Ouderverstotingssyndroom

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Warning icon.svg De neutraliteit van dit artikel wordt betwist.
Zie de bijbehorende overlegpagina voor meer informatie.
Esculaap     Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.

Het ouderverstotingssyndroom, een vertaling van het Engelse Parental Alienation Syndrome (PAS), is een — weliswaar niet door de American Psychiatric Association erkende — syndroom bij kinderen, als wordt vastgesteld dat zij een van hun ouders stelselmatig afwijzen. Het ouderverstotingssyndroom komt vooral voor bij kinderen van uit de echt gescheiden ouders en aanhoudende conflicten tussen hen, waarbij een kind gaandeweg onder invloed van de ene ouder de andere ouder onterecht verstoot in diverse nuances: van vermijden over laster tot uitvallen tegen die ouder. Het gebeuren is voor het eerst beschreven door de Amerikaanse psychiater Richard A. Gardner (1931-2003) als syndroom — met name die classificatie staat nog altijd ter discussie.

Omschrijving en kenmerken[bewerken]

Gardners volledige omschrijving luidt als volgt:

Aanhalingsteken openen

Het ouderverstotingssyndroom is een afwijking die zich bijna uitsluitend voordoet bij conflicten rond ouderlijk gezag. Primair kenmerk is de lastercampagne die het kind voert tegen een goede liefhebbende ouder, een campagne waar geen geldige reden voor is. Het is het resultaat van de combinatie van de indoctrinatie door een programmerende (hersenspoelende) ouder en de eigen bijdragen van het kind aan de verkettering van de ouder die het doelwit is. Als er sprake is van echte mishandeling en/of verwaarlozing door een ouder, kan de vijandschap van het kind terecht zijn, waardoor een categorisering onder ouderverstotingssyndroom niet van toepassing is.

Aanhalingsteken sluiten

Kenmerken van het ouderverstotingssyndroom:

  1. minachtingscampagne tegen de ouder waar het kind niet (dagelijks) verblijft
  2. zwakke of onzinnige redenen voor deze minachting
  3. het ontbreken van ambivalente gevoelens (de ene ouder is louter goed, de andere louter slecht)
  4. een nageprate ‘geheel eigen mening‘ van het kind
  5. reflexmatige steun aan de status-quo-ouder[1] in het ouderconflict
  6. afwezigheid van schuldgevoelens
  7. citeren van onbegrepen woorden
  8. uitbreiding van de vijandschap tot de familie van de gehate ouder.

Zoals kan worden begrepen uit de omschrijving doet het ouderverstotingssyndroom zich meestal voor bij een conflict over het gezag over het kind. Ook kan worden aangenomen dat andere partnerscheidingsproblemen van de ouders tot dit syndroom kunnen leiden. In de relatie met pleegouders en adoptieouders worden vergelijkbare problemen geconstateerd. Een aantal auteurs hebben er echter op gewezen dat er ook binnen niet opgebroken gezinnen ouderverstoting kan optreden.[2]

Gradaties en herstel[bewerken]

Gardner onderscheidt 3 gradaties die elk een specifieke juridische en therapeutische behandeling vereisen. De hoeveelheid en ernst van de optredende kenmerken bepalen de ernst van de ziekte. In milde gevallen vindt geregeld, bijna normaal, contact plaats met de verstoten ouder. In matige gevallen is sprake van meer stelselmatige breuken in het contact en dient therapeutisch ingegrepen te worden. Bij weinig perspectief dient dan ook juridisch te worden ingegrepen. In ernstige gevallen is ook juridisch ingrijpen en verandering van gezag of hoofdverblijf onvermijdelijk. Soms kunnen overgangssituaties worden gecreëerd in speciale voorzieningen.

Preventie van ouderverstotingssyndroom dient voorrang te hebben op curatie. Prinsen legt er de nadruk op dat de rechterlijke macht het probleem kan oplossen.[3] In het familierechtsysteem ligt de bron van het probleem. Therapie achteraf is vaak gebaseerd op een misvatting of leidt af van de aanpak van de bron. Gardner schreef daarover: "Het onderzoek bevestigt eveneens mijn eerdere waarneming dat traditionele therapie weinig tot geen waarde heeft voor het overgrote deel van de PAS-kinderen. In feite maakt die therapie de situatie meestal erger, omdat traditionele therapeuten normaliter juist het tegenovergestelde doen van wat PAS-kinderen nodig hebben.[4]" Zander[5] beschreef een lijn van maatregelen lopend van preventief naar curatief waarbij de nadruk ligt op het curatieve aspect na de erkenning van het probleem.

