Gaston Eysselinck

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Gaston Eysselinck (Tienen, 12 oktober 1907 - Oostende, 6 december 1953) was een Belgisch architect en meubeldesigner. Hij schiep op korte tijd een beperkt maar krachtig oeuvre. Volgens Huib Hoste was Eysselinck één van de radicaalste figuren binnen de avant-garde.[1]

Biografie[bewerken]

Gaston Eysselinck
Gaston Eysselinck Profiel.png
Persoonsinformatie
Nationaliteit Belg
Geboortedatum 12 oktober 1907
Geboorteplaats Tienen
Overlijdensdatum 6 december 1953
Overlijdensplaats Oostende
Werken
Praktijk Architect
Belangrijke gebouwen Postgebouw te Oostende & Eigen woning te Gent
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

Eysselinck kreeg een opleiding aan de Koninklijke Academie te Gent, waar hij les krijgt van onder meer Geo Henderick. Eysselinck wist op korte tijd buitenlandse invloeden op persoonlijke wijze te interpreteren. Tijdens een studiereis door Nederland in 1929 leert de architect zowel gebouwen van de Amsterdamse School als werk van Dudok, Oud en Gerrit Rietveld kennen. De gevelopbouw van de woning Serbruyns (1930) verduidelijkt hoe hij de vormentaal van De Stijl interpreteert.[2] Rond die tijd die komt hij via Le Corbusiers werk Vers une architectuur in contact met de toen heersende Europese stromingen. Begin jaren 30 weet hij met zijn eigen woning aan de Vaderlandstraat te Gent al deze elementen tot een synthese te brengen. Voor deze woning ontwierp Eysselinck in 1932 een serie stalen buismeubelen die later in productie kwamen onder de naam FRATSTA, wat staat voor Fabriek van RATionele STAalmeubelen. Een deel van deze meubelen bevindt zich in de collectie van het Gentse Design Museum. Dit museum bewaart ook het archief van de ontwerper. De ontwerper was ook docent aan de Koninklijke Academie in Gent en Antwerpen en voor een tijd redactielid van het tijdschrift La Cité. In 1937 won hij de Prijs Van de Ven voor de woning Haerens te Gent (1934-35).

De eigen woning in Gent (1930-1931) en het Postgebouw in Oostende (1946-1953) zijn bepalende bakens binnen het Belgische architectuurlandschap van de 20e eeuw. Immers in zijn eigen woning weet hij het gedachtegoed van het Nieuwe Bouwen op vindingrijke wijze aan te passen aan de eisen van de locatie van het gebouw en de door Le Corbusier geformuleerde Vijf punten van een nieuwe architectuur op niet dogmatische wijze toe te passen. Deze woning wendt hij aan als een proefstation voor zijn eerste grote openbaar gebouw, het Postgebouw van Oostende. Het uiteindelijk ontwerp is het resultaat van een moeizaam ontstaansproces met verschil in visie met de Oostendse bouwadministratie, meer bepaald met architect-urbanist Jean-Jules Eggericx[noot 1]. Tijdens de uitvoering van het postgebouw ontstaan er in 1953 meningsverschillen tussen de architect en de opdrachtgever (de Regie voor Telefonie en Telegrafie) over het plaatsen van een beeldhouwwerk van Jozef Cantré voor het gebouw. Men ontzegt hem tenslotte de toegang tot de werf. Eysselinck overleed in 1953 door zelfdoding twee maanden na de dood van zijn vrouw. In dit verband stelt architect Albert Bontridder in Dialoog tussen licht en stilte: Mag men herinnerd worden aan het jammerlijke einde van een der meest verdienstelijke persoonlijkheden van de periode tussen de twee wereldoorlogen, architect Gaston Eysselinck, die het krachtige postgebouw van Oostende oprichtte, en die vrijwillig de dood is ingegaan, nadat tal van zijn ontwerpen schipbreuk leden.

Architecturaal oeuvre[bewerken]

  • 1930: Lijstenmakerij Serbruyns, Koningin Fabiolalaan 71 te Gent en woning Serbruyns (nr 72)
  • 1930-1931: Atelierwoning Gaston Eysselinck, Vaderlandstraat 120 in het Miljoenenkwartier in Gent (beschermd in 1994)
  • 1932: Woning De Waele, Abdisstraat 8 te Gent
  • 1932: Woning De Clerck, Abdisstraat 12 te Gent
  • 1933: Woning Van Hoogenbemt, Auwegemvaart Mechelen (beschermd in 1995)
  • 1933: Woning Contryn, Auwegemvaart te Mechelen (beschermd in 1995)[noot 2]
  • 1933-1934: Woning F. Peeters, Ter Rivierenlaan 55 te Deurne (beschermd in 1995)[3][4]
  • 1934: Woning Van Waes, Kortedagsteeg 41 te Gent[noot 3]
  • 1934: Fabriek voor lijsten voor Serbruyns, Afsneelaan 62, Gent
  • 1934: Flieberge Magazijn, Schoolstraat-Nieuwestraat, Gent
  • 1934: Woning Rombauts, Vogelvangstlaan 13 te Bosvoorde (verbouwd)
  • 1934: Woning Arends, Patijntjesstraat 166 te Gent
  • 1934: Woning De Baive, Patijntjesstraat, Gent
  • 1934: Woning Haerens, Patijntjesstraat 44, Gent[noot 4]
  • 1934: Woning Dr Calant, Gevaertsdreef 6 te Oudenaarde
  • 1935: Magazijnen Defauw, Magelijnstraat 31, Gent (verbouwd)
  • 1935: Woning K. Cornel, Zwijnaardesteenweg, Gent (verbouwd)
  • 1935: Woning Prof. L. De Coninck, Verschansingstraat, Mariakerke (Gent)
  • 1937: Appartementsgebouw, Pekelharing, Gent
  • 1937: Woning De Buck, Voetbalstraat, Gentbrugge
  • 1937: Rijwoning Vermarcken, Henri Pirennelaan 68 te Gentbrugge (beschermd in 1995)
  • 1937: Woning Stuyck, Zwijnaardsesteenweg, Gent
  • 1939: Woning Louis Brounts, Sint-Martens-Latem
  • 1939: Woning Jules De Sutter, Sint-Martens-Latem
  • 1939: Woning Devolder, Sportstraat, Gent
  • 1940: Woning Dr Lambrechts, Rozenbroekstraat, Sint-Amandsberg
  • 1946-1953: Postgebouw Oostende, Hendrik Serruyslaan 18 te Oostende met in 1963 geplaatst beeldhouwwerk van Jozef Cantré[noot 5]
  • 1952-1953: Woning De Wispelaere, Acacialaan 6 te Mariakerke[noot 6]
  • 1949-1955: Voormalig warenhuis van de verbruikerscoöperatieve Samenwerking Economie Oostende Gentstraat 6 en Romestraat 11 te Oostende[noot 7]

