Zonsondergang
Zonsondergang is het moment waarop de zon in het westen onder de horizon verdwijnt. De zon is pas ondergegaan op het moment dat de hele zonnecirkel niet meer te zien is, waardoor de dag iets langer is dan de nacht (de nacht begint pas als de zon helemaal onder is en eindigt al op het moment dat het eerste stukje zon te zien is). Door reflectie in de atmosfeer blijft het nog wel enige tijd licht waardoor zonsondergang niet gelijk staat aan het moment wanneer het donker wordt. De tijd tussen het moment waarop de zon onder is, maar het nog niet helemaal donker is, heet schemering: schemering is een overgang en zonsondergang is een moment. Het duurt 3 tot 4 minuten vanaf het moment dat het eerste randje van de zon achter de horizon verdwijnt tot aan de ondergang, ten gevolge van de diameter van de zon (0,53°). Deze duur is afhankelijk van seizoen en breedtegraad van de waarneming; vanaf de evenaar duurt het iets meer dan 2 minuten. Het einde van de dag wordt vaak gezien als het moment waarop de zon onder gaat. Zo zijn weggebruikers bijvoorbeeld verplicht licht te voeren na zonsondergang.
Inhoud |
Merkwaardigheden [bewerken]
We zien de zon langer dan ze boven de horizon staat; terwijl ze zich er eigenlijk al achter bevindt. Dit komt doordat de atmosfeer een verticale dichtheids-gradiënt vertoont: Boven is de atmosfeer ijler dan boven het aardoppervlak (De druk daalt met 1 % elke 100 meter). Samen met het kleiner effect van de temperatuursgradiënt zorgt dit voor een lichtbreking die de zonnestralen rond de aarde ombuigt. Door dit effect zowel 's morgens als 's avonds, wordt de tijd dat het klaar is met in totaal zo'n 5 minuten verlengd. Een tweede bijkomend gevolg van het dichtheidsgradiënt is dat we de zon afgeplat waarnemen.
De lucht is bij een laag staande of ondergaande zon vaak rood of oranje gekleurd (avondrood) door het effect van Rayleighverstrooiing. Bij een hoog staande zon wordt door deeltjes in de atmosfeer blauw licht verstrooid waardoor wij de hemel overdag als blauw zien. De overige golflengtes blijven in de stralen van de zon zodat de zon een iets gelere kleur krijgt. Echter bij een laag staande zon wordt ook het rode licht verstrooid wat de hemel rond en lager dan de zon rood kleurt. Overigens is het effect ook bij zonsopgang te zien, maar is dit minder sterk doordat de lucht aan het einde van de dag meer stof bevat waardoor de verstrooiing sterker is.
Onder gunstige atmosferische omstandigheden kan een groene flits gedurende enkele seconden waargenomen worden. Doordat in het avondrood voornamelijk nog lange golflengtes (rood) zitten, en kleurschifting vooral bij korte golflengtes (blauw) optreedt, is het resultaat iets ertussenin: De laatste stralen van de zon voor die helemaal verdwijnt, zijn groen.
Foto's [bewerken]
-
Zonsondergang bij de Prins Clausbrug in Utrecht
-
Zonsondergang op het Filipijnse eiland Biliran
-
Zonsondergang bij Grenoble
Spreuk [bewerken]
Een oud gezegde luidt: Avondrood teder, morgen mooi weder. Een rode zonsondergang zou mooi weer aankondigen.