Boom van de kennis van goed en kwaad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Lucas Cranach: Adam und Eva im Garten Eden (detail)

De boom van de kennis van goed en kwaad is een boom die samen met de levensboom voorkomt in het Bijbelboek Genesis. De boom stond in het midden van de Hof van Eden, waar Adam en Eva gedurende hun eerste periode op aarde verbleven.

God vertelde hen:

"Van alle bomen in de tuin mag je eten, maar niet van de boom van de kennis van goed en kwaad; wanneer je daarvan eet, zul je onherroepelijk sterven.[1]"

Zij leefden gelukkig tot een slang (volgens de christelijke interpretatie Satan, de duivel) Eva verleidde om van de verboden vrucht (vaak afgebeeld als een appel) die aan de boom groeide, te eten. Zij at ervan en gaf de vrucht ook aan Adam, die er ook van at. Zij werden zich op dat moment onmiddellijk bewust van hun naaktheid en gingen zich ervoor schamen. In het christendom was dit de zondeval. Met vijgenbladeren bedekten zij vervolgens hun geslachtsdelen.