Juridisch[bewerken]

Civiel recht[bewerken]

Vooral in de Verenigde Staten is het begrip door veel rechtbanken erkend, maar ook door veel rechtbanken omstreden. Gardner stelt voor om in ernstige gevallen van ouderverstoting het eenhoofdige gezag over het kind in het belang van dat kind toe te wijzen aan de verstoten ouder. Het gaat dan om gevallen waar niets anders mogelijk is.

In juni 2007 plaatste een Spaanse rechter een kind voor een half jaar exclusief bij de vader omdat de moeder ouderverstoting programmeerde. Tevens werd hierbij een strafvervolging van de moeder geïnitieerd.[6]

In Nederland werd, na eerdere vermeldingen door rechtbanken, in juni 2007 door de arrondissementsrechtbank Maastricht ouderverstoting als argument genoemd voor het opleggen van een ondertoezichtstelling.[7] Daarna volgden ook het Hof Den Bosch[8] en een aantal andere rechterlijke colleges deze lijn met betrekking tot het ouderverstotingssyndroom. In de Bossche zaak werd de moeizame relatie tussen vader en kind door de rechter echter ook beschouwd als reden om het contact aanzienlijk te beperken, aangezien dit het kind te veel zou belasten.[8]

Strafrecht[bewerken]

Hoewel Gardner een medische beschrijving gaf, voldoet zijn beschrijving aan wat algemeen wordt gezien als het resultaat van een vorm van geestelijke kindermishandeling. Deze zienswijze wordt onder andere gevolgd door Deegener en Körner.[9] Ook bijna alle andere handboeken kindermishandeling zien het als een vorm van geestelijke kindermishandeling als je een kind van een betekenisvolle volwassene isoleert.[10] Dat geldt zeker voor een ouder. Klosinsky stelt daarnaast dat je kunt spreken van geestelijke kindermishandeling als er sprake is van "het bewust bij het kind angst en schuldgevoelens oproepen om partij te moeten kiezen".[11] Geestelijke mishandeling is volgens de Nederlandse wet strafbaar.[12] Om de strafbare daad van de programmerende ouder te onderscheiden van de beschreven (diagnostische) toestand van het betrokken kind is het gewenst hier een ander woord voor te gebruiken. In de Nederlandse literatuur is hiervoor het begrip loyaliteitsmisbruik ingevoerd.

Hoewel de wet dus geestelijke mishandeling strafbaar stelt wordt het in de praktijk zelden vervolgd, vanwege bewijsproblemen. Juist in het geval van loyaliteitsmisbruik zijn er vaak wel elementen te vinden die wijzen op een bewuste isolatie van kinderen dan wel het forceren van de keuze voor een partij.

In Brazilië is het veroorzaken van Ouderverstotingssyndroom uitdrukkelijk strafbaar (er kan een boete worden opgelegd) gesteld en wordt bij wet serieus genomen in civiele procedures.[13][14] Ook in België zijn voorstellen gedaan om tot strafbaarstelling te komen (zie onder het kopje België)

Sociologisch[bewerken]

Gardner beschouwde het op tegenspraak (niet gericht op het creëren van gezamenlijkheid, maar elkaar bestijdend) gebaseerde rechtssysteem als een van de oorzaken van het ontstaan van ouderverstotingssyndroom. Ook het feit dat moeders er niet meer altijd op konden rekenen het gezag te krijgen zag hij als een basis voor conflicten.

Hubert Van Gijseghem heeft een aantal historisch-sociologische ontwikkelingen beschreven die volgens hem onder andere ten grondslag lagen aan het optreden van dit syndroom.

Over de prevalentie van het syndroom is weinig bekend. Wel zijn er veel schattingen gemaakt op basis van sociologisch onderzoek naar problemen van kinderen na conflictueuze scheidingen. Een percentage van 20-30% van de kinderen uit problematische scheidingen wordt vaak genoemd.[15] In Nederland is enig onderzoek gepleegd door Ed Spruijt en Esma Kaplan. Hun onderzoeksbasis was zeer beperkt, gebaseerd op afwijkende definities en ze kwamen tot tegenovergestelde uitkomsten.

Status van het concept, kritiek[bewerken]

Het ouderverstotingssyndroom is opgenomen in DSM-V, de internationale classificatie van psychische stoornissen onder het meer beperkte concept van ouder-kind-relatieprobleem.

