Daphnis en Chloë

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Daphnis en Chloë, een beeld van Jean-Pierre Cortot

Daphnis en Chloë (Grieks: Δάφνις καὶ Χλόη, Daphnis kai Chloē) is een herdersroman (pastorale) uit de Griekse oudheid, toegeschreven aan de verder onbekende schrijver Longus (vermoedelijk 2e eeuw n.Chr.). Het populaire werkje werd in latere tijden vaak vertaald, bewerkt en geïmiteerd in literatuur, beeldende kunst en muziek, zoals het ballet Daphnis et Chloé van Michel Fokine met muziek door Maurice Ravel.

Samenvatting[bewerken]

Eerste boek

Het verhaal speelt zich te Mytilene op het eiland Lesbos af. Daphnis en Chloë (wat zij zelf niet weten) zijn twee vondelingen: hij is bij een heiligdom van Pan aangetroffen en wordt geitenherder, zij, die schapen hoedt, was in een grot van de Nimfen te vondeling gelegd. Daphnis wordt door Lamo en Myrtale grootgebracht, Chloë door Dryas en Nape. De kinderen groeien als hechte vrienden samen op en hoeden hun kuddes getweeën. De herder Dorco wil Chloë huwen en tracht haar, als wolf vermomd, te schaken, maar wordt door de honden aangevallen. Daphnis en Chloë verzorgen zijn wonden. Piraten uit Tyrus ontvoeren Daphnis. Dorco wordt dodelijk verwond en schenkt Chloë in ruil voor een laatste kus een magische fluit. De koeien op de boot van de piraten laten het schip kapseizen wanneer ze de fluit horen en de zeerovers, die zwaar zijn uitgedost, verdrinken.

Tweede boek

In de herfst vertelt de herder Philetas Daphnis en Chloë over Cupido; de twee beseffen dat ze verliefd op elkaar zijn. Enkele jagers uit Mithymna bevestigen hun boot met een twijg, maar een geit eet die op, waardoor het rijkelijk beladen schip wegdrijft. De mannen beschuldigen Daphnis en takelen hem lelijk toe. De Mytileniërs verjagen de Mithymneeërs, die bij hun generaal Bryaxis gaan klagen. De Mithymneeërs plunderen Mytilene en nemen Chloë gevangen. Pan is vertoornd en stuurt een storm; in een visioen beveelt hij Bryaxis, Chloë terug te brengen. De herders vieren feest en offeren aan Pan. Philetas geeft Daphnis zijn beste panfluit. Daphnis en Chloë zweren elkander trouw.

Derde boek

De Mytileniërs willen een wraakexpeditie ondernemen, maar uiteindelijk wordt de ruzie bijgelegd. Het wordt winter; Daphnis en Chloë zijn gescheiden. Daphnis gaat vogeltjes vangen vóór de hut van Dryas en wordt zo uitgenodigd op het feest van Dionysos, waar hij Chloë opnieuw kan zien. Philetas had de beiden verteld dat ze mekaar moesten kussen en omhelzen en naakt bij elkaar liggen, maar ze weten niet hoe geslachtsgemeenschap in zijn werk gaat, voelen zich gefrustreerd en trachten het gedrag van schapen en geiten te imiteren. Lycænium, een vrouw uit de stad, is met een oude boer getrouwd die haar seksueel niet kan bevredigen. Ze heeft haar zinnen op Daphnis gezet en lokt hem, onder het voorwendsel van een visioen van de Nimfen, naar een bosje waar ze hem ontmaagdt. Ze waarschuwt Daphnis echter dat Chloë mogelijk zal bloeden wanneer hij het bij haar probeert, en Daphnis associeert bloed alleen met geweld. Vele rijke hofmakers dingen bij Dryas naar de hand van Chloë, en Daphnis is wanhopig omdat hij arm is. De Nimfen verschijnen in een visioen aan hem en leiden hem naar een beurs met drieduizend drachme. Dryas belooft Daphnis dat hij Chloë als vrouw krijgt. Zijn pleegvader Lamo is echter een horige van de landeigenaar Dionysophanes; zodoende heeft Daphnis diens toestemming nodig om te huwen.

Vierde boek
Daphnis en Chloë - Louise Marie-Jeanne Hersent-Mauduit

Lamo, Daphnis en Chloë maken de landerijen piekfijn in orde; Daphnis kamt zelfs de geiten en blinkt hun horens op. De herder Lampis koestert wrok omdat hij Chloë niet krijgt, en hij vernielt de bloemenperkjes. Dionysophanes’ zoon Astylus heeft een drankzuchtige dienaar genaamd Gnatho, die pederast is en Daphnis tracht te verkrachten. Dionysophanes en zijn vrouw Clearista zijn zeer onder de indruk van Daphnis’ muzikaal talent. Gnatho smeekt bij Astylus dat hij Daphnis naar de stad mee mag nemen, waarmee Astylus instemt. Dionysophanes’ dienaar Eudromos brengt Lamo op de hoogte, die besluit dat het tijd is om het verhaal van Daphnis’ afkomst te openbaren. Dionysophanes realiseert zich dat Daphnis zijn dood gewaande zoon is: hij had hem als boreling achtergelaten omdat hij toen nog arm was en geen derde kind groot kon brengen; zijn andere twee kinderen zijn echter inmiddels overleden. Nu betaamt het Daphnis, die klaarblijkelijk van rijke afkomst is, niet meer geiten te hoeden. Chloë beklaagt haar lot en denkt dat Daphnis haar vergeten is. Lampis ontvoert Chloë. Gnatho hoort Daphnis weeklagen en haalt Chloë terug; Daphnis vergeeft Gnatho zijn aanrandingspoging en neemt hem in dienst. Dryas besluit het verhaal te vertellen van hoe hij Chloë als zuigeling in het heiligdom van de Nimfen had aangetroffen, en Dionysophanes willigt in met een huwelijk tussen de beiden, aangezien ook zij kennelijk van goed bedeelden huize is. Uiteindelijk wordt de echte vader van Chloë teruggevonden: Megacles uit Mytilene. Dionysophanes bevrijdt Daphnis’ ouders uit de lijfeigenschap. Daphnis en Chloë houden een groot huwelijksfeest op het platteland, waarop alle bevriende herders aanwezig zijn.

Verfilmingen[bewerken]

Het verhaal werd voor de eerste maal verfilmd in 1931 door de Griekse cineast Orestis Laskos (1908-1992) in het gelijknamige Dafnis kai Hloi.[1] In 1993 werd deze roman opnieuw verfilmd, ditmaal door de Russische regisseur Yuri Kuzmenko in de licht-erotische prent Dafnis i Khloya.[2]