Sikkelcelanemie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Sikkelcelanemie
Gewone en sikkelvormige rode bloedcellen
Gewone en sikkelvormige rode bloedcellen
Coderingen
ICD-10 D57
ICD-9 282.6
OMIM 603903
DiseasesDB 1206
MedlinePlus 000527
eMedicine emerg/26
MeSH C15.378.071.141.150.150
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Sikkelcelanemie en sikkelcelziekte zijn recessieve erfelijke aandoeningen, waarbij het hemoglobine (het zuurstof-transporterende pigment in rode bloedcellen) abnormaal is. Een persoon die drager is van 1 kopie van dit gen (dus heterozygoot is) vertoont meestal zelf weinig klachten of symptomen. Als iemand echter homozygoot is voor het gen (dus kopieën van het defecte gen van beide ouders heeft gekregen) dan zal dit doorgaans gepaard gaan met symptomen van sikkelcelziekte.

Types en Terminologie[bewerken]

"Sikkelcelanemie" is de naam van een specifieke vorm van sikkelcelziekte waarin er een homozygositeit is voor de mutatie die HbS veroorzaakt. Sikkelcelanemie wordt ook wel "HbSS", "sikkel-ziekte", of "haemoglobine S," (en alle permutaties ervan) genoemd. Andere vormen van sikkelcelziekte zijn:

  • sikkel-hemoglobine-C-ziekte
  • sikkel \beta-plus-thalassaemie
  • sikkel \beta-0-thalassaemie

Deze andere vormen van sikkelcelziekte zijn samengestelde heterozygote toestanden, waarin de persoon slechts één kopie van de mutatie heeft, die HbS veroorzaakt en één kopie van een andere abnormale hemoglobineallel.

De term "ziekte" is hier toegepast omdat de abnormaliteit een pathologisch beeld veroorzaakt en tot de dood en ernstige complicaties kan leiden. Niet alle geërfde varianten van hemoglobine zijn schadelijk; een concept dat bekendstaat als genetische polymorfisme.

Mechanisme[bewerken]

SIKKEL.JPG

Een sikkelcel is een abnormaal gevormde rode bloedcel (erytrocyt), wat wordt veroorzaakt door een puntmutatie van glutaminezuur naar valine op de β-keten van het hemoglobine-molecuul. Normaal hemoglobine bevat 4 polypeptideketens, waarvan 2 α-polypeptideketens en 2 β-polypeptideketens. β-polypeptideketens bevatten elk 146 aminozuurgroepen waarvan er bij sikkelcelanemie op positie 6 één vervangen is door valine. Hierdoor ontstaat in plaats van het normale hemoglobine A (Adult), een vorm die hemoglobine S wordt genoemd. Dit hemoglobine S vormt spontaan polymeren die onoplosbaar zijn als de zuurstofspanning te ver daalt. Dit is het geval in kleine capillairen (haarvaten), waar de zuurstofconcentratie in (en buiten) de rode bloedcel laag is. Op de plekken waar het hemoglobine zijn zuurstof weer af staat, kristalliseert het. Dit kan men nabootsen met behulp van een sikkelceltest. Terwijl normaal Hb dat niet zou doen. Als gevolg van deze afwijking krijgen de rode bloedcellen waarin het gepolymeriseerde HbS aanwezig is een sikkelachtige vorm en zijn ze ook veel minder soepel. Hierdoor worden de bloedcellen sneller afgebroken of klonteren ze soms spontaan samen of blijven steken in kleine capillairen (haarvaten), waardoor doorbloedingsstoornissen, ischemie en uiteindelijk eventueel necrose van organen en weefsels kunnen ontstaan (sikkelcelcrisis).

Symptomen[bewerken]

Karakteristiek voor de ziekte is chronische hemolytische microcytaire anemie (bloedarmoede), episoden van pijnlijke botcrisen en de betrokkenheid van meerdere organen. Sikkelcelziekte gaat ook gepaard met een verhoogde stollingsactivatiestatus. Daarnaast hebben lijders aan de ziekte de neiging tot het oplopen van infecties, en kennen zij diverse andere complicaties.

