Helikoptergeld

Helikoptergeld is het onconventionele instrument van het monetaire beleid van de centrale banken, dat inhoudt dat grote sommen geld worden gecreëerd om direct onder de bevolking te worden verdeeld en zo de economie te stimuleren. De aanduiding helikoptergeld wordt ook gebruikt als algemene aanduiding voor onconventionele (schok)maatregelen om de economie ten tijde van deflatie te stimuleren. De aanduiding werd voor het eerst gebruikt door de Amerikaanse econoom Milton Friedman, maar kreeg pas echt bekendheid toen Ben Bernanke er naar verwees in een toespraak in november 2002,[1] toen hij benoemd was tot lid van de Board of Governors of the Federal Reserve System. Daardoor kreeg hij de bijnaam "Helikopter Ben".
Een overeenkomst met een basisinkomen is, dat de overheid weinig of geen tegenprestatie verlangt, maar helikoptergeld wordt beschouwd als een op zichzelf staande gebeurtenis, niet als structurele inkomenspolitiek.
Milton Friedman
[bewerken | brontekst bewerken]Het idee van helikoptergeld als economische stimulans is in 1969 geïntroduceerd door de Amerikaanse econoom Milton Friedman in zijn artikel “The Optimum Quantity of Money”. Hierin maakte hij de volgende vergelijking:
Stel dat er op een dag een helikopter vliegt boven deze gemeenschap en een extra duizend dollar in bankbiljetten uitwerpt, die, vanzelfsprekend, snel worden verzameld door de leden van de gemeenschap. Laten we verder veronderstellen dat iedereen ervan overtuigd is, dat dit een unieke gebeurtenis is die nooit zal worden herhaald.
— Milton Friedman[2]
Friedman beredeneert vervolgens dat de toegenomen hoeveelheid geld zal leiden tot prijsstijgingen (inflatie).
Zie ook
[bewerken | brontekst bewerken]- ↑ Bernanke, Ben S., Deflation: Making Sure "It" Doesn't Happen Here. The Federal Reserve Board (21 november 2002). Gearchiveerd op 22 november 2002. Geraadpleegd op 23 maart 2016.
- ↑ The Optimum Quantity of Money. Aldine Publishing Company (1969), p. 4. Gearchiveerd op 23 juli 2023.