Kemmel Chateau Military Cemetery

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kemmel Chateau Military Cemetery
Toegang tot de begraafplaats
Toegang tot de begraafplaats
Bouwjaar 1914
Locatie Kemmel, Vlag van België België
Totaal aantal slachtoffers 1.157
Ongeïdentificeerde slachtoffers 25
Type Militaire begraafplaats
Verantwoordelijke Commonwealth War Graves Commission
Ontwerper Edwin Lutyens

Kemmel Chateau Military Cemetery is een Britse militaire begraafplaats met gesneuvelden uit de Eerste- en Tweede Wereldoorlog, gelegen in het Belgische dorp Kemmel. De begraafplaats ligt in het noorden van het dorpscentrum en is ontworpen door Edwin Lutyens. Ze heeft een rechthoekig grondplan met een oppervlakte van 5.384 m² en wordt onderhouden door de Commonwealth War Graves Commission. Achteraan aan de oostkant staat het Cross of Sacrifice, centraal aan de noordkant de Stone of Remembrance. De begraafplaats.

Er worden 1.157 doden herdacht, waarvan 25 niet geïdentificeerde.

Geschiedenis[bewerken]

Kemmel lag tijdens de oorlog nabij het front van de Ieperboog, in geallieerd gebied. In het noordoosten van het dorpscentrum stond tot voor de oorlog het kasteel van Kemmel. In het noorden van het kasteeldomein begon men in december 1914 met de aanleg van de begraafplaats. De troepen bleven de begraafplaats gebruiken tot maart 1918, want eind april dat jaar namen de Duitsers bij hun lenteoffensief het dorp in. Op 31 augustus 1918 kon Kemmel heroverd worden, maar door de beschietingen van de voorbije maanden waren het kasteel en de begraafplaats verwoest. Het kasteel werd niet meer herbouwd.

Er liggen nu 1.030 Britten (waarvan 21 niet geïdentificeerd konden worden), 24 Australiërs (waarvan 1 niet geïdentificeerde), 80 Canadezen en 1 Nieuw-Zeelander uit de Eerste Wereldoorlog begraven. Onder hen zijn 11 gesneuvelde tunnelgravers die op 10 juni 1916 omkwamen bij de explosie van een mijnschacht in Petit Bois in Wijtschate.

Er rusten ook nog 21 Britten (waarvan 3 niet geïdentificeerde) en 1 Noord-Afrikaanse Franse soldaat uit de Tweede Wereldoorlog. Zij kwamen om tijdens de terugtrekking van het British Expeditionary Force naar Duinkerke in mei 1940.

De begraafplaats werd in 2009 als monument beschermd[1].

Graven[bewerken]

  • Guy Louis Busson du Maurier, luitenant-kolonel bij de Royal Fuseliers. Hij werd onderscheiden met de Distinguished Service Order (DSO). Hij was 49 jaar toen hij tijdens een bombardement sneuvelde op 9 maart 1915 en was de oom van de Engelse schrijfster Daphne du Maurier.
  • Edward Macmahon Seddon, luitenant-kolonel bij de Royal Garrison Artillery en John Angel Gibbs, majoor bij het Welsh Regiment werden onderscheiden met de Distinguished Service Order (DSO).
  • majoor Alan Robert Constantine Jenks, de kapiteins Lawrence Alexander Lewis Fink, Capel Desmond O'Brien Butler, James Patrick Roche, David Francis Scollard, Arthur Cecil Scriven, Heffernan James Considine, Frederick John Henry Tobial Frere, William Bertram Wood, Ivan Harold Garvey en Francis Henry Nash en de onderluitenant James Acheson Maclean werden onderscheiden met het Military Cross (MC).
  • P. Collins, soldaat bij de Connaught Rangers werd onderscheiden met de Distinguished Conduct Medal (DCM).
  • korporaal J. Hegarty ontving de Military Medal (MM).
  • soldaat Krag-Juel-Vind-Frijs, Count Ove is een Deense graaf die bij de Canadian Infantry dienstdeed.
  • James Smith, soldaat bij The King's (Liverpool Regiment) werd wegens desertie geëxecuteerd op 5 september 1917. Hij was 26 jaar.
  • Stanley Stewart, soldaat bij het 2nd Bn. Royal Scots Fusiliers, werd wegens desertie geëxecuteerd op 29 augustus 1917. Hij was 21 jaar.[2]

Externe links[bewerken]