Kasteel Stapelen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kasteel Stapelen
kasteel Stapelen begin 18e eeuw of vroeger, tekening A. de Haen

Het Kasteel Stapelen in Boxtel is bekend als klooster en hoofdvestiging van de Nederlandse assumptionisten.

Kasteel Stapelen is al een eeuw lang in gebruik als klooster. Op dit moment verblijven er nog ongeveer tien paters Assumptionisten. De congregatie van de Assumptionisten houdt zich in Nederland en het buitenland bezig met zielzorg, katholiek geïnspireerde journalistiek, onderwijs, bedrijfsapostolaat en missiewerk.

De naam van het kasteel[bewerken]

De naam van het met een slotgracht omringde kasteel is een raadsel. Verschillende etymologische woordenboeken geven verschillende betekenissen voor het woord stapel. Het zou onder meer fundament kunnen betekenen of stapelplaats, maar ook zuil of kerktoren. In 1134 heette Stapelen de Stapelo, de naam is dus al oud, maar een goede verklaring lijkt in de nevelen van de tijd verborgen.

Geschiedenis[bewerken]

Kasteel Stapelen werd rond de 13e eeuw gebouwd door een lid van het geslacht van Randerode. De eerste vermelding ervan stamt uit 1293. Zie: lijst van heren en vrouwen van Boxtel. De heerlijkheid Boxtel was aanvankelijk een leen van het graafschap Loon. In het begin van de dertiende eeuw kwam het kasteel Stapelen in het bezit van Willem I van Boxtel (van Randerode), gehuwd met Aleidis van der Aa, weduwe van Hendrik van Cuijck, en later met haar kind Justina van Diepenbeek. Hij werd door de hertog van Brabant tot ridder geslagen. Verschillende geslachten volgden dat van Van Boxtel op. Van Merheim en Van Ranst waren de opvolgende eigenaren van Stapelen. In de zestiende eeuw kwam Stapelen aan het geslacht Van Horne. Dit bleef zo tot 1763. In 1645 werd het kasteel door Filips van Leefdael omschreven als een groot out Casteel met wijde schoone grachten. Na 1763 kwam de heerlijkheid aan het geslacht Van Salm-Kyrburg. Frederik III van Salm-Kyrburg vond echter, ten gevolge van de Franse Revolutie, in 1794 de dood onder de guillotine te Parijs. Het ancien régime werd opgeheven en Kasteel Stapelen werd verbeurd verklaard. In 1810 werd het nog omschreven als zeer groot en van ouderwetse bouworde, en in 1815 werd het kasteel verkocht. Via verschillende eigenaren werd het kasteel ten slotte gekocht door een raadslid uit 's-Hertogenbosch, Hendrik Mahie.

Hij liet het kasteel geheel verbouwen in de neo-gotische stijl. Hierdoor kreeg het een kasteelachtige vormgeving die beantwoordde aan een 19e-eeuws ideaalbeeld. Er was echter ook kritiek, daar het verbouwd werd in de toen bewonderde Engelse trant en dus een aanblik kreeg die niet overeenkwam met wat in Nederland voor kastelen gebruikelijk was.

Na de dood van haar man bleef de weduwe Mahie op het kasteel wonen. Ze wilde wel vertrekken, maar dan moest het kasteel een klooster worden. Er werden daarom advertenties in dagbladen geplaatst, waarop de paters Assumptionisten reageerden. Zij betrokken omstreeks 1915 het kasteel en sindsdien is het dus een klooster.

Aanvankelijk was in het kasteel ook een kleinseminarie ondergebracht, maar wegens de grote toestroom van seminaristen was uitbreiding noodzakelijk en werd in 1927, dicht bij het kasteel, in de kasteeltuin een nieuwbouw geplaatst, onder de naam 'Apostolische School St. Theresia', ook wel genoemd Missiehuis St. Theresia. Het werd een voor deze omgeving enorm groot gebouw, dat echter rond 1970 zijn functie als kleinseminarie verloor. Dit gebouw is thans in gebruik als appartementengebouw.

Architectuur[bewerken]

Het zuidelijke gedeelte van het kasteelcomplex bevat nog vele oude elementen. Zo heeft de ridderzaal nog de oorspronkelijke veertiende-eeuwse kap en een tongewelf. De stenen muren van de gebouwen van deze vleugel ontstonden in de zestiende eeuw. De achtkante toren aan de oostzijde stamt uit de middeleeuwen, evenals de twee torens aan de westkant van het hoofdgebouw en de kapel die zich aan de zuidzijde bevindt. In deze kapel is nog een altaarstuk uit ongeveer 1600 dat de wapens van de familie Van Horne bevat.

De noordzijde van het kasteel is in de negentiende eeuw vrijwel geheel vernieuwd. Bij opgravingen in het kader van de restauratie van 1968, werden fundamenten van vroegere stallen gevonden op de plaats waar, tegen de westwand, in 1957 autoboxen werden opgetrokken. Voor de huidige zuidvleugel bleken nog meer gebouwen gestaan te hebben, zodat de binnenplaats vroeger beduidend kleiner moet zijn geweest. De zuidvleugel bleek op een zandplaat gefundeerd te zijn, maar de noordzijde is gebouwd op opgehoogde grond. Het kan dus zijn dat de zuidvleugel in de eerste jaren van zijn bestaan direct aan het riviertje de Dommel heeft gestaan.

Legende[bewerken]

Er is aan kasteel Stapelen een legende verbonden. Kort voor het jaar 1400 werd door priester Eligius, die in de kapel de mis opdroeg, witte geconsacreerde wijn gemorst op het altaarkleed. Er verscheen op dit kleed een rode vlek, die er niet meer uitgewassen kon worden. De priester hield deze kwestie tot op zijn sterfbed geheim, waar hij het vertelde aan de toenmalige kasteelheer Willem van Merheim. Deze kreeg van de geestelijkheid toestemming de doeken aan het volk te tonen, waaruit ten slotte in Boxtel de processie van het Heilig Bloed is voortgekomen, die jaarlijks gehouden wordt op de eerste zondag na Pinksteren.

Bezichtiging[bewerken]

Omdat kasteel Stapelen nog in dienst is als klooster, is deze alleen op afspraak te bezichtigen. Het kasteel is echter voor publiek ook goed te zien vanuit het omringende vrij toegankelijke park.

Externe links[bewerken]