Wortel (groente)
De wortel is botanisch dezelfde soort als de Nederlandse inheemse plant, de "peen" (Daucus carota). De wilde peen kruist zeer gemakkelijk met de eetbare wortel, waardoor er zo nu en dan een witte wortel tussen de gekweekte wortelen kan voorkomen. Andere gekende familieleden zijn Chaerophyllum temulum (dolle kervel), Anethum graveolens (dille), Carum carvi (karwij), Pastinaca sativa (pastinaak) en Heracleum sphondylium (berenklauw). Wortels zijn rijk aan bètacaroteen, dat in het lichaam wordt omgezet in vitamine A.
Inhoud |
[bewerken] Wortelteelt
De wortel is een heel dankbare groente om in de tuin of in bakken op het balkon te verbouwen. De wortel kan al in januari gezaaid worden. Bij te vroeg zaaien kan echter in hetzelfde jaar nog bloei optreden. Ze beginnen dus al vrij vroeg in het seizoen te groeien en al relatief snel kan men er elke dag een paar uittrekken om rauw op te eten. En hoe meer men het veldje uitdunt, hoe beter de anderen zullen groeien.
Beroepsmatig wordt er in Nederland ongeveer 7000 hectare peen geteeld. Om het zaad, dat eigenlijk een vrucht is, goed te kunnen verzaaien moet het gewreven worden, omdat er aan het zaad kleine haakjes zitten. Door het machinaal wrijven breken de haakjes af en wordt glad zaad verkregen. Bij de wilde peen blijft het zaad aan de vacht van dieren kleven en kan zo over grote afstanden verspreid worden.
De teeltwijzen kunnen worden onderscheiden in een bedekte vroege, een onbedekte vroege, een zomer-, een herfstteelt en een onderdekkersteelt. Ook werden er vroeger voederwortelen voor het vee geteeld. De onderdekkersteelt wordt voor bescherming tegen de vorst gedurende de wintermaanden afgedekt met plastic folie en stro. De peen van de onderdekkersteelt wordt na de winter tot in mei geoogst.
[bewerken] Typen en rassen
Er zijn verschillende typen te onderscheiden:
- Bospeen en waspeen
- Nantes
- Winterpeen: o.a. Flakkeese en Berlikummer
- Parijse broei (ronde peen)
Door kruisingen zijn de grenzen tussen de verschillende typen, behalve bij ronde peen, echter vervaagd, zodat het bij de nieuwe rassen moeilijk te zeggen is tot welk type ze behoren. De peen wordt nu ingedeeld naar grofheid:
- Fijne peen met een gewicht tussen 12 en 150 gram
- Middelgrove en grove peen
- B-peen met en gewicht van 50 tot 200 gram
- C-peen met een gewicht van 200 tot 400 gram
- D-peen met een gewicht van meer dan 400 gram
Daarnaast zijn er wereldwijd nog meer typen die echter in Nederland niet of weinig voorkomen.
[bewerken] Raseigenschappen
Enkele belangrijke raseigenschappen zijn
- cilindrische wortel bij bos- en waspeen
- mooie uitwendige kleur
- geen groene koppen
- niet inwendig groen
- gladde wortel
- stevig loof bij bospeen en winterpeen
- geen geel loof bij bospeen
[bewerken] Geschiedenis
De huidige oranje wortel is het resultaat van kruisingen. De eerste wortels kwamen uit Iran en werden door de V.O.C. in de 17e eeuw [1] naar Nederland overgebracht. De wortel werd in Nederland gekruist totdat het de oranjekleur van het huis van Oranje had. [1] Het dankt dus zijn huidige kleur aan de 'Oranjes' (Nederlanders). De oranje wortel werd pas in de 17e eeuw verspreid over de rest van Europa.
[bewerken] Inhoudsstoffen
Enige voedingswaarden van 100 gram verse peen is [2]:
| Energetische waarde | 173 kJ (41 kcal) |
| Koolhydraten | 9,6 gram |
| Eiwit | 1 gram |
| Vet | 0,2 gram |
| Vitamine C | 5,9 mg |
| Bètacaroteen | 8 mg |
| Vitamine B1 | 0,07 mg |
| Vitamine B2 | 0,06 mg |
| Calcium | 33 mg |
| IJzer | 0,3 mg |
[bewerken] Ziekten en plagen
Aantasting door wortelvlieg is één van de grootste plagen. Op kleine schaal kan gebruikgemaakt worden van fijnmazige netten om het vliegje bij de planten weg te houden. In de biologische teelt wordt ook een grote afstand tot het volgende aan te leggen veld aangehouden. Bij onvoldoende vruchtwisseling kunnen ook aaltjes een probleem zijn. Om aaltjes te voorkomen kan men Tagetes zaaien.
Belangrijke schimmelziekten zijn loofverbruining (Alternaria dauci), zwarte-plekkenziekte (Alternaria radicina), violet wortelrot (Helicobasidium brebissonii) en meeldauw (Erysiphe heraclei).
Op zandgrond kunnen van de aaltjes het maiswortelknobbelaaltje (Meloidogyne chitwoodi) en het bedrieglijk maiswortelknobbelaaltje (Meloidogyne fallax) optreden.
[bewerken] Fotogalerij
[bewerken] Zie ook
| Meer mediabestanden die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina carrot op Wikimedia Commons. |