Arnold Tammes

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Arnold Jan Pieter Tammes (Groningen, 10 juli 1907Amsterdam, 21 augustus 1987) was een Nederlands rechtsgeleerde en dichter.

Hij was hoogleraar Volkenrecht en Internationale Betrekkingen aan de Universiteit van Amsterdam en schreef als dichter onder het pseudoniem J.C. Noordstar. Hij was tevens redacteur voor de Nieuwe Rotterdamsche Courant.

Tammes werd geboren in Groningen - Schuitendiep oz 74a, als zoon van de in die tijd bekende Cacao-fabrikant B.G. Tammes. Hij had drie broers en twee zusters, waaronder Jantina Tammes. Hij ging rechten studeren aan de RuG en werd lid van het Groninger Studenten Corps Vindicat atque Polit. Tijdens zijn studententijd woonde hij bij zijn ouders en publiceerde hij als J.C. Noordstar gedichten in het studentenweekblad van de Groninger Universiteit 'Der clercke cronike' (1929) en in de 'Groninger Studenten Almanak' (1931). J.C. Noordstar publiceerde voorts gedichten in 'De Vrije Bladen' (1931-1935) en in 'Forum' (1930). Tammes was bevriend met de dichter N.E.M. Pareau (pseudoniem van Herman Jan Scheltema). Begin jaren dertig hadden ze samen in Groningen een uitgeverijtje: Eben Haëzer. Tammes en Scheltema kwamen in hun studententijd vaak bijeen in de bodega Dik in de Guldenstraat in Groningen, met onder andere Johan van der Woude en E. Elias.

Tammes stond in nauw contact met de Groningse schildersvereniging De Ploeg en publiceerde samen met Halbo C. Kool, N.E.M. Pareau en Herman Poort pamfletten, gedrukt door Hendrik Werkman. Werkman verzorgde onder andere de typografie voor zijn debuut De Zwanen (1930).

Voorts was Tammes medewerker aan De Vrije Bladen (1931). Vermoedelijk publiceerde hij in de oorlogsjaren onder het pseudoniem W. Noordstar. Pas na de herdruk in 1967 van Zwanen en andere gedichten werd Noordstar bekend. Deze (uitgebreide) herdruk werd verzorgd door Rudolf Escher, componist en vriend van Noordstar.

Zijn manier van dichten, waarbij 19e-eeuwse dichtvormen worden gebruikt, maar met een simpel, modern woordgebruik, doet soms denken aan Piet Paaltjens. J.C. Noordstar wordt wel beschouwd als een voorloper van de Vijftigers.[bron?]

Publicaties (selectie)[bewerken]

Poëzie[bewerken]

  • 1930 De zwanen
  • 1930 Het Pierement (met Halbo C. Kool, N.E.M. Pareau en Herman Poort)
  • 1935 Argos en Arcadia (met N.E.M. Pareau) (proza en poëzie)
  • 1967 De zwanen en andere gedichten (tweede, sterk vermeerderde druk, door Rudolf Escher)
  • 1983 't Eerdiploom en andere gedichten (bibliofiel, 50 ex.)
  • 2000 J.C. Noordstar: De Zwanen en andere gedichten - & proza (door Reinold Kuipers)

Proza[bewerken]

  • 1935 Argos en Arcadia (met N.E.M. Pareau) (proza en poëzie)
  • 2000 J.C. Noordstar: De Zwanen en andere gedichten - & proza (door Reinold Kuipers)

Tijdschriften[bewerken]

Diversen[bewerken]

  • In 1930 werd op de meikermis in Groningen het poëtisch pamflet 'Het Pierement' verkocht. De opbrengst was voor de noodlijdende kunstenaars (het was crisistijd). J.C. Noordstar had hieraan (anoniem) bijdragen geleverd.
  • In 1934 werd 'In memoriam Herman Poort' uitgegeven. Een postuum liber amoricum, waarvoor ook J.C. Noordstar een gedicht schreef.
  • In 1934 kwam de gedichtenbundel 'Groningse dichters' uit als bijlage bij 'De Vrije Bladen'. Hierin stonden ook gedichten van J.C. Noordstar.
  • C. Buddingh' schreef een artikel over de herdruk van 'Zwanen en andere gedichten' in Het Parool in 1964. Het werd opgenomen in zijn boek: 'Een pakje per dag' (1967) blz. 22-26.
  • J. Bernlef schreef over J.C. Noordstar in 'Wie a zegt' (1970).
  • Wiel Kusters nam in 'Raad van Alfabet' een gedicht op van J.C. Noordstar 'Toen ik een kleine jongen was' en van diens vriend N.E.M. Parreau 'De kleine man, de kleine man' en schreef hier een commentaar bij.
  • Rudolf Escher & Reinold Kuipers: 'J.C. Noordstar, N.E.M. Pareau & Ebenhaëzer (2000)

Overigen[bewerken]