Dragers van de ziekte[bewerken]

Het ziektebeeld komt vooral voor in etnische groepen uit landen waar malaria heerst. Dit betekent dat de ziekte meer voorkomt bij negroïde mensen of het nageslacht van negroïde mensen, vooral van West-Afrikaanse afkomst, maar ook vaker bij mensen van mediterrane afkomst, mensen uit het Midden-Oosten en van Indiase afkomst. Degenen met de heterozygote afwijking hebben evolutionair gezien een grotere overlevingskans in malariagebieden. Dit komt doordat de malariaparasiet, die zich in een bepaalde fase in rode bloedcellen vermenigvuldigt, zich in bloedcellen met hemoglobine S minder makkelijk kan handhaven. Er is enige tijd geleden dan ook een onderzoek gestart door een paar Nederlandse studenten[bron?] die de afweer van sikkelcellen tegen malariaparasieten hebben vastgelegd en geanalyseerd. Het bleek een reactie te zijn van de malariaparasiet op de oplosbaarheid van het sikkelcelanemie-hemoglobine S. En het is dus ook moeilijk voor de parasiet om het hemoglobine tot zich te nemen als voedingsstof.[bron?] Volgens onderzoek uit 2011 zijn sikkelcellen beschermd tegen malaria, omdat de parasiet het in deze cellen moeilijker heeft om actine van de cel te gebruiken voor zijn eigen levenscyclus.[1]

Onder normale omstandigheden komt de echte sikkelcelziekte alleen voor bij mensen die het afwijkende gen hebben geërfd van beide ouders. Dit is de zogenaamde homozygote vorm van de ziekte. In Amerika komt deze voor bij 1 op de 400 Afro-Amerikanen. Ongeveer 8% van de Afro-Amerikanen is heterozygoot voor de ziekte, dat wil zeggen dat zij slechts van één ouder het afwijkende gen hebben ontvangen. Zij zijn (meestal) symptoomloze dragers van de ziekte, maar kunnen wel symptomen krijgen indien zij ook lijden aan andere ernstige ziekten.

Behandeling van sikkelcelziekte en een crisis[bewerken]

Er is geen genezing mogelijk voor de ziekte, hoewel soms gentherapie als potentiële genezingswijze in de toekomst wordt genoemd. Moderne ontwikkelingen hebben het mogelijk gemaakt dat de gemiddelde levensduur (in het westen) is toegenomen tot 46 jaar.

De anemie wordt behandeld met foliumzuur. Vaak kan de ziekte ook behandeld worden door Hydrea (hydroxyureum oftewel hydroxycarbamide) te nemen, om aanmaak van niet sikkelend hemoglobine te bevorderen en de kans op crises te verlagen.[2]

Sikkelcelcrises kunnen worden behandeld met:

  • intraveneuze vochttoediening
  • warmte
  • pijnbestrijding
  • zuurstof
  • eventueel antibiotica bij (verdenking van) infecties
  • eventueel bloedtransfusies bij extreem lage hemoglobine-gehaltes; vaak hebben deze mensen echter al meer bloedtransfusies gehad waardoor er vele antistoffen tegen verscheidene bloed-antigenen gemaakt worden. Hierdoor is het moeilijk een goede donor te vinden. Ook is er bij frequente transfusies gevaar voor ijzerstapeling.
  • bij ernstige, terugkerende klachten kan een erytrocytaferese worden overwogen. De gesikkelde rode bloedcellen worden hierbij grotendeels vervangen door donorerytrocyten, waarmee tevens de kans op ijzerstapeling gereduceerd wordt. De erytrocytaferese kan met een bepaald interval (weken tot maanden) worden herhaald.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Sickle-Cell Anemia Mystery Is Solved. Scientific American (10 november 2011) Geraadpleegd op 11 november 2011
  2. http://www.oscarnederland.nl/node/30