Tenor (zangstem)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Tenor

Tenor (uit het Latijn, van tenere 'vasthouden', hij die de melodie voert) is de naam van een hoge mannelijke zangstem in de muziek, en eveneens de naam van de derde stem in de vierstemmige muzikale harmonieleer.

Vocaal[bewerken]

De typische betekenis van vasthouden is afkomstig uit de middeleeuwse Ars Nova, waar alle overige stemmen in de polyfonie dienden te consoneren met de tenor, terwijl zij onderling vrijelijk mochten dissoneren. De tenor zong de cantus firmus en hield deze melodie "vast", terwijl de andere stemmen contrapuntisch die melodie omspeelden (melodie en tegenmelodie).

De deelbereiken van de tenor, naar typische dramaturgische benutting in de opera, zijn onder andere:

  • Tenor buffo, voor een komische rol
  • Tenore di forza (letterlijk: 'kracht-tenor') of heldentenor, bijvoorbeeld de rol van Siegfried in Der Ring des Nibelungen van Richard Wagner
  • Tenore lirico, lyrische tenor, bijvoorbeeld Belmonte in Die Entführung aus dem Serail van Wolfgang Amadeus Mozart
  • Tenore spinto, bijvoorbeeld Cavaradossi in Tosca van Giacomo Puccini

Bekende tenoren zijn of waren Luciano Pavarotti, José Carreras, Plácido Domingo (samen lang bekend als 'the three tenors'), Andrea Bocelli, Mario Lanza, Benjamino Gigli, Wolfgang Windgassen, Lauritz Melchior, David Miller en de na een opera-carrière naar het lichtere genre overgestapte Koen Crucke.

Instrumentaal[bewerken]

Tenor duidt ook vaak een variant van een muziekinstrument aan met een vergelijkbaar tonaal bereik, bijvoorbeeld: tenorsaxofoon en tenorblokfluit.

Zie ook[bewerken]