Bibliografie[bewerken]

  • Bontridder, A., Dialoog tussen Licht en Stilte. De Hedendaagse Bouwkunst in België, Antwerpen, Helios, 1963.
  • Daenens, L., Demeyer, H. en Dubois M., Gaston Eysselinck architect en meubeldesigner (1907-1953), Tentoonstellingscatalogus Stad Gent, Museum voor Sierkunst, Gent, 1978.
  • Dubois, M., Architect Gaston Eysselinck: De fatale ontgoocheling - Zijn werk te Oostende 1945-1953, Provinciaal Museum voor Moderne Kunst, Oostende, 1986.
  • Dubois, M., Architect Gaston Eysselinck en zijn meesterwerk, het postgebouw in Oostende, in: Monumenten en Landschappen, nr. 1, 1986.
  • Dubois, M., L'influence de Le Corbusier dans l'oeuvre de Gaston Eysselinck, Le Corbusier et La Belgique, CFC, Brussel/Editions-Fondation Le Corbusier, Parijs, 1997.
  • Dubois, M., e.a.,Interbellumarchitectuur en monumentenzorg, Provinciebestuur Oost-Vlaanderen, Dienst 92, Monumentenzorg en Cultuurpatrimonium, 1997 (Zie artikel: Witte doos in klassiek bouwblok. Woonhuis Gaston Eysselinck in Gent (1930-1931).)
  • Bekaert, G., Hedendaagse architectuur in België, Lannoo, Tielt, 1995.
  • Bekaert, G. en Strauven, F., La Construction en Belgique (1945-1970), Confédération nationale de la Construction, Bruxelles, 1971 (zie blz 309-310 met interview van W. Enzinck met Eysselinck over het bouwverhaal van het Postgebouw).
  • Vandenbreeden, J. en Vanlaethem, F., Art Deco en Modernisme in België - Architectuur in het Interbellum, Uitg. Lannoo, Tielt, 1996.
  • De Meyer, D. en Lagae, J., Gaston Eysselinck 1907-1953, in de Kooning, M. (red.), Horta and after. 25 Masters of Modern Architecture in Belgium, vakgroep Architectuur en Stedenbouw, Universiteit Gent, 1999, pp. 120–129.

Referenties[bewerken]

  1. Over Gaston Eysselinck
  2. De rijwoningen van Gaston Eysselinck
  3. Het bouwverhaal van de woning Peeters
  4. Woning F. Peeters - Inventaris bouwkundig erfgoed

Noten[bewerken]

  1. In een interview met W. Enzinck in Architectura, 1948, nr 1, blz 8 zegt hij in dit verband: J'ai aussi dû faire face à l'opposition venant de l'urbaniste conseiller d'Ostende: l'architecte Eggericx, ce qui est d'autant plus décévant qu'il faissait jadis partie du groupe révolutionnaire en matière d'architecture. A ce titre il a même acquis avec juste raison une certaine réputation, mais au fil des ans il s'est rélévé être un anti-révolutionnaire extrémiste et il semblait désavouer ses idéaux d'antan.
  2. De woningen Van Hoogenbemt en Contryn zijn twee ééngezinswoningen die verwijzen naar het werk van Le Corbusier op de Weissenhofsiedlung in Stuttgart
  3. Gebouwd i.s.m. Prosper Buyck; voorbeeld van kubistische architectuur met verwijzing naar de Nieuwe Zakelijkheid; nu volledig gerestaureerd; beschermd in 2005
  4. Voor deze woning won de ontwerper in 1937 de architectuurprijs Van de Ven
  5. Het gebouw werd in 1981 beschermd en de diensten van De Post verlieten het gebouw in 1999. Sinds 2012 is dit het cultuurcentrum van de stad Oostende
  6. Eysselincks laatste ontwerp waarin hij breekt met de klassieke bel-étagewoning; ramen en voordeur zijn vervangen
  7. Beschermd in 2002; sinds 1986 Provinciaal Museum voor Moderne Kunst, nu Kunstmuseum aan Zee of MuZEE