Slag bij Liegnitz (1241)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slag bij Liegnitz (Legnica)
Onderdeel van de Mongoolse invasies
De slag bij Liegnitz in beeld
De slag bij Liegnitz in beeld
Datum 9 april 1241
Locatie Liegnitz, Silezië
Resultaat Mongoolse overwinning
Strijdende partijen
Flag of Chagatai khanate.jpgMongoolse Rijk Coat of Arms of the Polish Crown.svgPoolse staten
Knights Templar Cross.svg Duitse Tempeliers
Coat of arms of the Sovereign Military Order of Malta (variant).svg Maltezer Orde
CoA-Holy-Roman-Empire.pngHeilige Roomse Rijk
Den tyske ordens skjold.jpgDuitse Orde
Commandanten
Flag of Chagatai khanate.jpgKaidan
Coat of Arms of the Polish Crown.svgHendrik II van Silezië

De Slag bij Liegnitz of de slag van Wahlstatt (tegenwoordig ook wel Slag bij Legnica, Pools: Bitwa pod Legnicą) was een veldslag die in 1241 plaatsvond dichtbij de Neder-Silezische stad Liegnitz (thans Legnica, Polen) tussen aan de ene kant de Mongolen en aan de andere kant de hertogdommen van Silezië, de staten van het Koninkrijk Polen onder Hendrik II de Vrome, Hertog van Polen en Silezië, die door feodale strijders werd gesteund, onder wie de Duitse Orde en talrijke ridders uit het Heilige Roomse Rijk der Duitse Natie. Dit verdedigingsleger verloor de slag van de tactisch sterkere Mongolen en de hertog van Silezië, tevens senioraatskoning van Polen, werd gedood. Schattingen van het aantal slachtoffers lopen uiteen van 10.000 tot 40.000.

Hendrik II van Silezië en senioraatskoning van Polen sneuvelt tijdens de slag bij Liegnitz.

Over het algemeen wordt aangenomen dat de slag in april plaatsvond, alhoewel een precieze datum onbekend is. Ook ontbreken er nauwkeurige details van de samenstelling van de legers, de gebruikte tactieken en het daadwerkelijke verloop van de slag.

De Mongoolse troepen, een detachement van niet meer dan twee tumens (zie Mongoolse Rijk - Militair) van het leger van Batu en Subedei onder het bevel van Kaidan, maakten dankbaar gebruik van de voordelen van de mobiliteit en de snelheid van schutters te paard, die zich veel behendiger konden bewegen dan de zeer zwaar gepantserde maar langzame oppositie. De Mongoolse tactiek bestond hoofdzakelijk uit een lange reeks schijnaanvallen en in scène gezette terugtrekkingen om de vijand in verwarring te brengen. Door zo het leger van de Polen te verdelen, konden er gemakkelijk winsten geboekt worden in snelle aanvallen.

De aantallen strijders in kwestie is moeilijk vast te stellen. Schattingen van het aantal strijders aan Mongoolse zijde variëren van minder dan 20.000 tot meer dan 100.000, in een mengeling van lichte en zeer lichte schutterscavalerie.

Hendriks leger combineerde Duitse en Poolse eenheden, hoewel sommige Poolse historici hebben beweerd dat de Duitse aanwezigheid (vooral de ridders van de Duitse Orde, die in de 19e eeuw in nationalistische Poolse geschiedschrijving negatief bekendstond) zeer klein was. Er wordt geschat dat het leger uit 28.000 man bestond, verdeeld over zware infanterie (10.000), boogschutters (8000) en zware cavalerie (10.000).

Ondanks de Mongoolse overwinning, trokken de Mongolen niet verder naar het westen door. In plaats daarvan keerden zij terug naar hun geboorteland bij het horen van het nieuws dat Ogedei Khan was overleden. In de Middeleeuwen werd de aftocht van de Mongolen als een wonderbaarlijke wending ten goede gevierd. Voor Hendrik de Vrome van Silezië werd een groot grafmonument gebouwd in Wahlstatt.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties