Katholiek Verbond van België

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Katholiek Verbond van België
Union Catholique Belge
Afbeelding gewenst
Algemene gegevens
Actief in Vlag van België België
Ideologie / Geschiedenis
Richting Rechts
Ideologie Katholicisme
Unitarisme
Opgericht 1921
Opheffing 1936 (1945)
Ontstaan uit Katholieke Partij
Opgegaan in KVV / PCS
Portaal  Portaalicoon   Politiek
België

Het Katholiek Verbond van België (Frans: Union Catholique Belge), in de volksmond beter bekend als het Katholieke Verbond of de Katholieke Unie was een Belgische katholieke politieke partij. Ze was de opvolger van de Katholieke Partij.

Geschiedenis[bewerken]

De partij werd in 1921 opgericht als opvolger van de Fédération des Cercles catholiques et des Associations conservatrices (Katholieke Partij). De voortrekker hierin was het Algemeen Christelijk Werkersverbond (ACW), dat vanaf de invoering van het Algemeen Enkelvoudig Stemrecht in 1919 aandrong op een grondige hervorming van de katholieke partij.[1] Daarnaast waren ook de (aanvankelijk tegenstribbelende) Federatie der Kringen, de Christelijke Landsbond van de Belgische Middenstand (CLBM), de Boerenbond en de Waalse landbouwverbonden deelnemend initiatiefnemer.[2] Ook de in de marge opererende Katholieke Vlaamsche Landsbond (KVL) van Frans Van Cauwelaert trad toe, deze drukkingsgroep was in 1919 - na de invoering van het Algemeen Enkelvoudig Stemrecht - opgericht als overkoepeling van de arrondissementele katholieke Vlaamse kiezersbonden.[1]

Het bestuur werd gevormd door een hoofdraad met zes afgevaardigden van elk van de stichtende groeperingen, waarbij de voorzitter beurtelings afkomstig was uit elk van deze organisaties.[3] De behoudsgezinde Franssprekende burgerij, verenigt in de Federatie der Kringen bleef veelal de politieke vertegenwoordiging monopoliseren, vooral daar waar de middenstands-, boeren-, en arbeidersorganisaties minder sterk waren uitgebouwd.[1] Op advies van Charles Woeste handelden hun vertegenwoordigers (o.a. Paul Segers) vanuit de stelling dat de Federatie de gehele katholieke partij vertegenwoordigde. Hierdoor bleef het Katholiek Verbond in wezen eerder een confessionele formatie met smalle basis, waarbij de geleidelijke emancipatie van arbeiders en boeren leidde tot een verdere toename van politieke geschillen en tegenstellingen. Dit uitte zich onder meer in gescheiden kieslijsten, het groeiende aantal kiezers voor de Vlaams-nationalistische en rexistische bewegingen en het pleidooi in enerzijds conservatieve middens voor een samengaan met de liberalen in een ordepartij en anderzijds het pleidooi bij de arbeidersbeweging voor de oprichting van een christelijke arbeiderspartij. Een belangrijke rol in het bijeenhouden van de partij in deze periode speelde het Katholieke kerkinstituut, hoewel ook hier de spanning groeide tussen leken enerzijds en clerici anderzijds[3]

Na de dood van Charles Woeste werd ter gelegenheid van de grote verkiezingsnederlaag van 1936 - waarin de Katholieke Unie zestien zetels in het parlement verloor - deze Katholieke Unie ontbonden en omgevormd tot het Blok der Katholieken van België / Bloc Catholique Belge.[1] Door een versterking van de federalistische Vlaamsgezinde vleugel van de partij - die niet onbewogen bleef t.a.v. de ideeën van het Vlaams-nationalisme en die van mening was dat het minimumprogramma zoals Frans Van Cauwelaert dat eens voorstond voorbijgestreefd was - werd de partij ‘geregionaliseerd’. In Vlaanderen ontstond de Katholieke Vlaamse Volkspartij (KVV) en in Franstalige België de Parti catholique social (PCS). Het Katholiek Blok werd hiervan het overkoepelend orgaan.[1] Alfons Verbist werd de eerste voorzitter van de KVV.

