Hoge Venen
De Hoge Venen (Duits: Hohes Venn; Frans: Hautes Fagnes) vormen als onderdeel van grotendeels de Ardennen en voor een kleiner deel van de Eifel, een hoogvlakte en natuurreservaat in de provincie Luik (Wallonië) in oostelijk België, plus een stukje aangrenzend Duitsland. Het gebied ligt in het Natuurpark Hoge Venen-Eifel en is ongeveer 4500 ha. groot. Zoals de naam al zegt, bestaat een groot deel van de regio uit hoogveen-afzettingen. Een deel hiervan is nog actief, wat wil zeggen dat er nog steeds veenvorming optreedt.
Inhoud |
Beschrijving [bewerken]
De Hoge Venen worden begrensd door Eupen in het noorden, Monschau in het oosten, Malmedy in het zuiden en Spa in het westen. Het Belgische, grootste deel ligt in de Oostkantons (de Duitstalige Gemeenschap plus de gemeenten Weismes en Malmedy) die tot 1919 bij Duitsland hoorden. Met toppen tot net onder de 700 meter is het het hoogst gelegen gebied van België, waaronder ook het hoogste punt van het land, het Signaal van Botrange (694 meter TAW, 692 meter boven NAP). Ook ontspringen de riviertjes Roer, Vesdre (Duits: Weser), Gileppe en Helle (Duits: Hill) in de Hoge Venen.
Het gebied kenmerkt zich door veel neerslag, gemiddeld 1500 tot 1700 mm. per jaar. Door een aantal stuwmeren in het gebied wordt dit water gebruikt als drinkwater en voor stroomopwekking. Het landschap bestaat uit hoogveengebieden, heideterreinen, schrale graslanden, weiden en veel bossen. In en om de verspreid liggende dorpjes zijn karakteristieke boerderijen te vinden. Sommige huizen en boerderijen zijn omgeven door karakteristieke metershoge beukenhagen, die bescherming bieden tegen wind en regen. Voorbeelden hiervan zijn te vinden in onder meer Sourbrodt (België) en Kalterherberg (Duitsland).
Door het gebied loopt ook de Vennbahn, een inmiddels gesloten spoorlijn op de grens van België en Duitsland die vroeger Aken met het Groothertogdom Luxemburg verbond.
Bosbranden [bewerken]
Op 25 april 2011 heeft er een zeer grote brand gewoed, die 1000 hectare bos en heide heeft vernield, de sporen van de brand blijven nog jaren zichtbaar[1].
Flora [bewerken]
In het hoogveengebied zijn kenmerkende heide- en veenplanten te vinden, zoals struikhei, dophei en veenmos, orchideeën, gentianen, zonnedauw, veenbes en veenpluis.
Als gevolg van stikstofdepositie en ontwatering, zijn daarnaast lichte berkenbossen en het pijpenstrootje opgekomen. De Japanse duizendknoop (Fallopia japonica) is er een woekerende invasieve soort.
Verspreide kenmerkende planten [bewerken]
- De veenmossen
- De grassen:
- pijpestrootje (Molinia caerulea)
- bostelgras (Nardus stricta)
- De zeggen:
- snavelzegge (Carex rostrata)
- sterzegge (Carex echinata)
- zompzegge (Carex canescens)
- De russen:
- De wollegrassen:
- eenarig wollegras (Eriophorum vaginatum)
- veenpluis (Eriophorum angustifolium)
- De heiden:
- gewone dophei (Erica tetralix)
- struikhei (Calluna vulgaris)
- Vaccinium soorten:
- blauwe bosbes (Vaccinium myrtillus)
- rode bosbes (Vaccinium vitis-idaea)
- rijsbes (Vaccinium uliginosum)
- De bergvenkel (Meum athamanticum)
- De wateraardbei (Potentilla palustris)
- Het waterdrieblad (Menyanthes trifoliata)
- De gevlekte orchis (Dactylorhiza maculata)
- De wilde narcis (Narcissus pseudonarcissus)
Zeldzame heide- en veenplanten [bewerken]
- De ronde zonnedauw (Drosera rotundifolia), een vleesetende plant
- De kleine veenbes (Vaccinium oxycoccos)
- De lavendelhei (Andromeda polifolia)
- De kraaihei (Empetrum nigrum)
- De zevenster (Trientalis europaea), embleem van het reservaat
- De klokjesgentiaan (Gentiana pneumonanthe)
- De wolfsklauwen:
- De dennenwolfsklauw (Huperzia selago)
- De grote wolfsklauw (Lycopodium clavatum)
- De beenbreek (Narhecium ossifragum)
- De veenorchis (Dactylorhiza sphagnicola)
- Het valkruid (Arnica montana)
- De draadrus (Juncus filiformis)
- De witte snavelbies (Rhynchospora alba)
- De armbloemige zegge (Carex pauciflora)
-
Zevenster, het embleem van het reservaat
Fauna [bewerken]
Bijzondere dieren zijn onder andere
Toerisme [bewerken]
In het gebied zijn talrijke wandelroutes uitgezet, deels geasfalteerd en deels over de voor het hoogveenmilieu kenmerkende houten vlonderpaden. De Hoge Venen zijn hiervoor ingedeeld in zones:
- Zone A: voor wandelaars vrij toegankelijk
- Zone B: wandelen alleen toegestaan over de gemarkeerde wegen en paden
- Zone C: alleen toegankelijk met een gids
- Zone D: volledig ontoegankelijk.
De zones zijn ingesteld naargelang de aanwezigheid van zeldzame dieren en planten.
In de winter zijn de Hoge Venen bedekt met sneeuw en worden diverse langlaufloipes uitgezet. In het voorjaar en de zomer bestaat ondanks de vele neerslag vaak brandgevaar in de Hoge Venen.
Er zijn twee 'natuurcentra' (bezoekerscentra) in het gebied: Natuurcentrum Haus Ternell in Eupen van de Duitstalige Gemeenschap van België, en Natuurparkcentrum Botrange in Robertville van de provincie Luik.
Zie ook [bewerken]
Externe links [bewerken]
- Haus Ternell - Natuurcentrum van de Duitstalige Gemeenschap van België
- Natuurparkcentrum Botrange
- Duits-Belgisch Natuurpark Hoge Venen-Eifel
- Informatie over de Hoge Venen
- Les oiseaux des Hautes-Fagnes. Histoire et géographie des oiseaux nicheurs.
| Bronnen, noten en/of referenties |