Bemuurde Weerd

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
De Bemuurde Weerd als voorstad op een stadsplattegrond uit 1569 (oost ligt boven). De tekenaar laat overigens in tegenstelling tot de andere stadsplattegronden uit die tijd geen volledige omgrachting van de voorstad zien
Gezicht op de Weerdsluis en de huizen aan de Bemuurde Weerd WZ
De gerechten Bemuurde Weerd en Nieuwe Weerd.

De Bemuurde Weerd is een rond 1300 ontstane voorstad van de Nederlandse stad Utrecht. Vandaag de dag is de Bemuurde Weerd door stadsuitbreidingen geen voorstad meer, maar de naam is blijven bestaan als straatnaam.

Geschiedenis[bewerken]

Om het waterpeil in de stad beter te kunnen regelen werd rond 1300 net buiten de noordzijde van de stad een sluis (de Weerdsluis) aangebracht. Via deze sluis sloten de rivier de Vecht en de Utrechtse grachten, zoals de Stadsbuitengracht, op elkaar aan. Om de sluis ontstond een voorstad die rond 1330 ommuurd werd, en omgracht. De toegang tot de stad verliep via de noordelijke stadspoort (Weerdpoort). De Bemuurde Weerd viel als buitengerecht binnen de stadsvrijheid.[1]

De voorstad kende al vanaf het begin veel bedrijvigheid onder meer doordat vanwege brandgevaar aardewerkindustrie vanuit de binnenstad hier gevestigd werd. De transportmogelijkheden en de vindplaatsen van rivierklei als grondstof en turf als brandstof voor deze ambachten waren gunstig. Een extra stimulans was dat na het uitbreken van meerdere stadsbranden voor de binnenstad gedeeltelijk over werd gegaan op de verstening van de huizen. Vanaf 1398 diende echter de brandgevaarlijke bedrijvigheid te vertrekken uit deze voorstad en vestigde zich noordelijker. De ommuurde voorstad kende aan de noordoostzijde het Zwarte Water als gracht met aansluitend aan de oostzijde de Oosterstroom. Het knooppunt van deze waterwegen was aan de binnenzijde voorzien van het rondeel Simpoel. Aan de westzijde van de voorstad lag de Westerstroom.

Diverse malen is de Bemuurde Weerd deel geweest in een conflict. In 1483 belegerde aartshertog Maximiliaan succesvol de stad Utrecht en viel de Bemuurde Weerd tijdens de belegering aan. In 1492 nam Frederik van Egmont de voorstad met een leger in en in 1566 bestormden Spaanse soldaten het tevergeefs.[2]

Cultuur[bewerken]

Aan de Bemuurde Weerd OZ (oostzijde) is de Jacobuskerk gelegen, aan de Bemuurde Weerd WZ (westzijde) bevindt zich het poppodium Ekko.

Trivia[bewerken]

Het gedicht 'Utrecht: bemuurde weerd' van J.C. Bloem heeft betrekking op deze plek in de stad.

Bronnen[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Noten[bewerken]

  1. Het had onder meer een eigen schout en een rechtbank die hier de lagere rechtspraak uitvoerde.
  2. L.C. van der Vlerk et al, blz. 25-28