Steenkoolteer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Steenkoolteer, in de wandeling genaamd koolteer, is een zwarte taaie vloeibare massa die hoofdzakelijk uit polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) bestaat. PAK is een verzamelnaam voor een grote groep verbindingen. PAK bestaan uit teerachtige stoffen die als basis een skelet van ten minste twee benzeenringen hebben. Meestal komen PAK met een aantal tegelijk voor. De meeste PAK zijn zeer milieubezwaarlijk doordat ze giftig, kankerverwekkend en/of slecht afbreekbaar zijn. PAK staan dan ook op nagenoeg alle (inter)nationale lijsten als prioritaire probleemstof voor aquatische systemen.

Synthese[bewerken]

De stof wordt afgescheiden bij de zuivering van ruw lichtgas. Door middel van fractionele destillatie werden er vier fracties verkregen:

  1. Tot 180°C: lichte teerolie (benzeen)
  2. 180-250°C: midden- of carbololie (fenol en naftaleen)
  3. 250-300°C: zware teerolie (naftaleen)
  4. 300-350°C: antraceenolie (antraceen)

Het residu dat na de destillatie overbleef werd verkocht als pek of teerasfalt. Dit werd onder meer gebruikt om asfaltpapier van te maken en als bindmiddel bij het persen van briketten en eierkolen.

Toepassing[bewerken]

Steenkoolteer werd voornamelijk toegepast bij de verduurzaming van ijzer, onderwaterbehandelingen, ondergrondse constructies in beton of staal, buitenkant van schepen, houten schuren, pramen, schuiten. Houten schuren werden oorspronkelijk behandeld met houtteer (stockholmerteer), maar later werd er overgeschakeld op koolteer omdat dit veel goedkoper was. Omdat de schippers een uitstekende ervaring hadden bij het onderhoud van hun houten schepen is het gebruik doorgezet bij de latere ijzeren schepen. Het grote voordeel was de goede bescherming in combinatie met relatief weinig aangroei. Aangroei maakt de scheepshuid ruw en dat kost brandstof. Ondanks het feit dat er in Nederland een verbod is op het toepassen van steenkoolteer, varen er in de Nederlandse wateren nog wel schepen rond met koolteer op de huid. Dit komt doordat niet alle Europese landen een verbod kennen op koolteer en er in Nederland geen verbod is op het rondvaren met PAK-houdende coatings. Zo is het onder andere in België nog steeds toegestaan koolteer te verhandelen en toe te passen. Er zijn schippers die hun wat oudere schip daar om die reden nog steeds laten hellingen. Moderne coatings hechten slecht op oude koolteer en het is heel duur om de scheepshuid eerst te ontdoen van de oude teerlagen.

Uitfasering[bewerken]

Internationaal zijn afspraken gemaakt over het niet meer toepassen van koolteer in de binnenvaart. Landen hoeven zich echter niet te binden aan de aanbeveling. Alleen België heeft aangegeven de aanbeveling niet over te nemen, omdat de bron (coatings in de binnenvaart van België) niet als een grote bron wordt aangemerkt. De Belgische vloot is kleiner dan die van Nederland of Duitsland. België wil graag eerst werken aan reductie van de grote industriële bronnen binnen haar grenzen en dan pas aan de relatief kleinere. De andere landen hebben de aanbeveling wel overgenomen en, indien relevant, omgezet in nationale regelgeving. [1]

Bronnen, noten en/of referenties