Huishouden

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een huishouden, geschilderd door Jan Steen

Een huishouden is zowel een gezin of woongemeenschap, als de bijbehorende werkzaamheden om in de voeding en onderdak van dat huishouden te voorzien.

Algemeen[bewerken]

Bezigheden van de vrouw volgens een centsprent (ca. 1845): naaien, spinnen, breien, borduren, citer spelen, forte piano spelen, koffie zetten, glazen wassen, kleding wassen, onderwijzen, strijken, afwassen

Het ritme van het huishouden wordt gedicteerd door de dagelijkse beslommeringen, de al dan niet gezamenlijk genuttigde maaltijden der gezinsgenoten, de jaarlijks terugkerende feesten en feestjes, schoonmaakwerkzaamheden enzovoort. In de huishoudens worden kinderen geboren, worden deelnemers ziek en weer beter en sterven ze. Een huishouden fungeert dan achtereenvolgens als geboortehuis, ziekenhuis en sterfhuis. Deze gebeurtenissen kunnen ook plaatsvinden in een ziekenhuis of hospitaal. Jongvolwassenen verlaten het huis om elders een huishouden te stichten of zij worden deelgenoot van een ander huishouden.

Huishouden kan zowel betaald als onbetaald worden uitgevoerd. De huishoudster voert de huishouding in opdracht van haar werkgever en wordt hiervoor betaald. Zij heeft eventueel de beschikking over een huishoudelijke hulp, een tuinman en een klusjesman. Het huishouden is een dagelijkse bezigheid. De huishoudster kan gezien worden als de (betaalde) vervangster van de huisvrouw.

Bij diverse onderdelen van de sociale zekerheid in Nederland kan een gezamenlijke huishouding de uitkering verlagen of verhogen.

Geschiedenis[bewerken]

Een oikos, meervoud oikoi (Oudgrieks: οἶκος, meervoud: οἶκοι) is het equivalent van onder meer huis, familie, gezin, huishouden. De oikos was de hoeksteen van de samenleving tijdens de Klassieke periode. Deze kleinste eenheid binnen de Griekse gemeenschap van vrije burgers werd gevormd door de wettige verwanten van een man, die bij hem in huis woonden, zijn slaven en zijn concubines. De basis daarvan werd indertijd gevormd door de kleros, een stuk land waarvan de man zowel juridisch als economisch eigenaar was.

Huishoudelijke taken[bewerken]

Kind dat afwast

Enkele activiteiten binnen het huishouden zijn:

  • wassen van kleding
  • strijken van kleding
  • afstoffen van meubels
  • dweilen van vloeren
  • stofzuigen
  • de boodschappen doen
  • eten koken
  • afwassen van de vaat
  • ramen lappen

Deze taken werden traditioneel meestal door vrouwen gedaan. Huishoudelijke taken die traditioneel door mannen werden gedaan zijn:

  • planken ophangen
  • meubilair repareren
  • tuin verzorgen
  • onderhoud apparatuur
  • vloeren leggen
  • lampen ophangen

De huishoudelijke taken zijn dus vaak op een bepaalde manier verdeeld tussen vrouwen en mannen. Vooral na de industriële revolutie werden de taken van de man voor een deel naar buiten het huis verplaatst. Na (vooral) de tweede feministische golf is die verdeling van de hoeveelheid en de aard van de huishoudelijke taken minder vanzelfsprekend geworden.

Overige betekenissen van het begrip[bewerken]

Het woord huishouden komt ook in samenstellingen voor: staatshuishouden, wereldhuishouden en waterhuishouden. Huishouding is in deze samenstellingen synoniem aan beheer of bestuur.

Verder wordt het aantal huishoudens in de statistiek (van bijvoorbeeld de CBS) ook bepaald door het aantal huisadressen te tellen. In 2011 woonden er in Nederland gemiddeld 2,2 personen per huishouden.[1]

Huishouden is een werkwoord dat teisteren betekent. Zo kunnen een orkaan, een vloedgolf en een leger huishouden.

De toegepaste wetenschap van het huishouden wordt huishoudkunde genoemd.

Naar aanleiding van veel schilderijen van Jan Steen wordt een rommelig huishouden wel een huishouden van Jan Steen genoemd.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Icoontje WikiWoordenboek Zoek huishouden in het WikiWoordenboek op.