Ares I

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Artist impression van de lancering van een Ares I. Boven op het voertuig is de ontsnappingsraket te zien.

De Ares I was een draagraket die door de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA werd ontwikkeld in het kader van het afgeblazen Project Constellation, om na 2010 (wanneer de Spaceshuttle buiten gebruik zou worden gesteld) bemande ruimtevluchten uit te voeren. De raket droeg de Griekse naam van de oorlogsgod die door de Romeinen Mars werd genoemd.

Constructie[bewerken]

De Ares I moest een tweetrapsraket zijn. De onderste trap was een vastebrandstofraket gebaseerd op de booster-raketten van de spaceshuttle. De tweede trap die nooit gebouwd werd gebruikte vloeibare brandstof, in dit geval vloeibare waterstof en vloeibare zuurstof. De raketmotor in de tweede trap was de J-2X van Pratt & Whitney Rocketdyne, een nieuw ontwerp gebaseerd op de J-2-motor van de Saturnus V-raket. De tweede trap zelf zou door Boeing worden gebouwd.

De raket zou een totale hoogte van 94 meter hebben en een doorsnede van 5,5 meter, en zou gelanceerd worden vanaf het Kennedy Space Center in Florida.

Nuttige lading[bewerken]

De nuttige lading van de Ares I zou bestaan uit het ruimtevaartuig Orion, waarmee vier astronauten tot in een baan om de Aarde kunnen worden gebracht, bijvoorbeeld om deze naar het internationale ruimtestation ISS te brengen. Het was de bedoeling om in 2019 een missie naar de Maan uit te voeren. Daarbij zouden vier astronauten in een baan om de Aarde worden gebracht. Daar moest de Orion vervolgens worden gekoppeld met de door de veel grotere en nooit gebouwde Ares V omhoog gebrachte overige delen van het vaartuig dat hen naar de Maan moest brengen.

De maximale nuttige lading van de Ares I bedroeg ongeveer 24,5 ton voor een lage omloopbaan met een inclinatie van 28,5° (de baan van de ruimtetelescoop Hubble) en 22,9 ton voor een inclinatie van 51,6° (baan van het ISS).

Problemen[bewerken]

In 2008 kwamen verscheidene mogelijke problemen met het ontwerp aan het licht. In januari 2008 werd bekend dat er een mogelijk probleem is met sterke trillingen van de eerste trap in de eerste fase van de lancering. In augustus van dat jaar presenteerde NASA een mogelijke oplossing voor het probleem. In november 2008 bleek uit computersimulaties dat de Ares I bij de lancering mogelijk al bij een zijwind van 20 km/h tegen de lanceertoren gedrukt kan worden, terwijl de ontwerpspecificaties vereisen dat tot 63 km/h veilig gelanceerd kan worden. Volgens Steve Cook, hoofd van het Ares-I-programma, zou de Ares I tijdens de lancering gebruik gaan maken van stuurraketten om dit probleem te corrigeren.

Annulering[bewerken]

Lanceerplatform 39b was al volledig aangepast voor Ares I. Er is een testvlucht in 2009 geweest met de zogenaamde Ares I-X die bestond uit een werkende booster-trap en een qua gewicht en vorm kloppende mock-up van de tweede trap. In 2010 werd de verdere ontwikkeling van de Ares I samen met de het grootste deel van het Constellationprogramma wegens te hoge kosten geannuleerd.

Afgeleide: Liberty / NGL[bewerken]

Na annulering van de Ares I kwam Alliant Techsystems (nu Orbital ATK) in 2011 met een concept voor een nieuwe commerciële raket genaamd Liberty die veel overeenkomsten met de Ares I had. De Liberty zou de eerste trap van de Ares I (die al door ATK was ontwikkeld) gebruiken en de tweede trap zou van de eerste trap van de Ariane 5 (de Vulcain-trap) worden afgeleid. Voordeel van de Liberty, die de afmetingen als de Ares I zou krijgen, was dat veel van de grondsystemen al beschikbaar waren doordat NASA deze had gebouwd voor de Ares I. Deze raket werd voorgesteld in de ontwikkelingsaanbesteding van NASA voor de tweede fase van het Commercial Crew development programma. Maar NASA selecteerde de Liberty niet. De plannen zijn in 2013 op een laag pitje gezet maar ATK gaf aan zelfstandig verder te gaan met de ontwikkeling.
Na een lange (media)stilte omtrent de Liberty lijkt Orbital ATK in 2016 toch weer het plan voor de deze raket te hebben opgepakt. Zo maakte NASA bekend met Orbital ATK in onderhandeling te zijn over het verhuren van een high bay van het VAB op het Kennedy Space Center. De raket zou nu voor militaire satellietlanceringen ontwikkeld worden. De naam Liberty is komen te vervallen en vervangen door de werknaam Next Generation Launcher. Details over het huidige ontwerp worden beetje bij beetje bekend. De eerste trap is nu in tweeën gesplitst. Het is dus nu een drietrapsraket en de bovenste trap zou nu een Blue Origin BE-3U raketmotoren gebruiken. Deze raket zou dan onder andere in het EELV-programma moeten gaan functioneren.

Externe link[bewerken]