Hendrik Josephus Pos

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Hendrik Josephus Pos (Amsterdam, 11 juli 1898 - Haarlem, 25 september 1955) was een Nederlandse filosoof.

Na op zijn 17e in 1915 eindexamen gymnasium (zowel alpha als bèta) afgelegd te hebben, is H.J. Pos klassieke talen gaan studeren aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Hij studeerde af in 1920, waarna hij een jaar in Heidelberg en in Freiburg studeerde (bij Heinrich Rickert en Edmund Husserl). Hij promoveerde op 24 januari 1922 in Heidelberg, met een proefschrift getiteld: Zur Logik der Sprachwissenschaft. Daarna heeft hij nog een half jaar aan de Sorbonne college gelopen, onder andere bij de taalkundigen Joseph Vendryes en Antoine Meillet. In 1923 verkreeg Pos een tweede doctoraat, en wel aan de Vrije Universiteit. Dit was een vereiste voor de beoogde benoeming tot hoogleraar aldaar. Kort daarop werd hij op 25-jarige leeftijd benoemd tot hoogleraar in de algemene taalwetenschap en de klassieke letteren.

H.J. Pos was op zeer jonge leeftijd benoemd tot hoogleraar, omdat iedereen overtuigd was van zijn bijzondere bekwaamheid. Hij bleek echter in de loop der jaren steeds minder op zijn plek bij de Vrije Universiteit, omdat zijn eigen opvattingen steeds moeilijker te rijmen waren met de uitgangspunten waarop de Vrije Universiteit was gebaseerd. In 1932 werd hij dan ook benoemd aan de Universiteit van Amsterdam als hoogleraar 'Theoretische wijsbegeerte en geschiedenis der wijsbegeerte'. Deze benoeming was niet heel verrassend: al ten tijde van zijn VU-hoogleraarschap had Pos meer interesse voor taalfilosofie dan voor de klassieke filologie.

H.J. Pos heeft veel artikelen gepubliceerd, op verschillende deelgebieden van de filosofie, en hij genoot nationaal en internationaal veel aanzien. Hij was spreker op talloze conferenties en voorzitter van veel congressen en commissies, onder andere van het Comité van Waakzaamheid. Snel na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werd Pos door de Duitsers opgepakt[1] en moest hij zijn universitaire taken neerleggen. Na de oorlog vatte hij zijn taken weer op. Hij bekende zich nu nog meer tot het humanisme, en hij was dan ook betrokken bij de oprichting, in 1946, van het Humanistisch Verbond. Pos was van 1948 tot 1953 de eerste voorzitter van de Fédération Internationale des Sociétés de Philosophie (FISP), opgericht in Amsterdam in 1948 tijdens het 10e World Congress of Philosophy, dat voorgezeten werd door Pos.

In Nederland publiceerde een "Comité voor Vrede in Indonesië" op 21 december 1948 een veroordeling van de politionele acties als "strijdig met de beginselen van het internationale recht, gevaarlijk voor de wereldvrede en noodlottig voor het welzijn der volkeren van Indonesië." H.J. Pos was samen met onder meer dominee Buskes, een van de ondertekenaars. Ook ijverde Pos voor sympathieke relaties met de Sovjet-Unie.

Pos' naam is na zijn overlijden in 1955, ook binnen Nederland, niet heel bekend gebleven. Dit komt wellicht doordat zijn naam niet geassocieerd kan worden met één bepaald boek of met één specifieke filosofische overtuiging. Heel algemeen kan men zeggen dat hij zich in zijn tijd aan de VU vooral bezighield met taalfilosofie, dan zijn aandacht verlegde naar de systematische filosofie en de geschiedenis van de filosofie, en daarna kwamen, deels als gevolg van de tijdsomstandigheden, ook sociaal-politieke vraagstukken aan de orde.

Pos was sinds 1937 lid van de KNAW. Ook was hij eredoctor van de Universiteit van Poitiers.

Publicaties in boekvorm[bewerken]

  • 1922: Zur Logik der Sprachwissenschaft, eerste proefschrift.
  • 1923: Kritische Studien über philologische Methode, tweede proefschrift.
  • 1924: Algemeene taalwetenschap en subjectiviteit. Rede uitgesproken bij de aanvaarding van zijn hoogleraarsambt aan de VU.
  • 1926: Inleiding tot de taalwetenschap.
  • 1929: Het onbepaalde in de taal en in de taalkunde. Dies-rede 21 oktober 1929.
  • 1932: Het apriori in de geesteswetenschappen. Rede uitgesproken bij de aanvaarding van zijn hoogleraarsambt aan de Universiteit van Amsterdam.
  • 1940: Filosofie der wetenschappen. Vijf inleidende voordrachten.
  • 1940: Uren met Bergson.
  • 1957-8 (Postuum uitgegeven): Keur uit de verspreide geschriften van Dr. H.J. Pos (twee delen).
  • 2014: Écrits sur le langage. Choisis, traduits et présentés par Patrick Flack. Genève & Lausanne: sdvig press.

Bronnen[bewerken]

  • H.J. Pos (1898-1955), taalkundige en geëngageerd filosoof. Onder redactie van S. Daalder en J. Noordegraaf (1990).
  • Jan Noordegraaf: 'Hendrik J. Pos (1898-1955) and the History of Linguistics' [1991]. In: Jan Noordegraaf, The Dutch Pendulum. Linguistics in the Netherlands 1740-1900. Münster: Nodus Publikationen 1996, 159-174 (http://hdl.handle.net/1871/51492).
  • Peter Derkx: H.J. Pos, 1898-1955: Objectief en partijdig (1994).
  • George Harinck en Thea Valk-Le Cointre: Jeugdbrieven van H.J. Pos (1917-1927). Brieven van H.J. Pos aan W.M. Le Cointre (2000).

Internet links[bewerken]