Vooral de Amerikaanse vrouwenbeweging heeft krachtig stelling genomen:[16] erkenning van het syndroom zou ertoe leiden dat kindermishandelaars zich achter de diagnose ervan kunnen verschuilen. In reactie op de suggestie dat het syndroom slechts een vaderaangelegenheid betrof heeft Gardner herhaalde malen benadrukt dat ook vrouwen slachtoffer zijn van dit fenomeen.

Er is wel een vrij brede overeenstemming over het bestaan van het “verschijnsel” van buitenproportionele verwijdering tussen ouder en kind op irreële gronden, maar het krijgt niet de formele status van een apart syndroom. De voornaamste discussie speelt zich af over de precieze benamingen, indicaties en diagnostische criteria.[17] Om die reden heeft een internationale groep wetenschappers onder leiding van William Bernet het ouderverstotingssyndroom onder de naam Parental Alienation Disorder (PAD) in een afwijkende variant voorgedragen voor expliciete opname in de DSM-V, voorlopig zonder succes.[18]

Gebruik van het begrip in het Nederlandse taalgebied[bewerken]

Het begrip Ouderverstotingssyndroom is als begrip in Nederland algemeen erkend en wordt zowel in de juridische, pedagogische en psychologische vakliteratuur en in de jurisprudentie gebruikt. Erkenning als begrip wil overigens niet altijd zeggen dat het verschijnsel ook door eenieder wordt erkend.

Nederland[bewerken]

In Nederland is tot nu toe in beperkte mate over dit syndroom geschreven. In 1999 sprak Gardner in Nederland een congres toe, georganiseerd door het ministerie van Justitie, het Platform SCJF (samenwerkende cliëntenorganisaties in jeugdzorg en familierecht) en de stichting SKO (Stichting Kind en Omgangsrecht).

Gardner deed destijds tegenover De Telegraaf onder andere een van zijn meer omstreden uitspraken:

"Een kind dat wordt ingezet als wapen bij een scheiding, wordt eigenlijk ernstiger beschadigd dan een leeftijdgenootje dat het slachtoffer is van seksueel misbruik. Wie mishandeld of misbruikt wordt, kan aangifte doen. De dader wordt bestraft, de ellende houdt op. Sommige kinderen komen over dat trauma heen. Maar jongens en meisjes die door de ene ouder volgepropt worden met negatieve informatie over de andere ouder, hebben levenslang. Die worden gedwongen zogenaamd vrijwillig zonder papa of mama op te groeien en moeten leren leven met leugens die hun zijn opgedrongen."

Het syndroom was daarna onderwerp van een boek dat het Platform SCJF heeft uitgegeven.[19] De Raad voor de Kinderbescherming liet het syndroom aan een literatuuronderzoek onderwerpen door de Utrechtse wetenschapper Ed Spruijt.[20] In 2004 kwam het boek Moeder-Kind-Vader een drieluik over ouderverstoting uit.[21] In de media heeft vooral prof. G.P. Hoefnagels het syndroom herhaalde malen onder de aandacht gebracht. Professor Hubert van Gijseghem is een prominente pleitbezorger voor erkenning van dit syndroom in België.

In het Nederlandse taalgebied zijn verschillende conferenties volledig aan dit thema gewijd. In 2004 in het Nederlandse Poortugaal.

België[bewerken]

De Belgische volksvertegenwoordiger Guy Swennen stelde in februari 2007 voor om loyaliteitsmisbruik, leidende tot ouderverstoting, in België expliciet strafbaar te stellen. In Belgie zijn verschillende conferenties aan het fenomeen ouderverstoting gewijd.[22] Daarnaast voorziet de wet in strafrechterlijke sancties, niet enkel voor de ouder die het omgangsrecht weigert maar ook voor iedereen die hieraan meewerkt: De wettelijke sanctie voor ouders die hun kind onttrekken aan het hoederecht of omgangsrecht van de andere ouder, dan wel aan de toezicht maatregelen van justitie riskeren een gevangenisstraf van 8 dagen tot 1 jaar en een geldboete van 26 tot 1.000 euro, hetzij een werkstraf van 46 tot 300 uur en een geldboete van 26 tot 1.000 euro of slechts één van die straffen alleen. Personen die hulp verschaffen bij het plegen van dit misdrijf kunnen als medeplichtige gestraft worden. Zo b.v. instellingen of opvoeders die weigeren het kind mee te geven aan een omgangsgerechtigde ouder, of grootouders die hun kinderen aanzetten het kleinkind niet mee te geven aan de andere partner. [23] Wereld Bewustwordingsdag Ouderverstoting is elk jaar op 25 april. In veel landen waaronder Duitsland, VS en Nederland wordt er dan aandacht besteed aan het onderwerp.

