Polo (sport)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Polowedstrijd
16e-eeuwse Perzische miniatuur
Ham Polo Club, 2011
Ham Polo Club, 2011
Strandpolo
Op de voorgrond: de scheidsrechter
Pictogram van de polosport

Polo is een balsport te paard, waarbij het de bedoeling is een kleine, witgelakte houten of plastic bal of een kleine, oranje rubberen bal met een 'mallet' in het doel van de tegenstander te slaan.

Het is een balspel dat gespeeld wordt door twee teams van vier spelers te paard op een al dan niet omheind speelveld, vaak 200 x 300 meter. Ook is er een scheidsrechter op het veld die op een paard zit.

Geschiedenis[bewerken]

Het woord polo stamt uit het Indisch en betekent bal. De eerste aanwijzing van beoefening van dit oude ruiterspel heeft men echter gevonden omstreeks 900 voor Christus bij de vorstenhuizen van de Meden en de Perzen. Daar beheersten ook de hofdames het spel waarvoor zij door dichters werden geroemd. Ook is er een vermelding dat de koning van Manipur een polospel organiseerde ter gelegenheid van zijn kroning in het jaar 33. In het rijk van Dzjengis Khan en ook bij andere Aziatische ruitervolkeren stond het polo als behendigheidsspel in hoog aanzien. Via Byzantium kwam polo naar India, waar men het aan het hof van de Mogolkeizers hartstochtelijk beoefende.

Engelse militairen ontdekten de polosport in Noord-India en Pakistan. Het bleek een uitstekende manier te zijn om de paarden te trainen voor de krijgsdienst. In 1863 werd door hen in India de Calcutta Polo Club opgericht. Het spel werd pas in Europa bekend, nadat Britse officieren het 'paardenhockey' in 1869 vanuit de koloniën naar Engeland brachten, in 1872 werd daar de eerste poloclub opgericht. In 1875 deed polo zijn intrede in Argentinië en in 1876 in Amerika. Polo was een Olympische sport in 1900, 1908, 1920, 1924 en 1936.

Momenteel zijn er wereldwijd ongeveer 30.000 polospelers actief. Pololand bij uitstek is Argentinië. In Europa zijn Engeland en Spanje de landen waar het meest gespeeld wordt. Overal waar polo wordt beoefend zijn internationale toernooien.

Regels[bewerken]

Beide ploegen bestaan uit vier ruiters (een middenvoor, nog twee aanvallers en een verdediger). Een normaal speelveld is 300 yard (ca. 274 m) lang en 200 yd (ca. 183 m) breed. Het doel bestaat uit twee palen, die op ongeveer 7,5 meter van elkaar staan. Internationale wedstrijden gaan over acht perioden 'chukka' genoemd, van ieder 7½ minuut speeltijd. Men kan echter bij andere wedstrijden ook besluiten slechts zes of vier chukka vast te leggen, daar elke speler meestal over twee paarden kan beschikken. In de pauze van vijf minuten na de tweede en vierde chukka kan men van paard wisselen, want elk paard mag per dag niet meer dan twee chukka lopen.

Na ieder doelpunt wisselt men van speelhelft. Bij het begin van het spel werpt de hoofdscheidsrechter de bal in het midden van het veld. Deze arbiter en een tweede bereden scheidsrechter zorgen voor de naleving van de spelregels. Ook bij paardpolo bestaan er strafslagen vanaf een merkteken op negen meter voor het doel, vrije slagen, en dergelijke. Om ongelukken te voorkomen wanneer de paarden met hoge snelheid over het gras lopen kent het spel een voorrangsregeling. Voorrang heeft degene, die in de onmiddellijke bewegingslijn van de bal of onder de kleinste hoek komt aanrijden. Men mag de weg van de bal niet kruisen.

Paard en uitrusting[bewerken]

Iedere speler heeft meerdere paarden nodig. De benaming 'polopaard' is tegenwoordig juister dan de traditionele naam 'polopony', omdat sinds 1945 de beperkingen in grootte zijn vervallen. Het paard moet een korte pas hebben, beschikken over uitstekende wendbaarheid, voldoende temperament en goed aan het spel gewend zijn. Als landen waar goede polopaarden gefokt worden gelden Argentinië en Engeland.

De benen van de paarden worden beschermd door bandages, de staart wordt meestal ingebonden, zodat de polostick er niet in verstrikt kan raken. De ruiter is uitgerust met een polostick van bamboe (mallet) met aan het eind een ongeveer twintig centimeter lang sigaarvormig dwarshout. De sticks moeten met gestrekte arm juist de grond kunnen raken. De lengte hangt dus af van de grootte van paard en ruiter. De polobal is vervaardigd uit bamboe, soms ook uit elzen– of wilgenhout, heeft een gewicht van circa honderddertig gram en een middellijn van ongeveer acht centimeter. De kleding van de spelers bestaat uit valhelm, een poloshirt met korte mouwen, een rijbroek, een van voren verlengde rijlaars, alsmede kniebescherming en handschoenen.

Techniek[bewerken]

Polo is gebaseerd op teamwork, het is geen spel van individuele acties. Het vereist behendigheid, een snel reactievermogen, moed en uithoudingsvermogen. Een ontspannen, buigzame zit in volledige balans behoren tot de belangrijkste voorwaarden. Met de linkerhand houdt men rustig de teugel vast (het paard wordt bestuurd door middel van gewichtsverplaatsing), de rechterhand hanteert de stick. Ook het bereden paard (vaak een klein paard) moet snel reageren en snel in galop kunnen gaan indien noodzakelijk. Tegenstanders worden afgedekt en ook van de bal gezet, 'er af gereden'.

Men slaat vooruit en achteruit met de stick. Naast de elementaire voor- en achterwaarts gerichte slagen kent men de moeilijke slagen naar de zijkant, maar het moeilijkst zijn de slagen onder de hals of de staart van het paard door. Belangrijk is de gerichte slag, die de bal precies in een gewenste richting plaatst. Ondanks de hoge lichamelijke eisen is voor het uitoefenen van deze sport geen leeftijdsgrens gesteld. De beste prestaties levert men doorgaans in de leeftijdsgroep tussen 35 en 45 jaar. Als trainingsmiddel voor de slagzekerheid dient een beweegbaar houten paard, geplaatst tussen vier schuine wanden van jute of hout, waarvan de bal naar het oefenpaard terugrolt.

Polo in Nederland[bewerken]

De eerste polowedstrijd in Nederland werd in de jaren zeventig gespeeld in Deurne. Sedert 1988 werd een aantal jaren in Lage Vuursche een toernooi georganiseerd. Enige tijd heeft een poloclub bestaan op Balkenschoten in Nijkerk. In 1993 werd Polo Club Wassenaar opgericht. Met ruim dertig leden is deze poloclub in Wassenaar momenteel de grootste poloclub van Nederland. Daarna volgen Polo Club Vreeland nabij Hilversum, Polo Club Deuverden nabij Putten, de jongste club is een nieuwe poloclub in Waalre bij Eindhoven. Er worden 's zomers bovendien wedstrijden gespeeld in Domburg. Nederland kent momenteel ongeveer zeventig polospelers waarvan een kwart vrouwelijk is.

Het Nederlandse nationale poloteam won zilver bij het Europees kampioenschap 2002 in Rome en brons bij het Europees kampioenschap 2005 in Nederland.

In september 2010 werd het achtste Europees Kampioenschap georganiseerd, op Kasteel Ebreichsdorf bij Wenen. Het Nederlandse team bestond uit Aki van Andel, Maurice van Druten, Edward de Kroes en Pascal Zantman.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]