Dawsonia superba

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Dawsonia superba
Dawsonia superba
Dawsonia superba
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Bryophyta (Mossen)
Klasse:Polytrichopsida
Orde:Polytrichales
Familie:Polytrichaceae
Geslacht:Dawsonia
Soort
Dawsonia superba
Grev. (1979)
Dawsonia superba, habitus
Dawsonia superba, habitus
Afbeeldingen Dawsonia superba op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Dawsonia superba op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Dawsonia superba is een soort mos van het geslacht Dawsonia.

Het is een soort van vochige bossen uit het oosten van Australië (New South Wales) en Nieuw-Zeeland

Met een lengte tot 60 cm wordt het als het grootste mos ter wereld beschouwd.

Etymologie en naamgeving[bewerken]

  • Engels: Giant Moss

De botanische naam Dawsonia is een eerbetoon aan de Engelse botanicus Dawson Turner(1775-1858).

De soortaanduiding superba komt uit het Latijn en betekent 'schitterend, geweldig'.

Kenmerken[bewerken]

Dawsonia superba is een topkapselmos met alleenstaande, tot meer dan 50 cm lange en in doorsnede 1,5 mm brede stengels, dicht bebladerd met vlakke stengelblaadjes.

De sporofyt heeft een dorsoventraal afgeplat sporenkapsel, met een peristoom met haarachtige tanden. De sporen zijn slechts 6 tot 10 micrometer groot, en behoren daarmee onder de kleinste mossporen. Ze worden verspreid door de regen: regendruppels die op de vlakke bovenkant van het sporenkapsel vallen, lanceren de sporen door het peristoom naar buiten.