Literatuur[bewerken]

  • Gardner, Richard A, The Parental Alienation Syndrome, Cresskill 1992/1998 ISBN 0-933812-42-6
  • Spruijt, Kormos, Burggraaf, Steenweg, Het verdeelde kind, Utrecht 2002 ISBN 90-393-3262-2
  • Zander, van Altena, Theunissen, Het ouderverstotingssyndroom in de Nederlandse context, uitgeverij Servo Assen 1999 ISBN 90-5786-029-5
  • Zander, Joep, Moeder-Kind-Vader, een drieluik over ouderverstoting, Deventer 2004 ISBN 90-808631-1-4.[24]
  • Zander, Joep (e.a.), Verpasseerd Ouderschap, Loyaliteitsmisbruik en ouderverstotingssyndroom, Deventer 2009 ISBN 978-90-808631-3-2

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Voetnoten[bewerken]

  1. Dit is de ouder die het kind bij zich heeft. Vaak wordt hiervoor de term verzorgende ouder gebruikt. Vaak, en zelfs specifiek in dit kader, kan men echter niet spreken van zorg. Ook wordt hier, als van ouderverstotingssyndroom sprake is, het begrip programmerende ouder gebruikt
  2. Amy J.L. Baker, Adult children of parental alienation syndrome : breaking the ties that bind, 2007.
  3. Mr. Ir. P.J. Prinsen"Dr. Gardner, I presume?"rechter en psychiater ontmoeten elkaar" Relapublishing 2009 zie ook: "Gardner zou zich omdraaien in zijn graf"
  4. Should Courts Order PAS Children to Visit/Reside with the Alienated Parent? vertaling Prinsen
  5. Zander, 2011. Ouderverstoting en de vergeten vaderlijke opvoedingsverantwoordelijkheid in: Pedagogiek 2011-1
  6. bericht in Spaanse pers
  7. Voorzieningenrechter Rechtbank Maastricht, 12 juni 2007 LJN:BA1755
  8. a b Hof Den Bosch, 29 april 2010 LJN:BM3473
  9. Handbuch Kindesmisshandlung und Vernachlässigung 2005
  10. Ben Rensen; Kindermishandeling: Voor het leven beschadigd. blz 38
  11. G. Klosinsky; psychological maltreatement in the context of separation and divorce. In Child abuse and neglect 17 (4) 1993
  12. Artikel 300, Wetboek van Strafrecht: "Met mishandeling wordt gelijkgesteld opzettelijke benadeling van de gezondheid"
  13. http://warshak.com/blog/2010/11/04/taking-parental-alienation-seriously-brazils-new-law/
  14. LEI ORDINÁRIA Nº 12318, DE 26 DE AGOSTO DE 2010. Dispoe Sobre a Alienaçao Parental e Altera o Artigo 236 da Lei 8.069, de 13 de Julho de 1990. zie ook: hier
  15. Johnston 2006
  16. "NOW Foundation Opposes Phony Parental Alienation Disorder", bezocht op 11-05-2013.
  17. Bernet, W (2008). "Parental Alienation Disorder and DSM-V". The American Journal of Family Therapy 36 (5): blz 357: “A careful review of the extensive literature indicates that with the exception of two or three writers who reject Gardner’s views outright, there is more agreement amongst experienced professionals than there is disagreement”
  18. Bernet, W (2008). "Parental Alienation Disorder and DSM-V". The American Journal of Family Therapy 36 (5)
  19. J. Zander e.a., Het ouderverstotingssyndroom in de Nederlandse context (Servo, 1999).
  20. E. Spruijt e.a; Het verdeelde kind, Ed Spruijt 2002
  21. J. Zander, Moeder-Kind-Vader een drieluik over ouderverstoting Rela Publishing 2004
  22. Bijvoorbeeld in het Belgische Parlement: http://users.telenet.be/goudi/ouderverstoting.html#SYMPOSIUMOUDERVERVDS
  23. Niet afgeven van een kind door de ene ouder aan de andere http://www.elfri.be/niet-afgeven-van-een-kind-door-de-ene-ouder-aan-de-andere
  24. (besproken door Peter Hoefnagels in het Tijdschrift voor Familie en JeugdRecht juni 2005. Basis voor het wetenschappelijke artikel: Parental Alienation as an Outcome of Paternal Discrimination in het tijdschrift New Male Studies mei 2012