Lucas Cranach de Oude

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Lucas Cranach de Oude
Zelfportret van Lucas Cranach de Oude (1550), mogelijk ook van de hand van zijn zoon - Galleria degli Uffizi, Florence
Zelfportret van Lucas Cranach de Oude (1550), mogelijk ook van de hand van zijn zoon - Galleria degli Uffizi, Florence
Persoonsgegevens
Geboren Kronach, 4 okt 1472, 1472
Overleden Weimar, 16 okt 1553, 1553
Nationaliteit Heilige Roomse Rijk
Beroep(en) kunstschilder
Oriënterende gegevens
Stijl(en) Duitse renaissance
RKD-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Lucas Cranach de Oude (Duits: Lucas Cranach der Ältere) (Kronach, 1472Weimar, 16 oktober 1553) was een Duitse schilder, graveur en etser uit de tijd van de Renaissance. Hij was de vader van de schilders Hans Cranach en Lucas Cranach de Jongere.

Levensloop[bewerken]

Lucas Cranach werd in Kronach geboren als zoon van de schilder Hans Maler. Hij noemde zich pas later naar zijn geboorteplaats, die destijds Cranach luidde. Zijn kinderen droegen ook deze naam. Hij werd als schilder opgeleid door zijn vader. Verder is over zijn opleiding niets bekend, net zomin als over zijn artistieke activiteiten vóór zijn verhuizing naar Wenen.

In elk geval vanaf 1502 verbleef hij namelijk in Wenen, tot 1504. Hier kwam hij in contact met humanisten aan de universiteit - contacten die de basis moeten zijn geweest voor zijn eigen humanistische gedachtegoed. Pas vanaf deze periode zijn er kunstwerken van Cranach bekend. Tegen het einde van zijn verblijf in Wenen begon hij zijn werk te signeren als "Lucas Cranach" (Lucas uit Cranach). In 1505 ging hij naar Wittenberg om hofschilder te worden van Friedrich de Wijze van Saksen.

Per 6 januari 1508 verkreeg Cranach van zijn opdrachtgever het recht een familiewapen te voeren met een gevleugelde slang. Vermoedelijk in 1512 trouwde hij met Barbara Brengebier († 25 december 1540), die een dochter was van Jobst Brengebier, de burgemeester van Gotha.

Zij hadden samen de volgende kinderen:

  • Hans Cranach (ca. 1512-1537; op een reis naar Italië overleden)
  • Barbara (getrouwd met Christian Brück)
  • Ursela (eerste huwelijk op 3 mei 1537, tweede huwelijk in 1544 met Georg Dasch)
  • Anna († 30 juni 1577, getrouwd met Caspar Pfreund)
  • Lucas Cranach de Jongere (1515-1586)

Hij zat tussen 1519 en 1545 in de gemeenteraad van Wittenberg en werd er burgemeester rond 1543/1545.

De aanstelling tot hofschilder behield Cranach tot aan zijn dood. Daarnaast had hij ook verschillende andere opdrachtgevers. In het atelier dat Cranach in Wittenberg had waren zijn zoons en verschillende andere medewerkers werkzaam, en de productie ervan was groot. Niet alleen maakte Cranach schilderijen, houtsneden en kopergravures, maar ook ontwerpen voor gebruiksvoorwerpen. Per 6 december 1520 mocht hij zich apotheker noemen en was hij in die tijd de enige apotheker in de stad. Hij dreef handel in waardevolle goederen zoals kruiden, suiker, zoetwaren, wijn en gekleurde bijenwas. Daarnaast had hij een drukkerij en een papierhandel.

In Wittenberg sloot hij vriendschap met Philipp Melanchthon en Maarten Luther. Voor Luther was hij samen met zijn echtgenote op 13 juni 1525 getuige bij diens huwelijk met Katharina von Bora.

In 1550 volgde hij zijn opdrachtgever hertog Johan Frederik de Grootmoedige die in Augsburg in gevangenschap zat. Ook volgde hij Johan Frederik naar Innsbruck. In 1552 mochten beiden vertrekken naar de nieuwe Saksische residentie Weimar. Op 16 oktober 1553 stierf Lucas Cranach daar op eenentachtigjarige leeftijd. Hij werd in Weimar begraven op het Jacobskerkhof. Zijn oudste zoon Hans was al overleden; zijn tweede zoon Lucas nam het atelier over.

Werken[bewerken]

Cranach heeft veel portretten geschilderd, maar ook religieuze en mythologische werken. Zeer bekend is het portret van zijn vriend Maarten Luther uit 1529.

Het schilderij De drie gratiën werd in december 2009 aangekocht door het Louvre in Parijs.[1]

Roofkunst[bewerken]

Een tweeluik, Adam en Eva van Cranach uit circa 1530, was onderdeel van roofkunst in de Tweede Wereldoorlog. Jacques Goudstikker, een belangrijk Joods-Nederlandse kunsthandelaar, had dit werk in 1931 voor fl.58.500 gekocht op een veiling in Berlijn. In juli 1940 werden personeelsleden van Goudstikker gedwongen het bedrijf te verkopen aan Hermann Göring, rechterhand van Adolf Hitler. Na de vondst van de werken, na de oorlog, in een van de kunstdepots van de nazi's werden deze aan de Nederlandse staat overgedragen om teruggegeven te worden aan de oorspronkelijke eigenaren. De weduwe Goudstikker echter eiste de kunstcollectie niet op en trof in 1952 een schikking, zodat de Goudstikker-collectie in het bezit bleef van de Staat.

In de jaren zestig werden Adam en Eva opgeëist door nazaten van de Russische familie Stroganov, die beweerde dat het tweeluik door de Sovjetregering was geconfisqueerd en verkocht. Om Nederland een dure en slepende rechtszaak te besparen werden het tweeluik, en nog een schilderij, in 1966 voor fl.60.000 verkocht. Het Norton Simon Museum in Californië kocht in 1971 het tweeluik van de Stroganovs voor US$.800.000.

In 2007 spande Marei von Saher, schoondochter en enig erfgename van Jacques Goudstikker, een rechtszaak aan tegen het Norton Simon Museum om het tweeluik terug te krijgen. Deze claim is in augustus 2016 door een Amerikaanse federale rechter afgewezen [2].

Selectie van schilderijen door Lucas Cranach de Oude[bewerken]

Literatuur[bewerken]

Externe links[bewerken]