Johan II van Kleef

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Johan II
1458-1521
Johann II von Kleve (Ausschnitt).jpg
Hertog van Kleef
Periode 1481-1521
Voorganger Johan I
Opvolger Johan III
Graaf van Mark
Periode 1481-1521
Voorganger Johan I
Opvolger Johan III
Vader Johan I van Kleef
Moeder Elisabeth van Bourgondië-Nevers
De verovering van Rhenen op 8 juli 1499 door de Groote Garde, in opdracht van Jan II van Kleef

Johan II (13 april 1458 - 15 maart 1521) was de oudste zoon van graaf Johan I van Kleef en Elisabeth van Bourgondië-Nevers. Omdat hij 63 buitenechtelijke kinderen had, werd hij ook wel 'de Kindermaker' genoemd.

Levensloop[bewerken]

Johan groeide net als zijn vader, in zijn kinderjaren op aan het Bourgondische hof. Op latere leeftijd begeleidde hij Karel de Stoute op een van zijn veldtochten tegen de Zwitsers, hij was onder andere aanwezig bij het Beleg van Neuss en de Slag bij Nancy. In 1481 volgde hij zijn vader op als hertog van Kleef en als graaf van Mark-Altena. Hoewel zijn vader hem had gewaarschuwd zich niet tegen het Huis Bourgondië te keren, deed hij dit echter wel doormiddel zich achter de steden Utrecht en Amersfoort te scharen die zich tegen de bisschop David van Bourgondië opstelden, wat het begin was van de Stichtse Oorlog. Hij steunde oftewel stuurde zijn jongere broer Engelbrecht van Kleef met een troepen macht naar het Sticht Utrecht. Op het zelfde moment vonden ook de Hoekse en Kabeljauwse twisten plaats die zich tegen Maximiliaan van Oostenrijk hadden gekeerd, deze beheerde het erfgoed van Bourgondië en moest zich weren tegen de opstandige Hoeken. Johan's troepen wisten beslag te leggen op veel steden en dorpen in het Sticht Utrecht en ook de steden Arnhem en Wageningen in het zwalkende Gelre wist hij te bezetten. Echter kwam Maximiliaan met een grote krijgsmacht eind augustus 1483 naar het Sticht waar hij het beleg van Utrecht opzette. Hij nodigde Johan uit om te komen onderhandelen, maar voordat dit kon plaatsvinden, was zijn broer Engelbrecht al gevangen genomen. Op 3 september 1483 werd een vredesbestand gesloten, waarbij Johan de steden Arnhem, Wageningen en 600 man voor een maand moest afstaan.

Zijn poging om het hof van Bourgondië na te bootsen ruïneerde de schatkist van het hertogdom Kleef volledig. Hierdoor raakte hij in onmin met de standen en moest hij hen vele toegevingen doen en ambten verpachten. In 1496 bracht hij de eenmaking met Gulik-Berg tot stand, als tegengewicht voor de as Bourgondië-Habsburg. Zoals zijn voorgangers zette hij zich af tegen de aartsbisschop van Keulen en tegen Gelre.

Door de overeenkomst met Maximiliaan gesloten in 1483, ondersteunde hij deze in zijn strijd tegen Karel van Egmont, hertog van Gelre, voor het bezit van het Hertogdom Gelre. Na het overlijden van bisschop David van Bourgondië in 1496, probeere hij een van zijn andere broers op de bisschopsstoel te krijgen, beidde militaire en politieke akties mislukte. In 1499 nam hij weer de wapens op tegen het Sticht Utrecht, mogelijk vanuit een soort wrok omdat hij geen van zijn broers op de bisschopszetel kon krijgen. Het resulteerde in het Beleg en plundering van Rhenen en het plat branden van een grote weide bij de stad Utrecht, waarna in juli de vrede werd getekend met Frederik van Baden.

Huwelijk en kinderen[bewerken]

Johan trouwde in 1489 met Mathilde van Hessen (1473-1505), dochter van landgraaf Hendrik III van Hessen-Marburg, en werd vader van:

  • Johan (1490-1539)
  • Anna (1495-1567), in 1518 gehuwd met graaf Filips III van Waldeck-Eisenberg
  • Adolf (1498-1525), door zijn verwant (een neef van zijn vader) Filips van Kleef, heer van Ravenstein en Wijnendale, aangewezen als erfgenaam in de heerlijkheid Wijnendale, maar Adolf stierf voor het overlijden van Filips (1528)

Litratuur[bewerken]