Pentium

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pentium
Pentium MMX - bovenaanzicht
Pentium MMX - bovenaanzicht
Registerbreedte 32-bits
Fabrikant Intel
Begonnen in 1993
Geëindigd in 1999
Klokfrequentie 60 - 300 MHz
Front-side bus 50 - 66 MHz
Schaal 0.8 µm tot 0.25 µm
Instructieset x86, MMX (latere modellen)
Level-1 cache 16 KB (8 KB code, 8 KB data)
Microarchitectuur P5
Aantal kernen 1
Sockets Socket 4, Socket 5, Socket 7
Kernnamen P5, P54, P54CS, P55C, Tillamook
Voedingsspanning 1,8 - 5,0 Volt
Aantal pinnen 273
Details
Aantal transistors 3.300.000
Breedte adresbus 32 bits
Breedte databus 64 bits
Adresruimte 4 GB
Pipelines 3 (2 integer, 1 float)
Aantal instructies > 400
Gebruikt microcode gedeeltelijk
Portaal  Portaalicoon   Informatica

De Pentium is een van 1993 tot en met 1999 geproduceerde microprocessor van Intel, die gebruikmaakte van de x86-instructieset. De introductie in 1993 was technisch een flinke stap voor Intel; marketingtechnisch brak met de introductie van deze processor een nieuw tijdperk aan. Logischerwijs zou de processor het nummer 80586 of i586 gekregen hebben, maar de naam werd veranderd in Pentium (het Griekse telwoord "πεντα" ("penta") betekent "vijf"), omdat getallen niet als merk geregistreerd konden worden. Pentium is in 2006 vervangen door Core.

Architectuur[bewerken]

Net als bij de 80486 was er aan de instructieset van de processor nagenoeg niets veranderd. Het accent bij de Pentium lag op snelheid. De grote vernieuwing van de Pentium was dat hij superscalair was, wat betekent dat hij meerdere instructies tegelijk kan uitvoeren. Logica in de processor bepaalde of twee opeenvolgende instructies van elkaar afhingen; zo nee, dan werden ze naar de twee verschillende uitvoeringseenheden in de processor doorgestuurd, de zogeheten u- en v-pijplijn, en parallel uitgevoerd.

Ook nieuw was dat de Floating Point Unit (FPU) nu werkte met de pipeline-architectuur. (De CPU deed dit al vanaf de 80386).

Modellen[bewerken]

Deze aanpak leverde aanzienlijke snelheidswinsten op ten opzichte van voorgaande Intel-processoren. De Pentium had aanvankelijk echter veel problemen met de warmteafgifte en werd op de voor die tijd vrij lage snelheden van 60 en 66 MHz geleverd.

Code naam P5 P54 P54C P55C P55C (Tillamook)
Proces grootte (µm) 0,80 0,60 0,35 0,25
Klokfrequentie (MHz) 60 66 75 90 100 120 133 150 166 200 120* 133* 150* 166 200 233 200 233 266 300
Volt 5,0 5,0 3,3 3,3 3,3 3,3 3,3 3,3 3,3 3,3 2,8 2,8 2,8 2,8 2,8 2,8 1,8 1,8 1,8 1,8
Geïntroduceerd Maart 1993 Okt. 1994 Maart 1994 Maart 1995 Juni 1995 Jan. 1996 Juni 1996 Okt. 1996 Juni 1997 Sept. 1997 Jan. 1998 Jan. 1999
  • * Deze zijn alleen beschikbaar voor notebooks.

Met de introductie van de Pentium verkocht Intel niet langer licenties aan haar concurrenten om de processor te mogen bouwen. Deze werkten dan ook nog met de 80486-processor. Doordat de Pentium achterbleef in de hoeveelheid megahertzen en de concurrentie met succes de 80486 op steeds hogere kloksnelheden wist te krijgen, bleef de markt concurrerend. Andere bedrijven hadden de tijd om hun eigen ontwerpen te ontwikkelen.

Problemen[bewerken]

De nieuwe FPU zorgde echter ook voor een domper op de feestvreugde. Op 30 oktober 1994 berichtte professor Thomas Nicely van het Lynchburg College dat er een bug zat in de FPU van de Pentiumprocessor. Bepaalde deeloperaties leverden een resultaat op dat zeer licht afweek van het goede antwoord. Op het internet werd de bug in een snel tempo door verschillende mensen bevestigd en werd hij de FDIV-bug genoemd. (FDIV is de x86-instructie voor een deeloperatie met gebroken getallen).

Intel ontkende aanvankelijk dat er een probleem was. Later veranderde men van standpunt; het probleem zou bijzonder klein zijn en maar op een klein aantal berekeningen optreden. Indien men kon bewijzen dat men er problemen mee had, kon de processor kosteloos omgewisseld worden. Het gevolg van deze vreemde PR-actie liet zich raden en de FDIV-bug was opeens het gesprek van de dag in computerland. Intels concurrenten, met name IBM, lieten geen gelegenheid verloren gaan Intel zwart te maken. Als gevolg hiervan had Intel geen andere keus dan over te gaan tot de grootste terugroepactie in de geschiedenis van de computerindustrie.

Marketing[bewerken]

De introductie van de Pentium ging samen met een uitgebreide reclamecampagne. Als onderdeel hiervan (en omdat een nummer niet als merk viel te registreren) had de processor voor het eerst een naam in plaats van een nummer. Over het succes bestaat geen twijfel, want het merk Pentium kan zich het sterkste in de computerindustrie noemen.[bron?]

Vanwege het succes van de marketingcampagne zouden alle volgende processoren van Intel de benaming Pentium meekrijgen, ook al waren het compleet andere processoren. Pas met Intel Core 2 is de Pentium-naam verlaten.