Charles Woeste

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Monument voor Woeste in Elsene van de hand van Frans Huygelen

Graaf Charles Frédéric Auguste Woeste (Brussel, 26 februari 1837 - Elsene, 5 april 1922) was een Belgisch politicus.

Levensloop[bewerken]

Woeste was een zoon van Edouard Woeste en van Henriette Vauthier. In Elberfeld (Rijnland) geboren op 27 maart 1796, was Edouard Woeste zich in Brussel komen vestigen en verkreeg hij bij KB van 15 januari 1841 de grote naturalisatie. Van 1843 tot 1853 was hij consul van Pruisen. Hij had een bank opgericht, die in 1848 in moeilijkheden kwam. Zijn vrouw, Henriette-Constance Vauthier, was de dochter van Antoine Vauthier die uit Lotharingen kwam en die van 1811 tot 1844 ontvanger van de stad Brussel was.

Charles Woeste bekeerde zich tot het katholicisme onder impuls van zijn moeder, tot grote onvrede van zijn vader.

Hij promoveerde tot doctor in de rechten (1858) en vestigde zich als advocaat in Brussel. Hij werd stafhouder van de Orde van Advocaten aan het Hof van Cassatie in 1890-1892. Woeste trouwde in 1866 met barones Marie-Louise Greindl (Brugge 1841 - Elsene 1910), dochter van luitenant-generaal en minister van Oorlog Léonard Greindl. Ze kregen zeven kinderen, maar in 1990 is de familie Woeste uitgestorven.

Hij behoorde tot de Katholieke Partij en speelde er een zeer belangrijke rol. In 1869 richtte hij het Verbond van Katholieke Kringen op. Dit was een reactie op het toenemende antiklerikalisme van de liberalen tegenover de katholieken. In 1921 werd deze partij omgedoopt tot Katholieke Unie van arbeiders, burgers, middenstanders en landbouwers. Na zijn dood werd ter gelegenheid van de verkiezingsnederlaag van 1936 deze Katholieke Unie vervangen door het Katholieke Blok.

Woeste was van 1874 tot aan zijn dood katholiek lid van de Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers voor het arrondissement Aalst, nadat een eerdere poging in het arrondissement Brugge was mislukt.

In Aalst kwam hij in aanvaring met priester Adolf Daens. Veel van de recente beeldvervorming over Woestes optreden in de zaak-Daens werd veroorzaakt door de succesrijke film, later hernomen als gelijknamige musical, over de kwestie. Het conflict tussen Woeste en de Daensisten kwam hierin naar voor zoals het aan bod kwam in de militante roman Pieter Daens (1971) van Louis Paul Boon. Niettemin klopt het beeld van een Woeste die kinderarbeid geen enkel probleem vond en die zich in het parlement sterk verzette tegen het opkomende sociale staatsinterventionisme zoals het door de zogeheten christendemocraten werd voorgestaan.

Woeste was, maar slechts korte tijd, Belgisch minister van justitie, van juli tot oktober 1884, in een regering Jules Malou. Hij werd tot Minister van Staat benoemd op 15 november 1891.

In mei 1914 werd hij opgenomen in de Belgische erfelijke adel met de persoonlijke titel van graaf. Hij was de laatste om te worden geadeld vooraleer de Wereldoorlog uitbrak. Zijn wapenspreuk luidde Foi et Travail. Een borstbeeld van de hand van Franz Huygelen werd in 1923 ingehuldigd, en geplaatst op een sokkel op het pleintje voor de Sint-Bonifatiuskerk in Elsene. Hij werd begraven op de oude begraafplaats van Ukkel (Dieweg), maar het opschrift op de grote grafzerk is nog moeilijk leesbaar.

Eretekens[bewerken]

Hij ontving verschillende nationale en internationale onderscheidingen ontvangen tijdens zijn actieve carrière. Zo was hij drager van:

  • het Grootkruis in de Leopoldsorde,
  • het Burgerlijk Kruis 1ste Klasse,
  • de regeringsmedaille van koning Leopold II.

Het Grootkruis in de Orde van Sint-Gregorius de Grote, de Orde van het Heilig Graf, de Christusorde en de Piusorde en het Kruis Pro Ecclesia et Pontifice waren Vaticaanse onderscheidingen die Woeste ontving in erkenning van zijn inzet voor de Kerk.

Hij was erelid van K.A.V. Lovania Leuven, een bevriende vereniging van het Cartellverband der katholischen deutschen Studentenverbindungen.

Publicatie[bewerken]

  • Mémoires pour servir à l'histoire contemporaine de la Belgique, 3 delen, Brussel, 1927, 1933, 1937.
  • A travers dix années, 1885-1894, Brussel, 1895.
  • Oeuvres de combat, Brussel, 1921.

Literatuur[bewerken]

  • R. DEMOULIN, Charles Woeste, in: Biographie nationale de Belgique, Tome XXVII, Brussel, 1938.
  • V. DEVAUX, Charles Woeste, in: Biographie coloniale belge, T. I, 1948.
  • Paul VAN MOLLE, Het Belgisch Parlement, 1894-1972, Antwerpen, 1972.
  • L. DE RIJCK, Volksvertegenwoordiger Charles Woeste, belangenvermenging van politiek en zakenleven, in: Het Land van Aalst, 1992.
  • Jean-Luc DE PAEPE & Christiane RAINDORF-GERARD, Le Parlement belge, 1831-1894, Brussel, 1996
  • Jan DE MAEYER, Charles Woeste, in: Nieuwe encyclopedie van de Vlaamse Beweging, Tielt, 1998.
  • Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 2001, Brussel, 2001
Voorganger:
Jules Bara
Minister van Justitie
1884
Opvolger:
Joseph Devolder