Eduard Marius van Beyma

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Eduard Marius van Beyma
Plaats uw zelfgemaakte foto hier
Algemene informatie
Volledige naam mr. Eduard Marius van Beyma
Geboren 6 juni 1755
Geboorteplaats Harlingen
Overleden 6 augustus 1825
Overlijdensplaats Zweins
Partij Patriotten
Moderaten
Religie Gereformeerd
Titulatuur mr.
Alma mater Universiteit van Franeker
Politieke functies
1784-1787 Lid van Vroedschap van Harlingen
1782-1784 Gecommitteerde van Provinciale Rekenkamer van Friesland namens Zevenwolden
1785-1787 Lid van Gedeputeerde Staten van Friesland namens Harlingen
1788-1789 Lid van Gedeputeerde Staten van Friesland
1795- Lid van Representanten van het volk van Friesland
1796 Gedeputeerde van Staten-Generaal der Verenigde Nederlandse Provinciën
1796-1797 Lid van Eerste Nationale Vergadering, representerende het volk van Nederland
1797-1798 Lid van Tweede Nationale Vergadering
1797-1798 Lid van Constitutiecommissie van 1797
1798 Lid van Constituerende Vergadering representerende het Bataafse Volk
1798 Lid van Vertegenwoordigend Lichaam (1)
1798 Lid van Intermediair Administratief Bestuur van Friesland
1798-1799 Lid van Vertegenwoordigend Lichaam (2)
1799-1801 Lid van Vertegenwoordigend Lichaam (2)
1804-1805 Lid van Wetgevend Lichaam van het Bataafse Gemenebest
1805-1807 Lid van Raad van Financiën in het Departement Friesland
1816-1825 Grietman van Franekeradeel
Handtekening
Biografie op Parlement.com
Portaal  Portaalicoon   Politiek
Nederland

Eduard Marius van Beyma (Harlingen, 6 juni 1755 - Zweins, 6 augustus 1825) was een Nederlands bestuurder.

Biografie[bewerken | brontekst bewerken]

Van Beyma was een zoon van Julius Matthijs van Beyma (1727-1808), secretaris van de Admiraliteit van Friesland, en Fokel Helena van Burmania (1728-1801). Eduard Marius werd op 12 juni 1755 gedoopt in de Westerkerk te Harlingen.[1] Hij was een telg uit de familie Van Beyma.

Van Beyma werd in 1772 ingeschreven als student rechten aan universiteit van Franeker, al is niet bekend wanneer hij promoveerde.[2] Hij werd advocaat te Harlingen en trad onder meer op als Statenlid en Gedeputeerde. Hoewel hij gelijk stemgedrag vertoonde, was hij gematigder dan zijn broer Court Lambertus en volgde hij deze niet naar Franeker om daar een coup voor te bereiden.[3] Van Beyma was gedurende de Franse Tijd in Nederland onder meer lid van de Eerste Nationale Vergadering, de Tweede Nationale Vergadering, de Constituerende Vergadering, het Vertegenwoordigend Lichaam en het Wetgevend Lichaam.[4] Zijn toetreding tot de Nationale Vergadering werd in eerste instantie tegengewerkt. Gedurende de vergadering had Van Beyma een eigenzinnige houding en voerde hij oppositie tegen de Republikeinen.[5] Evenals zijn broer Court Lambertus behoorde Van Beyma tot de 600 hoogstaangeslagenen in 1811. In tegenstelling tot zijn broer werd Eduard Marius in 1814 wel uitgenodigd om deel te nemen aan de Vergadering van Notabelen om te stemmen over een nieuwe grondwet. Van Beyma is daar echter niet verschenen.[6] Na functies binnen het Departement Friesland te hebben bekleed werd hij in 1816 grietman van Franekeradeel.[3]

Hij overleed ongehuwd op 70-jarige leeftijd in Zweins. Van de bewaard gebleven memories van successie van Friesland van de periode 1818-1856 neemt de waarde van de nalatenschap van Van Beyma de tweehonderdste plaats in.[7] Zijn enige testementaire erfgenaam was zijn neef Petrus Johannes van Beyma (1783-1830).[8] De Kingmastate liet van Beyma na aan een andere neef, Julius Matthijs van Beyma thoe Kingma, welke hem tevens opvolgde als grietman van Franekeradeel.[9] Het Dekemahuis dat hij bezat in de stad Franeker liet hij na aan de grietenij Franekeradeel. Dit pand werd voor de ene helft bestemd als grietenijhuis en voor de andere helft als koffiehuis.[3]

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Voorganger:
J.S.G. Juckema van Burmania Rengers
Grietman van Franekeradeel
1816 - 1825
Opvolger:
J.M. van Beyma thoe Kingma