Rijnlands leisteenplateau

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rijnlands leisteenplateau
Haupteinheitengruppen Rheinisches Schiefergebirge.png
Hoogste punt Großer Feldberg (881 m)
Lengte 400 km
Breedte 180 km
Oppervlakte 41.300 km²
Locatie Duitsland, België, Luxemburg
Coördinaten 51° 0′ NB, 7° 50′ OL
Rijnlands leisteenplateau, geologische kaart
Rijnlands leisteenplateau, geologische kaart
Portaal  Portaalicoon   Aardwetenschappen

Het Rijnlands leisteenplateau (Duits: Rheinisches Schiefergebirge) is een in de geologie gebruikte aanduiding voor een laaggebergte dat zich uitstrekt over Duitsland, België en Luxemburg. De term wordt voornamelijk in Duitse literatuur gebruikt, meestal worden de aparte onderdelen van het leisteenplateau benoemd, zoals de Eifel (in Duitsland en België), de Ardennen (in België) en het Sauerland verder in het oosten.

Geografie[bewerken]

Het plateau is gemiddeld 500 meter hoog. De hoogste top is de Großer Feldberg met 880 meter. De Rijn snijdt het plateau in een oostelijk en een westelijk deel. De oostvleugel wordt uitgemaakt door Taunus, Westerwald, Bergisches Land, Sauerland en Siegerland; de rivier de Lahn doorsnijdt de oostvleugel.

De door de Moezel doorsneden westvleugel kent aan de noordkant de Eifel en de Ardennen, ten zuiden van de Moezel ligt de Hunsrück.

Geologie[bewerken]

Rijnlands leisteenplateau (satellietfoto)
Nuvola single chevron right.svg Voor meer informatie zie het artikel geologie van Ardennen en Eifel.

Hoewel dit plateau het Rijnlands leisteenplateau genoemd wordt, vormt leisteen slechts een gedeelte van de lithologieën in het gebied. De Ardennen bestaan naast leisteen met zandige ontsluitingen ook uit kalken en dolomieten. De Eifel wordt gekenmerkt door schalies en kalksteen.

Het Rijnlands leisteenplateau bestaat voornamelijk uit Devonische gesteenten (van zo'n 400 tot 350 miljoen jaar (Ma) oud), die bij elkaar de Paleozoïsche sokkel genoemd worden. Na afzetting van deze gesteenten trad compressie op resulterend in gebergtevorming. Deze periode staat bekend als de Hercynische orogenese. Wat na afzetting schalie (of kleisteen) was, is onder invloed van druk en temperatuur gemetamorfoseerd tot leisteen. Deze leisteen wordt heden ten dage gewonnen in groeves en vooral gebruikt als dakbedekking.

Door latere extensie, waarbij ook de Beneden-Rijnslenk gevormd werd, zijn er vulkanische hotspots ontstaan, die in de Eifel te vinden zijn. Hier bevinden zich ook de beroemde maaren, zoals het Pulvermaar, het Schalkenmehrener maar en de Laacher See.