Gouden babiroessa

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gouden babiroessa
IUCN-status: Kwetsbaar[1] (2008)
Sus babirussa - 1700-1880 - Print - Iconographia Zoologica - Special Collections University of Amsterdam - UBA01 IZ21900197.tif
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Mammalia (Zoogdieren)
Orde: Artiodactyla (Evenhoevigen)
Familie: Suidae (Varkens)
Geslacht: Babyrousa (Babiroessa's)
Soort
Babyrousa babyrussa
(Linnaeus, 1758)
Originele combinatie
Sus babyrussa
Babyrousa babyrussa 02 MWNH 123a.jpg
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Zoogdieren

De gouden babiroessa of het hertenzwijn (Babyrousa babyrussa) is een zoogdier uit de familie van de varkens (Suidae). De wetenschappelijke naam van de soort werd als Sus babyrussa in 1758 gepubliceerd door Carl Linnaeus.[2]

Kenmerken[bewerken]

Een volwassen mannetje is onder meer herkenbaar aan zijn langere hoektanden in de onderkaak. Bij beide geslachten groeien de tanden in de bovenkaak dwars door de kaak omhoog, in de richting van de ogen. Bij oudere dieren zijn de tanden soms zo lang dat ze in de schedel gegroeid zijn. De vrijwel kale huid is bruin tot grijs. De lichaamslengte bedraagt 90 tot 100 cm, de staartlengte 27 tot 32 cm en het gewicht tot 100 kg.

Leefwijze[bewerken]

Gouden babiroessen eten vrijwel alles, van bladeren tot insecten en bessen. Ze leven in kleine groepjes, meestal met een mannetje aan het hoofd, maar er zijn ook solitair levende dieren gesignaleerd. De zeugen trekken met hun jongen in groepjes rond (tot 8 dieren).

Voortplanting[bewerken]

De draagtijd is ruim 4 tot 5 maanden, waarna er 1 of 2 jongen geboren worden.

Verspreiding[bewerken]

Deze soort komt voor in de moerasbossen en rietjungles van Sulawesi, Sula-eilanden en Buru.