Binnen die KVV groeide de groep die toenadering zocht tot het nationalistische Vlaams Nationaal Verbond (VNV) om tot een bundeling van alle Vlaamse en katholieke krachten te komen. Dat stuitte op tegenstand van Frans Van Cauwelaert, het ACW, de Boerenbond en tevens van VNV-voorganger Staf de Clercq. Uiteindelijk gaven de bisschoppen de genadeslag aan het plan van de KVV, wat echter niet uitsloot dat er nog samenwerkingen tussen de rechts-katholieke en Vlaams-nationalistische groeperingen voortleefden op lokale niveau.

Politieke mandaten[bewerken]

Gewezen ministers[bewerken]

De minister van de Katholieke Unie / het Katholiek Blok in de periode 1918-1944 waren:


Partijvoorzitters: August de Schryver · François-Xavier van der Straten-Waillet · Théo Lefèvre · Jos De Saeger · Robert Vandekerckhove · Wilfried Martens · Leo Tindemans · Frank Swaelen · Herman Van Rompuy · Johan Van Hecke · Marc Van Peel · Stefaan De Clerck · Yves Leterme · Jo Vandeurzen · Marianne Thyssen · Wouter Beke
Premiers na 1945: Gaston Eyskens · Jean Duvieusart (PSC) · Joseph Pholien (PSC) · Jean Van Houtte · Théo Lefèvre · Pierre Harmel (PSC) · Paul Vanden Boeynants (PSC) · Leo Tindemans · Wilfried Martens · Mark Eyskens · Jean-Luc Dehaene · Yves Leterme · Herman Van Rompuy
Vlaamse ministers-presidenten: Gaston Geens · Luc Van den Brande · Yves Leterme · Kris Peeters
Fractievoorzitters: Kamer: Servais Verherstraeten · Senaat: Steven Vanackere · Vlaams Parlement: Koen Van den Heuvel · Brussels Hoofdstedelijk Parlement: Paul Delva · Europees Parlement: Ivo Belet (voor de EVP)
Ministers en staatssecretarissen: Federale regering: Kris Peeters · Koen Geens · Pieter De Crem
Vlaamse regering: Hilde Crevits · Jo Vandeurzen · Joke Schauvliege
Brusselse Hoofdstedelijke Regering: Bianca Debaets
Voorgangers: Katholieke Partij · Christene Volkspartij · Katholieke Unie · Katholieke Partij · Katholiek Verbond van België (UCB) · Katholieke Vlaamse Volkspartij (KVV) · Katholiek Blok · Christelijke Volkspartij (CVP)
Nevenorganisaties: JONGCD&V · Vrouw & Maatschappij · CD&V-senioren · CEDER
Zusterpartijen: Centre démocrate humaniste (cdH) · Christlich Soziale Partei (CSP) · Europese Volkspartij (EVP) · Christendemocratische Internationale (CDI)
Standen: Beweging.net · Unie van Zelfstandige Ondernemers (UNIZO) · Boerenbond
Christelijke zuil: Katholieke Kerk in België · Algemeen Christelijk Vakverbond (ACV) · Christelijke Mutualiteiten (CM) · Verbond van Kristelijke Werkgevers en Kaderleden (VKW) · Kristelijke Arbeidersjongeren (KAJ) · Kristelijke Arbeiders Vrouwenbeweging (KAV) · Kristelijke Werknemersbeweging (KWB) · Open, Kristelijk, Respectvol en Actief (OKRA) · Familiehulp · Wit-Gele Kruis · Caritas · Vlaams Secretariaat van het Katholiek Onderwijs (VSKO) · Vlaams Verbond van Katholieke Hogescholen (VVKHO) · Scouts en Gidsen Vlaanderen · Chiro · Katholieke Studerende Jeugd - Katholieke Studenten Actie - Vrouwelijke Katholieke Studerende Jeugd (KSJ-KSA-VKSJ) · Katholieke Landelijke Jeugd (KLJ) · Landelijke Gilden · Katholiek Vormingswerk van Landelijke Vrouwen (KVLV) · Sporta · Davidsfonds · Pasar · Wereldsolidariteit (WS) · Broederlijk Delen · Groep Arco