Centrale melksnijtand

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Tanden in volwassen gebit
Snijtanden

Hoektand

Premolaren

Molaren

Tanden in melkgebit
Melksnijtanden

Melkhoektand

Melkmolaren

Afbeelding
Centrale melksnijtand
De centrale melksnijtanden in het melkgebit. Zie ook: centrale snijtanden
Portaal  Portaalicoon  Biologie
Portaal  Portaalicoon  Tandheelkunde

In een menselijk melkgebit zitten vier centrale melksnijtanden, één in ieder kwadrant (zie afbeelding). Deze tanden lijken qua kenmerken en functie sterk op de laterale melksnijtanden en de snijtanden in het algemeen. Snijtanden dienen om voedsel af te "snijden", dat vervolgens fijngekauwd wordt door de kiezen. Om aan hun functie te kunnen voldoen lopen de centrale melksnijtanden uit in een relatief scherpe rand.

Ontwikkeling[bewerken | brontekst bewerken]

De centrale melksnijtanden zijn meestal de eerste tandjes die doorkomen, zelfs voor de laterale snijtanden. Vaak zijn eerst de onderste centrale melksnijtanden aan de beurt. Bij baby's begint dit proces rond de 8 maanden en gaat gepaard met jeuk aan het tandvlees. Hierdoor merken veel ouders al voordat de tanden zichtbaar zijn, dat ze eraan komen; het kind heeft de neiging om op van alles te bijten. De melksnijtanden blijven daarna zo'n 6 jaar in de mond zitten, waarna ze worden gewisseld voor de uiteindelijke centrale snijtanden.

Internationale tandnummering[bewerken | brontekst bewerken]

Alle tanden en kiezen hebben door de internationale tandnummering een nummer gekregen, zodat het in de tandheelkunde meteen duidelijk is over welk gebitselement men praat. De nummering voor melkgebitten wijkt af van het systeem dat men gebruikt bij het volwassen gebit. Dit zijn de nummers die de centrale melksnijtanden aangeven;

  • Rechtsboven: 51
  • Linksboven: 61
  • Linksonder: 71
  • Rechtsonder: 81