Keelamandel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
vergrote keelamandelen
Hier is de linker keelamandel goed te zien als een witte substantie in de amandelnis.

De keelamandelen of tonsillen (Tonsillae palatinae), meestal gewoon "de amandelen" genoemd, zijn de gepaarde amandelklieren direct aan het begin van de orofarynx. Ze zijn, indien nog aanwezig, achter in iemands open mond zichtbaar links en rechts naast de tong en links en rechts van de huig, in de zogeheten amandelnissen, de kleine ruimtes tussen de twee tonsilbogen.

Beschrijving[bewerken]

De amandelen zijn groot bij kinderen in de leeftijd van 3 tot 10 jaar. Ze worden nog groter tijdens de puberteit, en nemen daarna in omvang af. Bij de meeste volwassenen zijn ze klein en onopvallend en soms zelfs bijna niet meer te zien.

Ze zijn grotendeels gevuld met lymfoïde weefsel en bevatten daarnaast diepe inhammen (crypten). Ze maken deel uit van het lymfevatenstelsel en van de ring van Waldeyer, een verzameling van afweercellen bevattende structuren die als een soort ring rondom de ingang tot het darmkanaal liggen.

Functie[bewerken]

De keelamandelen hebben primair een functie bij de afweer, net als de neusamandel, de tongamandelen en de elders in het lichaam gelegen lymfeklieren. De keelamandelen beschermen het lichaam tegen verschillende bacteriën en virussen, die via de mond binnen komen en zo ernstige ziektes kunnen veroorzaken. Dit lijkt ook bevestigd te worden door het feit dat bij mensen bij wie de keelamandelen verwijderd zijn, bepaalde ziektes veel vaker voorkomen dan bij mensen die hun keelamandelen nog wel hebben, zoals verschillende soorten kanker en auto-immuunziekten.[1][2]

Zie ook: Gevolgen van tonsillectomie voor het immuunsysteem

Afwijkingen[bewerken]

Vooral in de vroege jeugd, maar soms ook later kunnen de keelamandelen opzetten en ontstoken raken, dit heet tonsillitis. Indien dit erg vaak gebeurt of wanneer sprake is van hyperplasie, zal de arts soms besluiten over te gaan tot tonsillectomie, het "knippen" van de amandelen. Dit was vroeger een zeer populaire ingreep; wetenschappelijk onderzoek heeft hier echter de laatste decennia grote vraagtekens bij gezet.[3][4][5][6][7][8][9][10][11][12] Desalniettemin werden in Nederland in 2013 nog steeds bijna tweemaal zoveel amandelen verwijderd als het gemiddelde van de omringende westerse landen.[13]

Gezwollen en ontstoken amandelen kunnen leiden tot keelpijn en pijn in de hals, algehele moeheid en lusteloosheid, maar ook tot slapeloosheid, slaapapneu en problemen bij het slikken. In een enkel geval, wanneer de infectie zich uitbreidt naar de omliggende gebieden, leidt dit tot een abces waardoor het slikken en openen van de mond bijna niet meer mogelijk is.[14]

Bij oudere patiënten is soms sprake van asymmetrische amandelen, hetgeen kan wijzen op aandoeningen als maligne lymfoom of plaveiselcelcarcinoom.

Op de amandelen kan zich daarnaast soms een witte of crèmekleurige substantie ter grootte van een peperkorrel afzetten, tonsilloliet of amandelsteen geheten. Deze afzetting kan zich bijvoorbeeld vormen uit restjes voedsel die niet zijn doorgeslikt. Amandelstenen zijn over het algemeen niet ernstig, maar kunnen wel onaangename bijwerkingen zoals een onwelriekende geur uit de mond (halitose) en soms oorpijn tot gevolg hebben. Ze kunnen bijvoorbeeld met een wattenstaafje voor de spiegel worden verwijderd.[15]

Icoontje WikiWoordenboek Zoek keelamandel op in het WikiWoordenboek.