Bloedbad van Katyn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Niet te verwarren met het bloedbad van Chatyn

Bij het bloedbad van Katyn zijn in april-mei 1940 naar schatting 22.000 Poolse intellectuelen en officieren door de Sovjet-geheime dienst vermoord. De Sovjet-Russische aanval op Polen die leidde tot het bloedbad van Katyn was voor de Russen onderdeel van een poging om de grenzen van het tsaristische Rusland uit de 19e eeuw te herstellen (zie Molotov-Ribbentroppact).

Toedracht, onderzoek, verdoezeling tijdens de Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Executies[bewerken]

Het geaccordeerde voorstel van Beria van maart 1940 om de Poolse krijgsgevangen te vermoorden
30 april 1943: Rijen met lichamen van Poolse officieren, opgegraven door de Duitsers, wachten op nadere bestudering.
30 april 1943: Een Russische getuige van de massamoord spreekt met forensische deskundigen.

Direct na de Sovjet-aanval op het oosten van Polen in september 1939 waren tienduizenden Polen opgepakt en afgevoerd naar kampen in Rusland, samen met vijftienduizend krijgsgevangenen. Met de arrestatie van de intellectuele bovenlaag van de Poolse bevolking hoopte Stalin eventueel verzet tegen het communisme in de kiem te smoren.

Katyn is een Russisch dorp, dat ongeveer 20 km ten westen ligt van de stad Smolensk. Het nabijgelegen bos werd lange tijd gebruikt door de NKVD, de geheime dienst van de Sovjet-Unie, als executieplaats. In 1940 was Katyn een van drie locaties waar de NKVD in totaal ten hoogste 25.700 Poolse burgers, geestelijken en militairen executeerde. De massagraven werden daarna beplant met bomen.

Het bevel tot de moord werd gegeven door het Centraal Comité, getekend door Stalin op 5 maart 1940. Het bevel was gevolg van een besluit van NKVD-chef Lavrenti Beria om ruim 25.000 "landheren, fabrikanten, voormalige officieren, ambtenaren en overlopers te fusilleren". De concentratiekampen waarin de Polen gevangen hadden gezeten moesten worden vrijgemaakt vanwege de komst van 50.000 tot 70.000 inwoners van de Baltische staten, waarvan velen later eveneens vermoord zouden worden (zie o.a. Geschiedenis van Estland#Eerste Sovjetbezetting, Geschiedenis van Letland#Eerste Sovjetbezetting).

De moord op de ten hoogste 25.700 Poolse burgers, geestelijken en militairen werd, in april-mei 1940, goeddeels ten uitvoer gebracht door NKVD-generaal Vasili Blochin. Blochin werd later dat jaar gedecoreerd met de Orde van de Rode Banier.

Duitse vondst[bewerken]

Tot 1943 was er over het lot van de opgepakte en krijgsgevangen Polen niets bekend. Op 13 april van dat jaar echter vonden de Duitsers in Katyn massagraven met daarin ongeveer drieduizend lijken met Poolse identiteitspapieren. Tijdens latere opgravingen werden nog eens 1200 lijken gevonden. Een internationale commissie, met daarin leden uit zowel bezette als neutrale landen, waaronder vertegenwoordigers van het Rode Kruis, werd in het leven geroepen om de massagraven te onderzoeken. De commissie leverde overtuigend bewijs dat de moorden door de Sovjets waren gepleegd, iets wat door de nazipropaganda in Duitsland en de bezette landen breed werd uitgemeten. Toen de Poolse regering in april 1943 onder leiding van generaal Władysław Sikorski, die in Londen in ballingschap verbleef, opheldering eiste, verbrak de Sovjet-Unie de betrekkingen. Sikorski kwam twee maanden later onder verdachte omstandigheden om het leven in Gibraltar, waardoor Polen zijn belangrijkste leider op een cruciaal moment verloor.

Verdoezeling door Sovjet-Unie en Geallieerden[bewerken]

Geholpen door de communistische pers in het buitenland zette de Sovjet-Unie een campagne op touw om de schuld van de massamoorden in de schoenen van de nazi's te schuiven.

De kwestie dreigde de geallieerden te verdelen en daarmee te verzwakken. Ook door de westerse geallieerden zijn tijdens de oorlog pogingen gedaan om de waarheid over Katyn te verdoezelen om de relatie met Stalin niet te verstoren. Hoewel de Britse premier Winston Churchill in de wandelgangen lippendienst bewees aan de Poolse versie van de zaak, steunde hij op het officiële vlak de Sovjet-versie. De Amerikaanse president Roosevelt liet in 1944 de zaak onderzoeken maar liet het rapport spoorloos verdwijnen toen ook dit onderzoek de Sovjets als schuldigen aanwees.

Naoorlogse ontwikkelingen[bewerken]

Neurenbergtribunaal[bewerken]

In 1946, tijdens het Neurenbergtribunaal, werd, door de Geallieerden, de Sovjet-misdaad van Katyn valselijk toegeschreven aan de Duitse nazi's, om Sovjet-leider Stalin maar niet voor het hoofd te stoten.[1]

Monument in het Poolse Krakau voor de slachtoffers van Katyn

Communisten en Sovjet-Unie handhaven verdoezeling[bewerken]

Ook in het communistische naoorlogse Polen bleef de Sovjet-versie de officiële versie. Na verloop van tijd mocht Katyn echter helemaal niet meer ter sprake komen, zelfs niet om de nazi's er de schuld van te geven.[2] In 1981, tijdens acties van Solidarność, werd een voorlopig herdenkingsmonument opgericht, dat door de communistische autoriteiten echter weer snel werd opgeruimd. Dit zou zich in de loop van de jaren tachtig nog enkele malen herhalen.

Rusland erkent verantwoordelijkheid[bewerken]

In april 1990 bevestigde de regering van de Sovjet-Unie de verantwoordelijkheid van de NKVD voor een massamoord. Van ongeveer tienduizend Poolse gevangenen is het lot echter nog steeds onbekend.

Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie heeft de regering van de Russische Federatie in 1992 de bekentenis van de laatste Sovjet-machthebbers bevestigd. Onder Boris Jeltsin werden Sovjet-documenten over de massamoord overhandigd aan de Poolse president Lech Wałęsa. Onder deze documenten was het door het politbureau goedgekeurde voorstel van Beria uit maart 1940 waarin hij voorstelde de Polen te vermoorden. Jeltsin legde in 1993 een krans bij het Katyn-monument in Warschau.

Op 7 april 2010 woonde de Russische premier Vladimir Poetin de zeventigste herdenking bij van de slachting bij Katyn. Poetin nodigde daarbij ook de Poolse premier Donald Tusk uit.

In november 2010 keurde de Russische doema een verklaring goed waarin erkend wordt dat Stalin en andere Sovjetleiders persoonlijk het bloedbad bevolen hebben. De communisten stemden tegen.[3]

Nieuw 'Katyn-drama'[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Vliegramp bij Smolensk voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 10 april 2010 vloog de Poolse president Lech Kaczyński, met een groot gevolg van hoge Poolse militaire en civiele autoriteiten naar Smolensk om vandaaruit naar Katyn te reizen waar een herdenkingsplechtigheid zou worden gehouden. Het vliegtuig stortte neer (Vliegramp bij Smolensk) en alle inzittenden kwamen om.

Media[bewerken]

  • Katyń - Film uitgebracht in 2007
Deze film vond geen weerklank in Rusland. Pas begin april 2010 werd deze film uitgezonden op de Russische staatstelevisiezender Rossiya 2 naar aanleiding van de vliegtuigcrash te Smolensk.