IJzerkoekje

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
1rightarrow blue.svg Zie ook kniepertie, een dunne zoete, harde wafel die soms ijzerkoek wordt genoemd.
Recept IJzerkoekjes
IJzerkoekjes
IJzerkoekjes
Ingrediënten
Bereidingswijze

Deeg met alle ingredienten goed kneden; dit een halve dag in de koelkast leggen; daarna met deegrol uitrollen op plank met bloem, ca 6-8 mm dik. Koekjes met ijzerkoekjesvorm uitsteken en op matig vuur bakken met ijzerkoekijzer, enkele minuten aan beide zijden.

Portaal  Portaalicoon   Eten en drinken

Een ijzerkoekje is een ovaal smeuiig koekje van ruim een halve centimeter dik met een karakteristieke kaneelachtige smaak. De koekjes stammen uit Vlaardingen en worden (niet helemaal gaar) gebakken op een geruite ijzeren plaat, wat voor een karakteristiek patroon zorgt.

Oorsprong[bewerken]

Volgens de overlevering was het de kruidenier Daatje de Koe (1838-1915) die als eerste Vlaardingse ijzerkoekjes maakte. Nadien is het product door verschillende Vlaardingse bakkers in het assortiment opgenomen.

Onderzoek van de Vlaardingse bakker Hazenberg in streekarchieven liet zien dat het koekje waarschijnlijk ouder is en stamt uit de 18e eeuw.[1]

Door de samenstelling van het deeg en de bereidingswijze bleven de koekjes lang smakelijk. Dit zorgde ervoor dat ze populair waren onder Vlaardingse vissers, en later ook andere vissers. IJzerkoekjes hebben bovendien een hoge voedingswaarde en werden mogelijk ook om die reden meegenomen naar zee.

Er hebben lange tijd twee typen ijzerkoekjes bestaan, dikkere voor bij de koffie en dunnere voor bij de thee.

Tegenwoordig zijn de ijzerkoekjes verkrijgbaar bij de meeste Vlaardingse banketbakkers. Ook zijn er speciale ijzers in de handel om zelf de koekjes te kunnen bakken en is er 'ijzerkoekjes-meel' - in Vlaardingen - verkrijgbaar.

Recept[bewerken]

Het recept varieert wat maar dit geldt als het originele recept van een van de Vlaardingse bakkers:

  • Voor ongeveer 35 koekjes neem je
    • 450 g (Zeeuwse) bloem,
    • 325 g witte of bruine basterdsuiker.
    • 300 g boter (of margarine),
    • enkele theelepels kaneel en
    • een snufje zout.
  • Vervolgens
    • de ingrediënten kneden,
    • het deeg een halve dag laten rusten in de koelkast,
    • het deeg uitrollen, circa 6-8 mm dik, en uitsteken met een ijzerkoekjesvorm,
    • aan beide kanten bakken op matig vuur op een ijzerkoekjesijzer, enkele minuten per kant.

Sommigen kiezen voor verhoudingsgewijs meer bloem en voegen ei - of eidooier -, koekkruiden, water/melk en/of vanille toe. Het 'oorspronkelijke' recept van De Koe meldt:

  • 1 kilo Zeeuwse bloem,
  • 550 gram boter,
  • 550 gram bruine basterdsuiker en
  • 10 gram kaneel.

Omdat de koekjes vaak niet helemaal gaar gebakken worden, is toevoeging van ei overigens riskant.

Niet alle thuisbakkers leggen het deeg in de koelkast. Oorspronkelijk werden de koekjes vermoedelijk in een soort wafelijzer geklemd en niet eenzijdig gebakken.

Zie ook[bewerken]