen naar overledenen.
  2. Hij ontwikkelt een opwindende fantasie omtrent seks met een lijk, soms nadat hij geconfronteerd is met een lijk.

Deze auteurs melden verder dat uit hun onderzoeksgroep van 'necrofielen' 68% gedreven werd door een verlangen naar een niet tegenwerkende of afwijzende partner, 21% gedreven werd door het verlangen naar een verloren partner, 15% door een aantrekking tot lijken; 15% door een verlangen naar bevestiging of om eenzaamheid de baas te worden en 12% gemotiveerd werd door een verlangen om hun gebrekkig zelfvertrouwen te verbeteren door macht over een lijk uit te oefenen (pp. 159).

Er wordt een verband gesuggereerd tussen het werken met lijken en necrofilie. Het alleen zijn met een lijk, dat naakt en mooi kan zijn, kan de lust opwekken om het lijk aan te raken, te masturberen of er geslachtsgemeenschap mee te hebben. Bewijs hiervoor is echter nooit geleverd.

Necrofilie kan ook een fantasie zijn. Sommige klanten van prostituees willen dat zij zich als lijk voordoet. Een verband met het willen uitoefenen van totale controle over de partner kan in dergelijke situaties de motivator zijn.

Er zijn weinig gevallen van necrofilie beschreven in Nederland en België. In 1999 was er bijvoorbeeld geen enkele veroordeling in beide landen. In totaal zijn er ongeveer 100 gevallen bekend in Duitsland. In de Verenigde Staten zijn er enkele seriemoordenaars geweest waarvan het bekend is dat ze necrofilie bedreven. Zo verkrachtte de kannibaal Issei Sagawa zijn slachtoffer nadat hij haar had doodgeschoten.

Literatuur, muziek en film[bewerken]

Ook in de literatuur wordt over necrofilie geschreven. Zo wordt in Hamlet van Shakespeare de schoonheid van het waterlijk van Ophelia bezongen.

Andere auteurs waarbij necrofilie in hun werken voorkomt zijn:

Er zijn ook thrillers geschreven waarin necrofilie voorkomt. Een voorbeeld is "Nattevagten" van Ole Bornedal. Enkele voorbeelden uit de filmwereld zijn "Tales from the Gimli Hospital" van regisseur Guy Maddin en de film 'Nekromantik', waar twee delen van zijn gemaakt. Deze cultfilms uit 1987 zijn geregisseerd door de Duitse low budget filmmaker Jorg Buttgereit. Necromantik is destijds ook vertoond op het Rotterdams Filmfestival.

Een bekende scène uit de film "Brazil" (1985/Terry Gilliam) maakt middels een grap ook een verwijzing. Hoofdpersoon Sam Lowry (Jonathan Pryce) heeft zojuist de gegevens van de gezochte Jill Layton (Kim Greist) in de staatscomputers veranderd zodat ze officieel overleden zou zijn. Zij flirt vervolgens met hem door te informeren of hij zin heeft in 'n potje necrofilie.

Ook de Amerikaanse schrijfster Poppy Z. Brite schrijft onder andere vanuit het perspectief van een necrofiel in haar boek "Exquisite Corpse" (Nederlandse versie: "Begeerlijk Kadaver").

De Amerikaanse thrashmetalband Slayer schreef een nummer over necrofilie, namelijk "Necrophiliac" van hun album Hell Awaits.

Dieren[bewerken]

Necrofilie komt ook voor binnen het dierenrijk. In 2001 beschreef Kees Moeliker een geval van homoseksuele necrofilie bij de wilde eend. Een mannetjeseend vloog zich te pletter tegen een raam, waarachter Moeliker zat te werken. Een tweede eend, ook een mannetje, streek neer bij het dode dier, waarna hij het lijk langer dan een uur achtereen verkrachtte. Voor zijn beschrijving van deze observatie kreeg Moeliker de Ig Nobelprijs.

In 1986 nam Wim Scheerens een geval van necrofilie waar bij gedomesticeerde ganzen. Een zieke vrouwtjesgans werd door hem doodgeschoten. Zij dreef verder op het water waarna zij onmiddellijk urenlang "verkracht" werd door 2 mannetjesganzen. Naar de mening van Scheerens is dergelijk gedrag niet echt aan te merken als necrofilie. Zowel in het artikel van Kees Moeliker in het NRC Handelsblad dd. 6 november 2001 ("Een leerzame verkrachting"), als bij zijn eigen waarneming, viel het hem op dat de beide "slachtoffers" plotseling dood gingen. De gans dreef ineens in paarhouding in het water en de eend gaf zijn verzet en vlucht plotseling op. Naar de mening van Scheerens hield dit voor de al hitsige ganzen en eend eindelijk een uitnodiging tot copulatie in, temeer daar beide dode dieren ook nog warm waren. Mogelijk beseften of accepteerden de levende mannetjes (nog) niet dat de andere partij dood was.

Zie ook[bewerken]

  • Snuff, het seksueel opgewonden raken van een verkrachting gevolgd door een moord;
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Krafft-Ebing, Richard von (1886). Psychopathia Sexualis. English translation: ISBN 1-55970-425-X.
  2. http://www.dood.nl/showit.php3?cid=1067
  3. Klaf, Franklin S., en Brown, William (1958). "Necrophilia: Brief Review and Case Report," the Psychoanalytic Quarterly, 29(143), 645-652. "Inhibited forms of necrophilia and necrophilic fantasies may occur more commonly then is generally realized."
  4. Rosman, Jonathan P., en Resnick, Phillip J. (1989). "Sexual attraction to corpses: a psychiatric review of necrophilia," Bulletin of the American Academy of Psychiatry and the Law, 17, 153-163.